Genealogische website van Cees Hagenbeek
Otto von Wormgau
Otto von Wormgau, geb. circa 655.

Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Adalheim*680  †764  84


Becharius
Becharius ,
, Afstamming van deze achtereenvolgend in oorkonden voorkomende heeren aannemende van den Hofmeier Otto, zoon van Bercharius, verder Otto's zoon is Ebroïn, diens broeder Bercharius (stierf 692) van wie twee zonen Otto en Everhard (afgezet zijn tusschen 719 en 721) wiens zoon was Bercharius of Werner de hofmeier.
Werner was de vader van Everhard, die in 794 Graaf was in Hameland.
Volgens J. M. Kremer had de hofmeier Bercharius een zoon, Otto graaf van de Wormsgou, die hij tot de stamvaders rekent van het huis van Nassau.

Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Otto*655     


Leutharius II van Allemannië
Leutharius II van Allemannië, geb. in 600, Hertog van Allemannië, ovl. in 675.

tr. (1)
met

Appa van Friuli, dr. van Gisulf II van Fruili en Rodelinde van Thüringen, geb. circa 600.

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Becharius     
Gotfried*640  †709  69

tr. (2)
met

NN van Bourgondië, geb. circa 610


Appa van Friuli
Appa van Friuli, geb. circa 600.

tr.
met

Leutharius II van Allemannië, zn. van Unzelinus van Allemannië (Hertog van Allemannië), geb. in 600, Hertog van Allemannië, ovl. in 675, tr. (2) met NN van Bourgondië. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Becharius     
Gotfried*640  †709  69


Amalfried van Thüringen
Amalfried van Thüringen, geb. circa 524.

Hij krijgt een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Rodelinde*565     


Rodelinde van Thüringen
Rodelinde van Thüringen, geb. circa 565.

tr.
met

Gisulf II van Fruili, geb. circa 563.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Appa*600     


Gisulf II van Fruili
Gisulf II van Fruili, geb. circa 563.

tr.
met

Rodelinde van Thüringen, dr. van Amalfried van Thüringen, geb. circa 565.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Appa*600     


Hendrik I van Bierbeek
Hendrik I van Bierbeek, geb. circa 1060, ovl. na 1119.

tr.
met

Ermentrudis van Viesville, dr. van Radulf van Viesville (Heer van Gosselies) en Petronella van Florennes de Roucy, geb. circa 1070.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Hendrik II*1090 Bierbeek [België] †1160  70


Ermentrudis van Viesville
Ermentrudis van Viesville, geb. circa 1070.

tr.
met

Hendrik I van Bierbeek, geb. circa 1060, ovl. na 1119.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Hendrik II*1090 Bierbeek [België] †1160  70


Radulf van Viesville
Radulf van Viesville, geb. circa 1040, Heer van Gosselies, ovl. Gosselies [België] in 1113.

tr.
met

Petronella van Florennes de Roucy, dr. van Gottfried III van Rumigny-Florennes (heer van Florennes) en Hedwig van Roucy, geb. circa 1050, ovl. Gosselies [België] in okt 1131.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ermentrudis*1070     


Petronella van Florennes de Roucy
Petronella van Florennes de Roucy, geb. circa 1050, ovl. Gosselies [België] in okt 1131.

 

tr.
met

Radulf van Viesville, geb. circa 1040, Heer van Gosselies, ovl. Gosselies [België] in 1113.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ermentrudis*1070     


Arnoud I van Arkel van Noordeloos
Arnoud I van Arkel van Noordeloos, geb. circa 1260, ovl. in 1307.

  • Vader:
    Johan (Jan) Herbaren de Sterke (Jan I (III) de Sterke) van Arkel Heer van der Lede1, zn. van Herbaren II Floris van de Lede van Arkel (ridder vermeld 1227-1253) en Alveradis van Heusden, geb. Gorinchem circa 1220, heer van Arkel, ridder, Ridder, Heer van Arkel 2, Ridder, Heer van Arkel 3, ovl. Gorinchem (Arkel) op 15 mei 1272, begr. Gorinchem,
    ,
    Jan I van Arkel volgt zijn vader Herbaren op kort voor 1253. Komt voor als getuigen van zijn oom Jan I van der Lede op 7 maart 1253 en 12 juni 1254 bij de verlening van een derde van Dalem en op 29 october 1263 wanneer hij een bloedverwant beleent met de goederen bij Slingeland. Laatst vermeld in 1264, waarschijnlijk gestorven in of net voor 1272.
    Jan I (de Sterke). Vermeld als broer van Herbaren van den Berghe in de enig bekende oorkonde van Herbaren, gedateerd 17 maart 1253 (Kerststijl) of 1254 (Paasstijl).
    Dat Jan I van Arkel de oudste zoon was blijkt uit het gegeven dat Arkel de leenheer was over de kenmerkende bezittingen van de jongere takken: De Grote Waard; Noordeloos; Berghambacht; Heukelom. Arkel was ook leenheer over de heerlijkheden Hoog-Blokland; Oosterwijk; (Over-)Slingeland; Leerdam en Leede; Stolwijk; Haastrecht; Willige Langerak;
    etc. In de akte van 17.3.1253 (OHZ-.) treedt hij, als heer
    van Arkel en ridder genoemd, met zijn broer, heer Herbaren van den Berghe, op als getuige voor heer Jan van der Lede. In het volgende jaar, op 25.6.1254, vinden wij hem met zijn broers Otto en Hugo vermeld in de oorkonde waarin heer Jan van der Lede en zijn neef Hugo van Arkel heer Floris van Dalem belenen met een derde van Dalem.
    Op 29.10.1263 beleent hij zijn "cognatus" Otto met het bedijkte land dat Slingeland genoemd wordt. Voor de laatste maal wordt hij vermeld op 23.8.1264, wanneer hij met Willem, heer van Brederode, een watergang verleent aan heer Hendrik van Alblas. De traditie geeft hem tot vrouw Bertha van Ochten. Een direkt bewijs hiervoor is in de bronnen niet te vinden, maar
    wijlen de heer de Groot heeft zulke sterke aanwijzingen naar voren gebracht voor dit huwelijk, dat wij hier van een zeer grote waarschijnlijkheid spreken kunnen. Hij wees op het voorkomen van de voornaam Ricoud, de kenmerkende voornaam bij de van Ochtens, bij de van Arkels van Noordeloos, die stammen uit een zoon van onze Jan I. Deze voornaam komt niet voor bij de andere Arkel-takken, zodat deze bij het huwelijk van Jan I in zijn geslacht gekomen moet zijn. Verder wees hij op het feit, dat Jan III van Arkel in het bezit komt van leengoed dat hij oorspronkelijk van Jan van Ochten in leen
    gehouden had (5.12.1305 - Hist.Gen, Codex Dipl.Neerl, 2e serie, dl.I, afd.I, nr.10).
    Hoewel hiermede wel is komen vast te staan, dat Jan I van Arkel gehuwd was met een van Ochten, kon de heer de Groot slechts aanwijzingen bijbrengen omtrent het al of niet juist zijn van haar voornaam Bertha. Nu lezen wij (Wapenheraut I, p.37) "de Wolfswaarden onder Opheusden en Wageningen
    herinneren vrij zeker aan Johan Wolf, ridder, in 1280 vermeld als de gemaal van Bertha van Ochten, die in 1272 weduwe geworden was van Jan van Arkel. Zij was een dochter van Ricold, heer van Ochten, in 1280 dood, bij Jutta, in dit jaar domina (edelvrouw) getiteld". Dit alles vindt in sommige opzichten een treffende bevestiging in een oorkonde van 13.12.1281 (Sloet-1040), waarin vermeld worden: Henricus en Godefridus van Ochten, zoons van domina Jutta van Ochten. In dezelfde oorkonde worden "dominus Johannes dictus Wolf, miles, et Bertha ejus uxor" vermeld. Zij wordt hier niet uitdrukkelijk genoemd als zuster van Hendrik en Godfried, dus kan ook een tante van beide broers geweest zijn, en dus een dochter van Ricold I van Ochten (en Marina van Bentheim?) zoals de heer de Groot veronderstelde, tr. (2) circa 1239 met Yda van Andel. Uit dit huwelijk 3 kinderen, tr. (1).
 

tr.
met

Aleyt Ricoltsdr van Ochten (van Ugten), dr. van Rycolt II van Ochten (heer van Isendoorn) en Jutta (Agnes) van Cuijck, geb. in 1226, ovl. circa 1295, tr. (1) met Arnoud I van Arkel van Noordeloos. Uit dit huwelijk een zoon, tr. (2) in 1255 met haar aangetrouwd oom Ridder Rudolf de Chatillon bijgenaamd de Cock van Weerdenburgh. Uit dit huwelijk 4 kinderen, waaronder.

Bronnen:
1.Prometheus Kwartierstatenboek (Deel XVI), Deel XVI (blz. 347)
2.Kastelen in de Krimpenerwaard e.O. (S517), S517
3.Kastelen in de Krimpenerwaard e.O. (S517-2), S517-2
4.Het voorgeslacht van Ir. Adriaan Stoop (1856-1935) (S645), S645
5.Het voorgeslacht van Ir. Adriaan Stoop (1856-1935) (S645-2), S645-2


Johan de Cocq van Châtillon
Johan de Cocq van Châtillon, geb. circa 1260, ovl. in 1346,
, Kasteel Nederhemert is een kasteel dat dateert uit het begin van de 14e eeuw. Het ligt bij het dorp Nederhemert in de Bommelerwaard. Het is gebouwd op een eiland in de Maas in de buurt van Heusden.
Vlak voor 1300 is het zoals vele kastelen begonnen als woontoren, in de loop der eeuwen is steeds verbouwd en aangebouwd, voor het laatst eind 19e eeuw. Een eerste vermelding van een Jan van Hemert is in 1310 wanneer hij zijn kasteel in leen opdraagt aan de Hertog van Gelre. Dat betekent dat het voor die tijd er al was. De eigenaren waren tevens Heer van de heerlijkheid Nederhemert.

  • Vader:
    Gijsbert Rudolfsz de Cocq van Châtillon (de Cock van Weerdenburg), zn. van Ridder Rudolf de Chatillon bijgenaamd de Cock van Weerdenburgh (miles, 1e heer van Waardenburg, Opijnen en IJzendoorn, vermeld 1265-1295) en Agnes van Kuyc, geb. circa 1232,
    , Hij wordt zowel in 1250 als in 1274 genoemd in het Oorkondeboek van Holland en Zeeland. in 1250 wordt hij vermeld als Giselberti Coci "Militus de Hemerte ",en in 1274 als Giselbertus de Hemerte.
    Elders wordt gemeld dat hij in 1260 geboren zou zijn,maar dat lijkt onwaarschijnlijk omdat hij al in 1250 als militair wordt gemeld en dan waarschijnlijk al tenminste 18 jaar is.
    Giselbertus bewoonde kasteel Neerijnen.
    Gijsbert, derde zoon van Rudolf de Cock en Aleyt van Ochten, werd Stamvader van de aftakking de Cock van Neerijnen
    Uit het huwelijk ontsproten - tenminste - twee kinderen, m.n. Gijsbert en Ricold
    In 1330 werden zij als broers vermeld domini Rycoldi Koxcs militis et Ghiselberi Kocks eius fratris
    1337: aanschaf goederen in Neerijnen (met Gijsbert de Cocq)
    Verkoper: Wilhelmus Ridder, lid van de Duitsche Orde en schepen te Tuil (1345, tr.
 


Berthacharius van Thüringen
Berthacharius van Thüringen (Thuringen, van), geb. in 480, (Mede)koning van Thüringen, ovl. in 550,
, Berthacharius was samen met zijn broers Baderik en Hermanfried koning van de Thüringers. Hij leefde ongeveer tussen 500 en 550 na Christus. Hij was de zoon van de Thüringse koning Bisinus.
Zijn zus Radegund was getrouwd met Wacho, koning van de Longobarden.
Hij had, uit een huwelijk met een niet bekende vrouw, een dochter die Radegundis heette. Radegundis trouwde later de Frankische koning Chlotarius I.
Berthacharius stierf in de strijd tegen zijn broer Hermanfried. De broers betwistten elkaars macht en Hermanfried doodde Berthacharius. Diens bezittingen gingen over naar Hermanfried.

Hij krijgt 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Amalfried*524     
NN     


Gerard I van Hochstaden
Gerard I van Hochstaden, ovl. circa 1096.

tr.
met

NN von Schwaben van Bliesgau, dr. van Otto II Herzog von Schwaben en Heilwig von Egisheim, geb. circa 1030.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gerhard II*1055  †1137  82


Hermann van Hochstaden
Hermann van Hochstaden, geb. circa 1020.

tr.
met

NN Schweinfurt.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gerard I  †1096   


NN Schweinfurt
NN Schweinfurt.

tr.
met

Hermann van Hochstaden, zn. van Hermann II van Lotharingen (aardskanselier van Italië 1051 - 11 februari 1056) en Agnes van Weimar-Orlamünde, geb. circa 1020.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gerard I  †1096   


Hermann II van Lotharingen
Hermann II van Lotharingen (Hermann Ezzonen van Lotharingen, Herman Ezzonen van Keulen), geb. circa 995, aardskanselier van Italië 1051 - 11 februari 1056, ovl. Keulen [Duitsland] op 11 feb 1056,
, Herman II van Keulen (995 - Keulen, 11 februari 1056) was een zoon van paltsgraaf Ezzo van Lotharingen en van Mathilde, dochter van Otto II.
Herman gold als de belangrijkste raadgever van Hendrik II. Keizer Koenraad II duidde hem in 1036 aan als aartsbisschop van Keulen. Ook van keizer Koenraad II werd hij een vertrouweling. In 1051 werd Herman ook aartskanselier van Italia en in 1053 voogd van de abdij van Brauweiler. In 1052 werd het kroningsrecht door paus Leo IX definitief aan de aartsbisschop van Keulen toegewezen, ten nadele van de aartsbisschop van Mainz.

tr.
met

Agnes van Weimar-Orlamünde, dr. van Willem II van Weimar en NN van Babenberg, geb. circa 980, ovl. circa 1042, tr. (1) met Friedrich I von Goseck. Uit dit huwelijk 2 kinderen.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Hermann*1020     


NN van Babenberg
NN van Babenberg, geb. circa 947.

tr.
met

Willem II van Weimar, zn. van Willem I van Weimar en Adela von Sorbenmark, ovl. op 15 dec 1003,
, Willem II van Weimar, de Grote, (ca. 945 - 24 december 1003) was de leidende edelman in Thüringen.
Willem was graaf van Weimar (963), de Altgau (967), de Helmegau (968) en de Viesichgau (974). Hij had bovendien grote persoonlijke bezittingen in de regio. Na de dood van keizer Otto II steunde hij de aanspraken van Hendrik II van Beieren (hertog), een oom van Otto II. Willem werd daarom in 984 door de aanhangers van Otto III belegerd in Weimar maar dat beleg werd afgebroken toen Hendrik naderde om hem te ontzetten. In 1002 steunde Willem Hendriks zoon, de latere keizer Hendrik II. Hij werd toen weer belegerd maar wist dat te doorstaan. Nadat Hendrik II keizer was geworden trad Willem op namens de landstreek Thüringen. In bronnen wordt hij zelfs hertog genoemd maar dat is praktisch onmogelijk omdat Thüringen geen hertogdom was. Willem wist de plicht van Thüringen om ieder jaar 500 varkens aan de koning te leveren te laten afschaffen, deze belasting had bestaan sinds het onafhankelijke koninkrijk Thüringen in 531 door de Franken was onderworpen. Willem ontving de koning nog op zijn kasteel en overleed korte tijd daarna. Hij is begraven in Naumburg (Saale).
Willem was zoon van Willem I (ca. 910 - 16 april 963). Die was graaf in het zuiden van Thüringen en koos in 953 de kant van de opstandige hertogen Liudolf van Zwaben en Koenraad de Rode. Willem I verloor daardoor zijn functies en werd verbannen naar Beieren maar in 956 werd hij in zijn ambten en bezittingen hersteld en verwierf nog meer functies.
Willem II trouwde met een onbekende vrouw.

Uit dit huwelijk 3 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Willem III  †1039   
Poppo I  †1044   
Agnes*980  †1042  62


Adolf von Derlingouw
Adolf von Derlingouw, geb. in 785.

Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Tachulf*815  †873  58