Genealogische website van Cees Hagenbeek
Reinzo van Straelen
Reinzo van Straelen, geb. circa 1109,
, Reinzo (van Straelen), genoemd in 1144.
1064. Bruno, graaf, schenkt Anno II, aartsbisschop van Keulen, t.b.v. de abdij Siegburg de helft van Straelen (Strala). Irmintrude, gravin, schenkt haar andere helft onder voorbehoud van levenslang vruchtgebruik. Sloet nr. 177; Niederrheinischer Geschichtsfreund, 1883 p. 100.
Door het verkrijgen van het vruchtgebruik worden zij voogd van Straelen, dit dan wederom binnen de familie doorvererft wordt.
Het betreft hier Graaf Bruno van Kessel die gehuwd was met Irmentrude. Mogelijk dat Reginherus de Kriekenbecke dezelfde is als 1144 Reinzo van Straelen genoemd.

Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Arnold*1150     


Hendrik II van Krieckenbeck
Hendrik II van Krieckenbeck,
, Uit het geslacht van Kleef; Hendrik II sneuvelt 1114 en is voor zijn vader (1118) overleden, hij is daarom geen graaf geweest.
1104 vermeldt Annales Rodenses dat graaf (comes) Heinricus de Krikenbach verwant is met de graven Gerardus van Gelre en Theodoricus van Kleef en heer Goswinus van Heinsberg; zij stammen af van de "Flamenses" Rutger en Gerard.
Hendrik I van Kessel was de kleinzoon van Gerard III van Wassenberg.
De graven van Kessel zetelden in het kasteel van Kessel aan de Maas, het latere kasteel Keverberg.
Ook in het aanliggend buurdorp Baesweiler zien we de heren van Kessel als heren van Bruke/Bruche terug.
Kasteel Krieckenbeck:
Oude burcht: Voordat de burcht is gebouwd, lag circa twee kilometer in zuidelijke richting de oude Burcht Krieckenbeck aan de Nette, ook wel Alde Borch of Alt-Krickenbeck geheten. De eerstvermelde bewoner van de oude burcht was in 1104 Hendrik graaf van Krieckenbeck. Verder wordt ene Reinier van Krieckenbeck en zijn dochter Alveadis van Krieckenbeck-Millendonk, die in de twaalde eeuw trouwt met Frederik van Berg-Altena. Hun zoon Adolf I van der Mark verkoopt in 1243 de heerlijkheid Crikenbeke aan zijn zwager Otto II van Gelre. Op dat moment schijnt de oude burcht al vewoest te zijn, of op zijn minst onbewoonbaar. Rond diezelfde tijd moet dan ook de nieuwe burcht zijn gebouwd.

Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Reinzo*1109     


Allard I van Buren
 
Allard I van Buren, geb. circa 1150.

tr.
met

Ida van Bosinchem (van Beusichem), dr. van Rodolphus van Bosinchem en Aleijt van Heijnsberch, geb. circa 1155, ovl. Vianen op 7 aug 1174.

 

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Otto I*1168 Buren †1243  75


Ida van Bosinchem
 
Ida van Bosinchem (van Beusichem), geb. circa 1155, ovl. Vianen op 7 aug 1174.

  • Vader:
    Rodolphus van Bosinchem1, geb. op 8 jun 1144, ovl. op 18 mrt 1174 of 1174,
    , Trouwt waarschijnlijk Aleijt van Heijnsberch ?
    Onbekend De heer Vermast is een van de eersten die zich serieus heeft beziggehouden met "De Heeren van Bosinchem voor het jaar 1300" (Bijdragen en Mededelingen Gelre, LIII, 1953, 5-51). Hij laat in navolging van dr. C. Booth, de stamboom van het ministe- rialengeslacht beginnen met een ridder Rodolphus, overleden in 1164 of 1174. Deze ridder zou zijn gehuwd met Aleyt van Heynsberch, wiens wapen twee zilveren afgewende zalmen zouden zijn op een blauw veld. Uit dit huwelijk stammen twee zonen: Hubert I (vermeld 1196-1213) en Alfer (1200-1213). Van Hubert zijn verder vier zonen bekend: Roelof; Steven; Hubert en Wenemar, en een naamloos gebleven dochter die met Alard van Buren huwde. In het eerste deel van het Oorkondenboek van het Sticht Utrecht tot 1301(OSU) komen we veel personen (edelen en ministerialen) tegen als getuige zonder achternaam of herkenbare benaming. Verder komt de gewoonte om ministerialen als ridder of schildknaap aan te duiden pas op vanaf 1220. Zodoende kan al vlug worden opgemerkt dat we in het eerste deel van het OSU geen ridder Rodolphus (Roelof/Rudolf) van Beusinchem zijn aangetroffen. Voor de persoon Aleyt, vrouw van ridder Rodolphus is dus ook geen historische onderbouwing. De voornaam Rodolphus is echter een naam die we wat vaker in de periode voor 1200 tegenkomen. Hoewel er voor een Roelof (Rodolphus) als vader van de broers Hubert en Alfer van Beusinchem geen historische vermelding aan te wijzen valt is het toch aannemelijk dat de vader van Hubert deze voornaam zal hebben gedragen. Deze indicatie hebben we uit de naamgeving van diens vier zonen: Roelof, Steven, Hubert, Wenemar. Bedenken we dat de oudste zoon werd vernoemd naar de vaderlijke grootvader, de tweede zoon naar de moederlijke grootvader en de derde zoon naar vader zelf dan zien we mooi een Hubert op de derde plaats. Een helder bewijs voor toegepaste naamsvernoeming. Beusinchem komen we in 1176 tegen omdat een Iwan van Gokesforde het Utrechtse kapittel van St. Jan hinderde in het ongestoorde gebruik van hun hof te Beusinchem (OSU nr. 485). Het kapittel had deze hof en de kerk, in of kort voor 1131 gekocht. In de schikking die in 1176 werd vastgelegd bemiddelden graaf Hendrik van Kuyc (voogd van St. Jan) en een Herman, graaf van Nijmegen. Als getuigen zien we dan zes edelen en vijf ministerialen: Helias (van der Aa), Giselbertus de Amestelle (Amstel), Giselbertus de Wercunde (Werkhoven), Albero Pavo, en Otto Capellanus. Geen Van Beusinchems dus tenzij we Iwan als een verwant van de latere Van Beusinchems aanmerken. Tien jaar eerder komen we een Rodolfo en Yone de Scoenrewerth tegen onder de getuigende ministerialen. Waarschijnlijk waren beiden broers hoewel dit niet expliciet in de tekst wordt vermeld. In 1166, voor 24 september, bevestigd bisschop Godfried van Rhenen de abdij Mariënweerd in het bezit van haar goederen en rechten (OSU nr. 455). In de getuigenlijst nemen Roelof en Yone de 3e en 4e plaats in. Scoenrewerth is natuurlijk het hedendaagse Schoonrewoerd tussen Vianen en Leerdam. Vianen blijkt later een bezitting van een jongere tak van de Van Beusinchems. Dit geeft te denken. Indien we in de benaming Yone een verbastering mogen lezen van de naam Ywan dan valt alsnog een link met Beusinchem te leggen. Uitgaande van de werkhypothese dat de in Beusinchem problemen makende Ywan van Gokesforde identiek is aan de in 1166 genoemde Yone van Scoenrewerth, dan zou de in 1166 genoemde Rodolfo van Scoenre- werth de vader kunnen zijn van de gebroeders Hubert en Alfer van Beusinchem. In 1176 zou deze Roelof al overleden kunnen zijn met kinderen die dan nog minderjarig zullen zijn geweest. Het blijft echter een gis. Het OSU geeft te weinig informatie. Wel is duidelijk dat niet alles wat in het verleden is geschreven over de periode voor 1200 ook verifieerbaar is. Zodoende zal nog veel literatuur gedeeltelijk gecorrigeerd dienen te worden. Hans Vogels, Hij krijgt geen kinderen, tr.
 

tr.
met

Allard I van Buren, zn. van Allart van Egmond ridder (Ridder en Heer van Egmond 1158-1168) en Antonia van Henegouwen, geb. circa 1150.

 

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Otto I*1168 Buren †1243  75



Bronnen:
1.Middeleeuws Vlechtwerk (A 008), A 008


Sofie Huibert Roelofsdr van Beusinchem
Sofie Huibert Roelofsdr van Beusinchem, geb. circa 1190.

 

tr.
met

Otto I Alardsz (Otto I) van Buren, zn. van Allard I van Buren en Ida van Bosinchem, geb. Buren in 1168, heer van Buren, ovl. in 1243,
, Huis Buren is een voormalig kasteel in de Nederlandse gemeente Buren in de Nederlandse provincie Gelderland, westelijk gelegen van het stadje Buren. Het kasteel was één van de grootste kastelen in Nederland. Het kasteel werd in 1804 door de regering voor afbraak verkocht. Vandaag de dag staat er slechts een monument op de plek waar vroeger de brug naar de voorburcht was.
De oudste vermelding van het kasteel stamt uit 1298. Otto, de heer van Buren, en zijn zoon Allard moesten het huis afstaan aan Reinoud I van Gelre, Graaf van Gelre. Zij mochten op het kasteel blijven als leenmannen van de graaf en later de hertog van Gelre.
De Vrije heerlijkheid Buren ontstond in het jaar 994 doordat het graafschap Teisterbant werd opgedeeld.
De heerlijkheid werd bestuurd door de familie van Buren. Hun familiewapen werd ook het wapen van de heerlijkheid en de hoofdstad Buren.
De heerlijkheid bestond oorspronkelijk uit de vestingstad Buren, stadsrechten in 1395 verkregen van ridder Allard van Buren, Asch en Erichem, maar door verwerving, oorlog en huwelijken kwamen er nog een aantal dorpen bij, waardoor de heerlijkheid in omvang groter werd. Op het einde bestond de heerlijkheid uit: de voorgenoemde plaatsen en Beusichem, Zoelmond, Buurmalsen en Tricht.
In de 15e eeuw liep de opvolging tweemaal langs de vrouwelijke lijn. Elizabeth van Buren huwde Gerard II van Culemborg, en hun dochter Aleida van Culemborg trouwde met Frederik van Egmond.
Sindsdien was het Huis Egmont de heersende familie in Buren.
Otto, heer van van Buren. in ca. 1190 vermeld als nobilis homo van graaf Otto van Gelre, bezwoor met hem de privilegiën van Zutphen. Vergezelde in 1203 gravin Ada van Holland, in haar vlucht naar Leiden. In 1213 schonk hij, o.a. met zijn zoon Alard, de kerkgift van Kekerdom aan het klooster Bedbur, relatie. Hij krijgt geen kinderen, tr. (1) met Ida van Straelen. Uit dit huwelijk 5 kinderen.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Alard*1218 Buren †1248  29



Bronnen:
1.Middeleeuws Vlechtwerk (A 008), A 008


Ida van Straelen
Ida van Straelen.

tr. circa 1186
met

Otto I Alardsz (Otto I) van Buren, zn. van Allard I van Buren en Ida van Bosinchem, geb. Buren in 1168, heer van Buren, ovl. in 1243,
, Huis Buren is een voormalig kasteel in de Nederlandse gemeente Buren in de Nederlandse provincie Gelderland, westelijk gelegen van het stadje Buren. Het kasteel was één van de grootste kastelen in Nederland. Het kasteel werd in 1804 door de regering voor afbraak verkocht. Vandaag de dag staat er slechts een monument op de plek waar vroeger de brug naar de voorburcht was.
De oudste vermelding van het kasteel stamt uit 1298. Otto, de heer van Buren, en zijn zoon Allard moesten het huis afstaan aan Reinoud I van Gelre, Graaf van Gelre. Zij mochten op het kasteel blijven als leenmannen van de graaf en later de hertog van Gelre.
De Vrije heerlijkheid Buren ontstond in het jaar 994 doordat het graafschap Teisterbant werd opgedeeld.
De heerlijkheid werd bestuurd door de familie van Buren. Hun familiewapen werd ook het wapen van de heerlijkheid en de hoofdstad Buren.
De heerlijkheid bestond oorspronkelijk uit de vestingstad Buren, stadsrechten in 1395 verkregen van ridder Allard van Buren, Asch en Erichem, maar door verwerving, oorlog en huwelijken kwamen er nog een aantal dorpen bij, waardoor de heerlijkheid in omvang groter werd. Op het einde bestond de heerlijkheid uit: de voorgenoemde plaatsen en Beusichem, Zoelmond, Buurmalsen en Tricht.
In de 15e eeuw liep de opvolging tweemaal langs de vrouwelijke lijn. Elizabeth van Buren huwde Gerard II van Culemborg, en hun dochter Aleida van Culemborg trouwde met Frederik van Egmond.
Sindsdien was het Huis Egmont de heersende familie in Buren.
Otto, heer van van Buren. in ca. 1190 vermeld als nobilis homo van graaf Otto van Gelre, bezwoor met hem de privilegiën van Zutphen. Vergezelde in 1203 gravin Ada van Holland, in haar vlucht naar Leiden. In 1213 schonk hij, o.a. met zijn zoon Alard, de kerkgift van Kekerdom aan het klooster Bedbur, Hij krijgt geen kinderen, tr. (2) met zijn nicht Sofie Huibert Roelofsdr van Beusinchem, dr. van Hubert van Bosinchem en Johanna van Zuijlen. Uit dit huwelijk een zoon.

Uit dit huwelijk 5 kinderen.


Margriet
Margriet .

tr.
met

Johan Glimmerlingh van Rijswijk, zn. van Johan van Rijswijk en Eva van Hoey.

Uit dit huwelijk 2 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gelymmer*1375  †1441  66


Johan Glimmerlingh van Rijswijk
Johan Glimmerlingh van Rijswijk.

tr.
met

Margriet .

Uit dit huwelijk 2 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gelymmer*1375  †1441  66


Johan van Rijswijk
Johan van Rijswijk.

tr.
met

Eva van Hoey.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Johan     



Bronnen:
1.Middeleeuws Vlechtwerk (A 008), A 008


Eva van Hoey
Eva van Hoey.

tr.
met

Johan van Rijswijk, zn. van Willem van Rijswijk en Margriet .

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Johan     


Willem van Rijswijk
Willem van Rijswijk1.

tr.
met

Margriet .

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Johan     



Bronnen:
1.Middeleeuws Vlechtwerk (A 008), A 008


Margriet
Margriet .

tr.
met

Willem van Rijswijk1.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Johan     



Bronnen:
1.Middeleeuws Vlechtwerk (A 008), A 008


Catharina van Waardenburg
Catharina van Waardenburg1.

tr.
met

Otto Hendricszn van Malsen1, zn. van Hendrik van Malsen (ridder) en NN. Brunodr. van Gellicum, geb. in 1355, meesterpentier in de Werken 1396, schepen van Zuilichem 1402, ovl. in 1402, tr. (1) met Geertruid van Voorne van Vianen1. Uit dit huwelijk een zoon.

Uit dit huwelijk 7 kinderen.


Bronnen:
1.Middeleeuws Vlechtwerk (A 008), A 008


NN. Brunodr. van Gellicum
NN. Brunodr. van Gellicum (van Ghellinchem), geb. Rumpt circa 1330, ovl. in 1365.

tr. circa 1350
met

Hendrik van Malsen1, zn. van Nicolaes II van Malsen (heer van Well) en Clemence van Caets, geb. in 1320, ridder, ovl. op 5 apr 1394.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Otto*1355  †1402  47



Bronnen:
1.Middeleeuws Vlechtwerk (A 008), A 008


Steppo van Viggezelle van Bernem
Steppo van Viggezelle van Bernem, geb. circa 1110, Burggraaf van Gent, Heer van Viggezelle en van Bornem (Bernem), ovl. circa 1154,
, Steppo van Viggezele van Bornem, heer van Viggezele, Bornem, burggraaf van Gent, voogd van Temse, en Aleidis van Gent (ca. 1110 - voor 1154), erfdochter van Gent, weduwe van Hugo van Encre.
Viggezele ligt in West-Vlaanderen noordoostelijk van Tielt. Steppo van Viggezele had ca. 1140 moeilijkheden met de abdij van Affligem omdat hij meende erfelijke rechten te kunnen doen gelden op een schaapskooi te Pakinge. In 1164 schonk hij aan de St.Pietersabdij te Gent land, gelegen in 'Transblide' (Beoostenblij) in castellaria de Axla (Axel). Steppo was mogelijk zoon van Willem, burggraaf van Ieper en heer van Loo en N.N. van Bourgondië.

tr.
met

Aleidis van Gent, dr. van Zeger I van Gent (opperbaljuw) en Alice de Courtrai, geb. circa 1110, ovl. circa 1154,
, erfdochter van Gent.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Margaretha*1145  †1194  49


Hubertus van Buren van Caets
Hubertus van Buren van Caets1.

tr.
met

NN van Caets.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Clemence*1290 Driel    



Bronnen:
1.Middeleeuws Vlechtwerk (A 008), A 008


NN van Caets
NN van Caets.

tr.
met

Hubertus van Buren van Caets1, zn. van Alard I/II van Buren (vermeld 1220-1243) en NN Hubrechtsdr van Bosinchem.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Clemence*1290 Driel    



Bronnen:
1.Middeleeuws Vlechtwerk (A 008), A 008


Steven I van Zuijlen van Anholt
Steven I van Zuijlen van Anholt, geb. op 17 okt 1125, ovl. op 10 jun 1209.

tr.
met

Hadewich van Wiltenburg, dr. van Zweder van Wiltenburg, geb. op 15 sep 1128, ovl. op 5 mrt 1204.

Uit dit huwelijk 3 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Johanna*1145 Zuilen †1226 Vianen 80
Steven II*1160 Zuilen †1249 Zuilen 89


Hadewich van Wiltenburg
Hadewich van Wiltenburg, geb. op 15 sep 1128, ovl. op 5 mrt 1204.

tr.
met

Steven I van Zuijlen van Anholt, zn. van Gerard van Zuijlen van Anholt en Aleid van Buren, geb. op 17 okt 1125, ovl. op 10 jun 1209.

Uit dit huwelijk 3 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Johanna*1145 Zuilen †1226 Vianen 80
Steven II*1160 Zuilen †1249 Zuilen 89


Zweder van Wiltenburg
Zweder van Wiltenburg, geb. circa 1100,
, De Wiltenburg werd verschillende malen vermeld als naam van een vroegere burcht in de huidige Nederlandse stad Utrecht of directe omgeving daarvan. De naam Wiltenburg werd soms ook genoemd als voormalige plaatsnaam van Utrecht of het iets zuidelijker gelegen Vechten, of als de naam van een goed aldaar.
De locatie voor de Wiltenburg werd in de loop van de geschiedenis geplaatst in of bij het (voormalig) Romeinse castellum Traiectum, de huidige Utrechtse binnenstad. Daarbij wordt voor de burcht ook gedacht aan de locatie in of bij het castellum Fectio in het nabijgelegen Vechten. In de 17e-eeuwse atlas Toonneel des Aerdrycks van Willem en Joan Blaeu staat een korte beschrijving over het slot Wiltenburg en wordt de burcht op kaarten gesitueerd binnen de driehoek tussen Vechten, Wulven en Houten, in de buurt van het huidige bos Nieuw Wulven.
Volgens de historicus C. Dekker dient de Wiltenburg ter hoogte van het castellum Fectio gelokaliseerd te worden. In de middeleeuwen bevond zich hier een ruim 47 morgen groot goed onder de noemer Wiltenburg of ook wel kortweg burg. Er was ook een gerecht Wiltenburg volgens Dekker.

Hij krijgt een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Hadewich*1128  †1204  75