Petronella de Cocq van Neerijnen
in
Kwartierstaat van Ans Karstens
Kwartierstaat van Dinah Begeer
Kwartierstaat van Irene Hellemans
Kwartierstaat van Simonet Koekkoek
Petronella (Neele) de Cocq van Neerijnen, geb. circa 1338, vrouwe van Houweningen, ovl. circa 1368.
tr.
met
Willem van der Merwede.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Johanna | *1365 | | †1425 | | 60 | 2 | 4 |
Anthony bastaard van Brederode
in
Kwartierstaat van Anthonie Heynsius
Kwartierstaat van Olga Broersma
Anthony bastaard van Brederode1.
Anthony bastaard van Brederode.
neemt onder zijn neef Jonker Frans van Brederode deel aan de verovering van Rotterdam door de Hoeksen 28-11-1488 en met zijn broer Walraven, bastaard van Brederode, aan de vergeefse aanval op Schiedam 1489; door zijn neef Walraven 11 van Brederode beleendmet slot Rijnesteijn 1490 (dit gaat na zijn dood over op zijn achterneef Reinoud,bastaard van Walraven 11 22-6-1527); benoemd tot testamenteur en voogd over de kinderen van zijn neef Walraven 14-2-1507, overl. vóór 22-6-1527. Uit een buitenechtelijke verhouding met een onbekende: (bast.) Gijsbert van (Brederode-)Rijnesteijn, kanunnik van Sinte-Marie te Utrecht, overl. 3-1-1562.
Bronnen:
Johannes Gerardsz van Herlaer en Meerwijck
in
Kwartierstaat van Ans Karstens
Kwartierstaat van Dinah Begeer
Kwartierstaat van Elizabeth Dijkstra
Kwartierstaat van Irene Hellemans
Kwartierstaat van Simonet Koekkoek
Jan (Johannes Gerardsz) (Johannes Gerardus) (Jan Scots) ridder van Herlaer en Meerwijck (Jan Koc van Herlaer), geb. na 1340, ridder van Ameyde, Empel en Meerwijk en Poederoyen (heer van Delwijnen).
Jan (Johannes Gerardsz) ridder van Herlaer en Meerwijck.
Jan van Meerwijk, Jan van Krieckenbeek, Hubert van Roden en Hendrik van Huissen traden op 23 mei 1357 in dienst van Wenceslas en Johanna de hertog en hertogin van Brabant, om deel te nemen aan de oorlog tegen de Vlamingen. Zij moesten met 2 paarden en een zwaard opkomen en zouden een oude schilt (muntsoort) per dag als soldij genieten. Op 14 en 19 juli 1357 zegelden Jan van Baerl en Jan van Velaer ten behoeve van Jan van Kriekenbeek, Jan van Meerwijc, Hendrik van Huesen en Hubert van Rode een kwitantie voor de ontvangen soldij. Deze Jan van Meerwijk is naar mijn mening geen van Herlaer. De Van Herlaers noemden zich, heer van Meerwijk. In 1355 treedt Gerard van Meerwijk van Herlaer op als een van de vele edelen van Brabant die het verdrag van Leuven inzake de erfopvolging mede bezegelen. De namen Krieckenbeek en Huissen verwijzen naar het Gelderse gebied zodat aangenomen mag worden dat zij daar allemaal vandaan kwamen en toch als mogelijke leenmannen van de hertog van Brabant opgeroepen werden. Van Baerle is nauw verwant met Van Kriekenbeek beiden geslachten kwamen voor in het Overkwartier van Gelre. Op 10 december 1359 zegelt Johan van Meerwijk als een van de medeborgen van de broers Willem heer van Bronkhorst, Dirk heer van Batenburg, Gijsbert van Bronkhorst heer van Borculo die verklaren aan Elisabeth van Bronkhorst Vrouwe van Cuyk, zuster van de genoemde broers 4000 pond schuldig te zijn de hoge heerlijkheid van Empel en Meerwijk blijkt in 1342 een achterleen te zijn van Gelre via de heer van Megen. De leenverhoudingen met betrekking tot het huis en tot de heerlijkheid verschilden. Het huis was een leen van Gelre, de hoge heerlijkheid een leen van Megen en de lage heerlijkheid was een Brabants leen. In dat jaar 1342 wordt het leen ten overstaan van de heer van Megen als leen van de hertog van Gelder door Johan van Meerwijk overgedragen aan “eens eersamen mans’ ridder Johan, Schots van Herlaer. Het leen omvatte de hoge en lage jurisdictie, de giften van de kerken, mannen en dienstmannen, vis-en weidegronden, uitgezonderd waren de tienden, de cijnzen en het hofgoed. Deze werden door Jan II, hertog van Brabant in leen gegeven. Jan Scots van Herlaer behoorde tot het geslacht van Loon dat aangehuwd was aan het geslacht van Herlaer. In 1343 kocht ridder Jan Koc van Herlaar de heerlijkheid Empel en Meerwijk. Hij werd opgevolgd door zoon Gerard van Loon alias van Meerwijk en die door zoon Jan van Meerwijk en deze door zijn dochter Gerartken die met Willem van Gent huwde.
tr. (1) circa 1358
met
Jvr Agnes de Rover, dr. van Dirck (Arentsz Jansz) ridder de Roever (heer van Aerle Rixtel, Beek en Stiphout) en Jutta de Cocq van Waardenburg.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Arend | *1405 | | †1473 | | 68 | 2 | 1 |
tr. (2) circa 1411 (1411)
met
Johanna van der Merwede1, dr. van Willem van der Merwede en Petronella de Cocq van Neerijnen (vrouwe van Houweningen), geb. circa 1365, Vrouwe van Muilkerk, ovl. in 1425, tr. (1) met Walraven van Heukelom heer van Acquoy. Uit dit huwelijk een dochter.
Johanna van der Merwede.
Beleend door de abt van Sint-Paulus te Utrecht met de grove en smalle tienden van Zevenhuizen in Noord-Holland 15-8-1386; erft van haar vader de ambachtsheerlijkheid Muilkerk; ontvangt een rente van 20 schilden jaars 19-6-1398; is nog in het bezit van drie-vierde van de tienden van Zevenhuizen wanneer hertog Willem VI oorkondt n.a.v. een twist die geweest is ter zake van het delven van veen in Zevenhuizen 10-9-1407; hertrouwt (vóór 20-4-1411) Jan van Herlaer van Meerwijk; wordt opnieuw door de abt van Sint-Paulus te Utrecht met de tienden van Zevenhuizen beleend 28-9-1424.
Uit dit huwelijk 3 kinderen.
tr. (4)
met
Agnes Coenen van Oosterwijk.
Agnes verkrijgt via 'versterf' o.a. de heerlijkheid Oosterwijk en het kasteel Ter Heul onder Lopik.
Uit dit huwelijk 4 kinderen, waaronder:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Agnes | *1365 | | | | | 1 | 2 |
2 | Gerarda | *1380 | | | | | 1 | 2 |
Bronnen:
Egbert Mulert
Egbert Mulert, ovl. in 1403 St. Bernardsdag.
Egbert Mulert.
knape 1398, schepen van Hasselt 1399-1401, beleend met de tienden over den Westerhoff in de buurschap Gerner onder Dalfsen 1402 (na doode van zijn broeder Seyno), welk goed hij aan de broeders aes gemeenen levens te Deventer gaf voor de stichting van een klooster, het latere Agnietenklooster op den Lemelerberg, Egbert was leenvolger van zijn broeder Seyno in 1402, die op zijn beurt weer leenvolger was van Albert.
Mulert, schout van Hasselt 1379-1395, overl. 1396.
- Vader:
Geert Mulert, schout van Hasselt 1363-1370 en gerichtsman van Salland 1370, ovl. in 1370, tr. met
tr.
met
Feye van IJsselmuiden.
Uit dit huwelijk 2 zonen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Seino | *1398 | | †1466 | | 68 | 1 | 1 |
2 | Geert | *1395 | | †1472 | Hasselt | 77 | 1 | 1 |
Feye van IJsselmuiden
Feye van IJsselmuiden.
tr.
met
Egbert Mulert, zn. van Geert Mulert (schout van Hasselt 1363-1370 en gerichtsman van Salland 1370) en Berthe , ovl. in 1403 St. Bernardsdag.
Egbert Mulert.
knape 1398, schepen van Hasselt 1399-1401, beleend met de tienden over den Westerhoff in de buurschap Gerner onder Dalfsen 1402 (na doode van zijn broeder Seyno), welk goed hij aan de broeders aes gemeenen levens te Deventer gaf voor de stichting van een klooster, het latere Agnietenklooster op den Lemelerberg, Egbert was leenvolger van zijn broeder Seyno in 1402, die op zijn beurt weer leenvolger was van Albert.
Mulert, schout van Hasselt 1379-1395, overl. 1396.
Uit dit huwelijk 2 zonen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Seino | *1398 | | †1466 | | 68 | 1 | 1 |
2 | Geert | *1395 | | †1472 | Hasselt | 77 | 1 | 1 |
Geert Mulert
Geert Mulert, geb. circa 1395, ovl. in 1472 St. Lambertsdach, begr. Hasselt.
Geert Mulert.
beleend met de tienden over den Westerhoff 1433, richter van Hasselt 1429-56, vermeld 1414-1468.
tr. op 12 jan 1422
met
NN van IJsselmuiden, geb. circa 1395.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Fye | *1435 | | | | | 1 | 0 |
NN van IJsselmuiden
NN van IJsselmuiden, geb. circa 1395.
tr. op 12 jan 1422
met
Geert Mulert, zn. van Egbert Mulert en Feye van IJsselmuiden, geb. circa 1395, ovl. in 1472 St. Lambertsdach, begr. Hasselt.
Geert Mulert.
beleend met de tienden over den Westerhoff 1433, richter van Hasselt 1429-56, vermeld 1414-1468.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Fye | *1435 | | | | | 1 | 0 |
Fye (Sophia) Mulert
Fye (Sophia) Mulert, geb. circa 1435.
tr. circa 1465
met
Geert van Welvelde Janszoon, drost van Twenthe.
Geert van Welvelde Janszoon
Geert van Welvelde Janszoon, drost van Twenthe.
tr. circa 1465
met
Fye (Sophia) Mulert, dr. van Geert Mulert en NN van IJsselmuiden, geb. circa 1435.
Albert van Hanua
Albert graaf van Hanua.
tr.
met
Ermgard gravin van Isenburg.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Johanna | *1610 | | †1673 | | 63 | 1 | 1 |
Ermgard van Isenburg
Ermgard gravin van Isenburg.
tr.
met
Albert graaf van Hanua.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Johanna | *1610 | | †1673 | | 63 | 1 | 1 |
Hendrik van Dalen
in
Kwartierstaat van Anneke Romeijn
Kwartierstaat van Ans Karstens
Kwartierstaat van Anthonie Heynsius
Kwartierstaat van Cees Hagenbeek
Kwartierstaat van Han Bekke.
Kwartierstaat van Henk de Snoo
Kwartierstaat van ir Cees (Cornelis Jorden) Hagenbeek
Hendrik graaf van Dalen, ovl. voor 12 jul 1217, begr. Markelo.
Hendrik graaf van Dalen.
vermeld 1166; als bouwer van het (in later eeuwen herhaaldelijk verbouwde) kasteel te Diepenheim 1188 en als getuige in het stadsrecht van Zutphen 1190 (?) en in 1212.
tr. voor 1188
met
Reginwiza van Diepenheim, dr. van Wolbertus Albertusz van Diepenheim en Gisela van Goor.
Reginwiza van Diepenheim.
vermeld 1188; als weduwe kosteres van Vreden, erfdr. van Wolbertus (Albertuszn.) van Diepenheim en Gisela van Goor, erfgename van Markelo.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Otto | | | 1255 | Markelo | | 1 | 1 |
Reginwiza van Diepenheim
in
Kwartierstaat van Anneke Romeijn
Kwartierstaat van Ans Karstens
Kwartierstaat van Anthonie Heynsius
Kwartierstaat van Cees Hagenbeek
Kwartierstaat van Han Bekke.
Kwartierstaat van Henk de Snoo
Kwartierstaat van ir Cees (Cornelis Jorden) Hagenbeek
Reginwiza van Diepenheim.
Reginwiza van Diepenheim.
vermeld 1188; als weduwe kosteres van Vreden, erfdr. van Wolbertus (Albertuszn.) van Diepenheim en Gisela van Goor, erfgename van Markelo.
tr. voor 1188
met
Hendrik graaf van Dalen, zn. van Gerard I graaf van Dalen van Henegouwen (leenman, bisschop Utrecht graaf van Dale en heer van Dodewaard) en Hedwig van Ravensberg (erfdochter van Dalen), ovl. voor 12 jul 1217, begr. Markelo.
Hendrik graaf van Dalen.
vermeld 1166; als bouwer van het (in later eeuwen herhaaldelijk verbouwde) kasteel te Diepenheim 1188 en als getuige in het stadsrecht van Zutphen 1190 (?) en in 1212.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Otto | | | 1255 | Markelo | | 1 | 1 |
Wolbertus Albertusz van Diepenheim
in
Kwartierstaat van Anneke Romeijn
Kwartierstaat van Anthonie Heynsius
Kwartierstaat van Cees Hagenbeek
Kwartierstaat van Henk de Snoo
Kwartierstaat van ir Cees (Cornelis Jorden) Hagenbeek
Wolbertus Albertusz van Diepenheim.
tr.
met
Gisela van Goor.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Reginwiza | | | | | | 1 | 1 |
Gisela van Goor
in
Kwartierstaat van Anneke Romeijn
Kwartierstaat van Anthonie Heynsius
Kwartierstaat van Cees Hagenbeek
Kwartierstaat van Henk de Snoo
Kwartierstaat van ir Cees (Cornelis Jorden) Hagenbeek
Gisela van Goor.
tr.
met
Wolbertus Albertusz van Diepenheim.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Reginwiza | | | | | | 1 | 1 |
Otto van Dale
in
Kwartierstaat van Anneke Romeijn
Kwartierstaat van Ans Karstens
Kwartierstaat van Anthonie Heynsius
Kwartierstaat van Arie Roobol
Kwartierstaat van Cees Hagenbeek
Kwartierstaat van Dinah Begeer
Kwartierstaat van Fred Spaans
Kwartierstaat van Han Bekke.
Kwartierstaat van Henk de Snoo
Kwartierstaat van ir Cees (Cornelis Jorden) Hagenbeek
Kwartierstaat van Jacoline van Dijk.
Kwartierstaat van Lourens de Groot
Kwartierstaat van Olga Broersma
Otto graaf van Dale, heer van Diepenheim, begr. Markelo op 15 sep 1255.
Otto graaf van Dale.
vermeld vanaf 1207; gaat een goederenruil aan met het klooster Cappenberg 1217; bewerkt, samen met zijn gemalin, dat Diepenheim als zelfstandige parochie wordt afgescheiden van Marke10 dec. 1224; schenkt (met toestemming van zijn gemalin Richardis en hun zoon Hendrik) een goed te Renenlo aan het Sint-Aegidiusklooster te Munster 1228 en (vóór 21-3) 1219.
tr.
met
Richardis van Altena (Richarda v. d. Mark-Altena), dr. van Adolf I van Altena van der Mark (ook graaf van der Mark) en Irmingard van Gelre, geb. voor 1225, ovl. na 1270.
Richardis van Altena.
als weduwe abdis van Fröndenberg 1257-1270.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Hendrik | *1224 | | †1290 | | 66 | 2 | 2 |
Richardis van Altena
in
Kwartierstaat van Anneke Romeijn
Kwartierstaat van Ans Karstens
Kwartierstaat van Anthonie Heynsius
Kwartierstaat van Arie Roobol
Kwartierstaat van Cees Hagenbeek
Kwartierstaat van Dinah Begeer
Kwartierstaat van Fred Spaans
Kwartierstaat van Han Bekke.
Kwartierstaat van Henk de Snoo
Kwartierstaat van ir Cees (Cornelis Jorden) Hagenbeek
Kwartierstaat van Jacoline van Dijk.
Kwartierstaat van Lourens de Groot
Kwartierstaat van Olga Broersma
Richardis van Altena (Richarda v. d. Mark-Altena), geb. voor 1225, ovl. na 1270.
Richardis van Altena.
als weduwe abdis van Fröndenberg 1257-1270.
tr.
met
Otto graaf van Dale, zn. van Hendrik graaf van Dalen en Reginwiza van Diepenheim, heer van Diepenheim, begr. Markelo op 15 sep 1255.
Otto graaf van Dale.
vermeld vanaf 1207; gaat een goederenruil aan met het klooster Cappenberg 1217; bewerkt, samen met zijn gemalin, dat Diepenheim als zelfstandige parochie wordt afgescheiden van Marke10 dec. 1224; schenkt (met toestemming van zijn gemalin Richardis en hun zoon Hendrik) een goed te Renenlo aan het Sint-Aegidiusklooster te Munster 1228 en (vóór 21-3) 1219.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Hendrik | *1224 | | †1290 | | 66 | 2 | 2 |
Hendrik van Dale van Diepenheim
in
Kwartierstaat van Anneke Romeijn
Kwartierstaat van Ans Karstens
Kwartierstaat van Anthonie Heynsius
Kwartierstaat van Arie Roobol
Kwartierstaat van Cees Boer
Kwartierstaat van Cees Hagenbeek
Kwartierstaat van Cees Pronk
Kwartierstaat van Dinah Begeer
Kwartierstaat van Elizabeth Dijkstra
kwartierstaat van Eunice Roos
Kwartierstaat van Fred Spaans
Kwartierstaat van Han Bekke.
Kwartierstaat van Hans van der Wind
Kwartierstaat van Henk de Snoo
Kwartierstaat van ir Cees (Cornelis Jorden) Hagenbeek
Kwartierstaat van Irene Hellemans
Kwartierstaat van Jacoline van Dijk.
Kwartierstaat van Kees van Spronsen
Kwartierstaat van Lourens de Groot
Kwartierstaat van Maarten Rol
Kwartierstaat van Magda en Paul Breedveld
Kwartierstaat van Marinus Pannevis
Kwartierstaat van Olga Broersma
Kwartierstaat van Simonet Koekkoek
Hendrik graaf van Dale van Diepenheim, geb. in 1224, heer van Diepenheim, ovl. in 1290.
Hendrik graaf van Dale van Diepenheim.
heer van Diepenheim, gedoopt bij de kerkwijding.
(door de Utrechtse bisschop Otto van der Lippe) van de kerk te Diepenheim.
dec. 12243; vermeld als bloedverwant (consanguineus) van graaf Otto 11.
van Gelre 5-4-1256 en van bisschop Bruno van Osnabrück 7-3-1258; schenkt een.
aan hem leenroerig huis aan de Johannieter-commanderij te Steinfurt 2-10-1262.
en (met toestemming van zijn tweede gemalin Adelheid van Boxtel en zijn enige.
zoon en erfgenaam Otto) een huis in de omgeving van Lüdinghausen aan het.
klooster Cappenberg 1272.
tr. (1) circa 1240
met
Uit dit huwelijk 2 kinderen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Otto | *1245 | | †1282 | | 36 | 1 | 3 |
2 | Katharina | *1255 | | | | | 1 | 0 |
tr. (2)
met
Adelheid van Boxtel.
tr. circa 1240
met
Hendrik graaf van Dale van Diepenheim, zn. van Otto graaf van Dale (heer van Diepenheim) en Richardis van Altena, geb. in 1224, heer van Diepenheim, ovl. in 1290, tr. (2) met Adelheid van Boxtel. Uit dit huwelijk geen kinderen.
Hendrik graaf van Dale van Diepenheim.
heer van Diepenheim, gedoopt bij de kerkwijding.
(door de Utrechtse bisschop Otto van der Lippe) van de kerk te Diepenheim.
dec. 12243; vermeld als bloedverwant (consanguineus) van graaf Otto 11.
van Gelre 5-4-1256 en van bisschop Bruno van Osnabrück 7-3-1258; schenkt een.
aan hem leenroerig huis aan de Johannieter-commanderij te Steinfurt 2-10-1262.
en (met toestemming van zijn tweede gemalin Adelheid van Boxtel en zijn enige.
zoon en erfgenaam Otto) een huis in de omgeving van Lüdinghausen aan het.
klooster Cappenberg 1272.
Uit dit huwelijk 2 kinderen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
1 | Otto | *1245 | | †1282 | | 36 | 1 | 3 |
2 | Katharina | *1255 | | | | | 1 | 0 |
Bronnen:
Adelheid van Boxtel
in
Kwartierstaat van Anneke Romeijn
Kwartierstaat van Anthonie Heynsius
Kwartierstaat van Cees Hagenbeek
Kwartierstaat van Henk de Snoo
Kwartierstaat van ir Cees (Cornelis Jorden) Hagenbeek
Adelheid van Boxtel.
tr.
met
Hendrik graaf van Dale van Diepenheim, zn. van Otto graaf van Dale (heer van Diepenheim) en Richardis van Altena, geb. in 1224, heer van Diepenheim, ovl. in 1290, tr. (1) met Bertha van Bentheim, dr. van Boudewijn I van Bentheim (graaf van Bentheim 1208) en Jutta van Limburg. Uit dit huwelijk 2 kinderen.
Hendrik graaf van Dale van Diepenheim.
heer van Diepenheim, gedoopt bij de kerkwijding.
(door de Utrechtse bisschop Otto van der Lippe) van de kerk te Diepenheim.
dec. 12243; vermeld als bloedverwant (consanguineus) van graaf Otto 11.
van Gelre 5-4-1256 en van bisschop Bruno van Osnabrück 7-3-1258; schenkt een.
aan hem leenroerig huis aan de Johannieter-commanderij te Steinfurt 2-10-1262.
en (met toestemming van zijn tweede gemalin Adelheid van Boxtel en zijn enige.
zoon en erfgenaam Otto) een huis in de omgeving van Lüdinghausen aan het.
klooster Cappenberg 1272.