Website van $boomnaam$
Wilhelm von Vlodorp
Wilhelm von Vlodorp, ovl. voor 1411.

tr.
met

Liesbeth van den Weyer,
, zu Leuth, Schwester Pauls (Erbmarschall der Grafschaft Valkenburg, Herr zu Leut), 1408 Schenkung des Zehnts zu Sittard ind Limbricht an die Kirche zu Sittard, 1411 Verkauf von 38 Morgen Busch bei Embken.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Godart  †1475   


Liesbeth van den Weyer
Liesbeth van den Weyer,
, zu Leuth, Schwester Pauls (Erbmarschall der Grafschaft Valkenburg, Herr zu Leut), 1408 Schenkung des Zehnts zu Sittard ind Limbricht an die Kirche zu Sittard, 1411 Verkauf von 38 Morgen Busch bei Embken.

tr.
met

Wilhelm von Vlodorp, zn. van Godart von Vlodorp Ritter en Sofia von der Nuwerstat, ovl. voor 1411.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Godart  †1475   


Godart von Vlodorp
Godart von Vlodorp Ritter, ovl. na 1405,
, Gottfried, Erbvogt zu Roermond, 8.10.1388 überlässt er die Vogtwohnung der Stadt Rurmonde gegen 500 geldr.Gulden, 1402 vom Grafen von Geldern mit der Vogtei Ruremund belehnt.

tr.
met

Sofia von der Nuwerstat, ovl. na 1403.

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Wilhelm  †1411   
Gerhard  †1418   


Sofia von der Nuwerstat
Sofia von der Nuwerstat, ovl. na 1403.

tr.
met

Godart von Vlodorp Ritter, ovl. na 1405,
, Gottfried, Erbvogt zu Roermond, 8.10.1388 überlässt er die Vogtwohnung der Stadt Rurmonde gegen 500 geldr.Gulden, 1402 vom Grafen von Geldern mit der Vogtei Ruremund belehnt.

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Wilhelm  †1411   
Gerhard  †1418   


Steven van Lynden
Steven van Lynden1, knape, gegoed te Lienden, ovl. tussen 3 sep 1318 en 22 jan 1320 .

Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Dirk III  †1359   



Bronnen:
1.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Johan van Bemmel
Johan van Bemmel, geb. circa 1405, ovl. na 1467,
, Knaap in de Ridderschap van Nijmegen (1436)
Dans les relief deHernen il est question de Aleyd Hacke:
" Idem ontfinck dat goet tot Hernen in den kerspel van Berinchem met allen sijnen tobehoren tot eenen Zutphenschen leensrechte, a°. 1402.
Idem, amptman t' Arnhem, crigt van der horicheyt gevrijt dat goet ende erve, geheiten Butenhuys ofte Evert Forsters erve in den kerspel van Berinchem met allen sijnen tobehoren, hoge ende lege, om 't selve tot verbeteringe deses goets tot Herne voortan voor een Zutphensch leen te holden, a°. 1406.
Aleyt Hacke ontfengt een goet ende erve, hoge ende lege, geheiten
' Butenhuys, wo dat tsamen ongescheiden met sijnen tobehoren gelegen is in den kerspel van Berinchem, tot Zutphenschen rechten, a°. 1424. Haer vader Gijsbert Hack is huider.
Eadem, huysfrou .Tohans van Bemmel, ontfinck dat goet tot Hern ende dat goet te Butenhuys, in Veluwen, in den kerspel van Berinchem gelegen, tot Zutphenschen rechte, a0. 1432.
Albert van Be m m e 1 na vertich sijnes vaders Johans op sijne tucht ontfengt dat goet geheiten ter Herne ende dat goet to Butenhuys, in den lande van Veluwen. in den kerspel van Berinchem gelegen, met allen haren tobehoren ende die halff thiende in Huesdenreweert ') oick met beuren tobehoren, a#. 1465.
Aleyt van Bemmel. erve liares vaders Alberts, beleent, 4 Septembris 1481.
' Joost van Wese huider; harer moder Stijnen tucht beholden.
Eadem, huysfrou Johans v an Ar n h e m, ontfengt een leen, geheiten Hern ende Butenhuis met beuren rechten ende tobehoren, so die van alts gelegen sijn in den kerspel van Berinchem, met der halvei thienden in Huesderweert, tot Zutphenschen rechten a), a°. «1495.
Seger van Arnhem, erve sijnes vaders Johans, 20 Jan. 1533.
Idem vernijt eedt, 9 Oct. 1538.
Albert van Arnhem, Segers broeder, beleent, 24 Julii 1543.
Idem vernijt eedt, 11 Junii 1544. Ende Seger voors. tuchtigt sijn vrou Catrin van Hoenepel.
Eiusdem onmundige kinder crigen uutstel op 't versueck Josephs van Arnhem, 20 Dec. 1559.
Clara van Arnhem, onmundig, erve hares vaders Alberts, beleent, 15 Martii 1560. Joseph van Arnhem bulder.
Joseph van Arnhem, erve sijner nichte Clarae, beleent, 28 Nov. 1562.
Idem vertijende op een leengoet ter Willigen, in Elanderen onder Aelst gelegen, tot behoeft' Clarae van der D i 1 s t, sijnes broeders Alberts weduwe, crigt van de selve weder approbatie der voors. sijner beleninge, 1 Julii 1581.
Idem vernijt eedt, 3 Oct. 1581.
Johan van Arnhem, erve sijnes vaders Josephs, 9 Oct. 1588.
Idem maeckt bij confirmatie sijner hilixvorworden, dat t leen van 'teen kind op 't ander erven' ende ten lesten weder vallen sal an die syde, daer 't hergecomen is, ende tuchtigt sijn vrou Johanna van Ittersum, 20 Aug. 1600.

tr. circa 1437
met

Derrica (Dirkje, Diederica) van Randwijck (Friedericke van Handwyck)1, dr. van Gijsbert van Randwijck (graaf van Doornick) en Lijsbeth Pieck, geb. circa 1420, ovl. in 1480,
, Een akte uit 1483. waarin Johan van Randwijck en zijn vrouw Johanna vanWees aan Johanna van Randwijck, weduwe van Gijsbert van Randwijk een rente in het kerspel van Heusden verkopen. Hun borgen zijn Bartholomeus van Eck Bartholomeusz en Allert van BemmelWillemsz en zal deze rente na Johanna's dood komen aan Gijsberta van Randwijck ehevrouwe van Allard van Bemmel, haar
dochter en aan de kinderen van Bartholomeus van Eck die hij gehad heeft bij wijlen Bata van Randwijck, tr. (1) in 1436 met Goossen (Goosen) van Lijnden. Uit dit huwelijk een dochter.

 

Uit dit huwelijk 3 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Goossen*1457  †1517  60
Albert  †1480 Heusden  
Aalbrecht*1440  †1485  45



Bronnen:
1.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883
2.Heraldieke Bibliotheek. (HB), J.B. Rietstap, ’s-Gravenhage


Goossen van Bemmel
Goossen van Bemmel, geb. in 1457, ovl. circa 1517.

  • Moeder:
    Derrica (Dirkje, Diederica) van Randwijck (Friedericke van Handwyck)1, dr. van Gijsbert van Randwijck (graaf van Doornick) en Lijsbeth Pieck, geb. circa 1420, ovl. in 1480,
    , Een akte uit 1483. waarin Johan van Randwijck en zijn vrouw Johanna vanWees aan Johanna van Randwijck, weduwe van Gijsbert van Randwijk een rente in het kerspel van Heusden verkopen. Hun borgen zijn Bartholomeus van Eck Bartholomeusz en Allert van BemmelWillemsz en zal deze rente na Johanna's dood komen aan Gijsberta van Randwijck ehevrouwe van Allard van Bemmel, haar
    dochter en aan de kinderen van Bartholomeus van Eck die hij gehad heeft bij wijlen Bata van Randwijck, tr. (1) in 1436 met Goossen (Goosen) van Lijnden. Uit dit huwelijk een dochter.
 



Bronnen:
1.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883
2.Heraldieke Bibliotheek. (HB), J.B. Rietstap, ’s-Gravenhage


Sophia van Bylandt
Sophia van Bylandt, Erbin von Bylandt, Millingen und Pannerden, ovl. in 1381.

tr.
met

Willem van den Berghe, heer van Bergh, ovl. op 14 nov 1387.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Elisabeth  †1375   


Johan van Bylandt
Johan van Bylandt.

Hij krijgt een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Sophia  †1381   


Willem van Culemburgh
Willem van Culemburgh, ovl. circa 1516.

 

tr. voor 6 jun 1481
met

Cunera van Lijnden1, dr. van Goossen van Lijnden en Derrica van Randwijck, juffer van Amerongen, ovl. in 1491,
, Cunera van Lijnden, huwde in 1457 Otto van Bylandt, Ridder, Raad en Kamerling van Hertog Arnold van Gelre in 1450, kreeg in 1452 goed van zijn moeder in Aspel en Rees, was Raad van Hertog Adolf van Gelre, op wiens aanraden deze zijn vader, Hertog Arenold, gevangen nam in 1464. Door den Hertog naar Kleef gezonden om een schikking te maken, Maarschalk van Hertog Arnold van Gelre en ging in 1467 naar de Conferentie te Kleef, Maarschalk en Drost van Buren, teekende het Verbond tusschen Hertog Arnold van Gelre en Ruprecht Aartsbisschop van Keulen in 1467. Beleend met Tricht in 1470. Zijne erfgenamen hadden na zijn dood geschil met Willem van  Culemborg wegens eene pretentie op Gysbert en Rutger van Randwyck in 1496. Hij stierf in 1482 en was zoon van Otto van Bilant, Heer van Halderen, Beyningen en Halt, en Elisabeth de Rode van Heeckeren. Cunera van Lijnden was geheeten de Juffer van Amerongen en maakte een Magescheid met hare zusters, waarin haar stiefvader (Johan van Bemmel) en Dirk van Lijnden van Hemmen, HendrikK Heer van  Doornick, Goossen van Lijnden, Goossenz van Bemmel en Berthold Hackfort als maghevrienden en scheidslieden van beide zijden, tusschen Heer Adolph van Wylich, Ridder en Hofmeester van het land van Kleef, namens zijn vrouw Elisabeth van Bylant, Juffer Cunera van Bylant geheeten van Ammersoyen, Willem van  Culemborg en Juffr. Margriet zijne dochter magescheid maken wegens versterf en erfenis van zaliger Vrouwe Cunera van Lijnden, geheeten van Bilant. Cunera van Lijnden overleed voor 1491 en hertrouwde met Willem van  Culemborg, Heer van Renswoude, Drost van Weerd, zoon van Gerhard van Culemborg en Belia Taets van Amerongen. Hij hertrouwde Jenne van Brienen, dochter van Johan van Brienen tot Biessel, Burgemeester van Harderwijk, en Elisabeth van Kerskorf tot Biesenburg, tr. (1) met Otto Ritter von Bylant. Uit dit huwelijk 2 dochters.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Margaretha     



Bronnen:
1.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Margaretha van Culemburgh
Margaretha van Culemburgh.



Bronnen:
1.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883

Gerrit van Culemburgh
 
Gerrit van Culemburgh, geb. in 1400, heer van Maurik, ovl. voor 27 feb 1459.

  • Vader:
    Gerrit (Gerrit Gerritsz) van Culemborg, zn. van ridder Gerrit van Culemborg (heer van Culemborg en van der Lecke) en Bertha van Egmond, geb. in 1381, ovl. op 16 mrt 1466,
    , heer van Maurik, geb. 1381, verkreeg 5 juni 1403 o.m. het  leengoed te Muijswinkel, groot 56 morgen, en had hierover op 30 maart 1459 een geschil met één zijner zoons; zegelde 9 april 1415 namens zijn neef, de heer van Boxmeer, en deelde 27 mei 1424 de bezittingen met zijn broers heer Johan III en Peter; zag op 14 okt. 1433 (met Peter) af van de rechten op het land van de Lek, hun aanbestorven van hun broer Zweder; zegelde op 2 juni 1453 enige oorkonden en verklaarde 10 febr. 1460 dat heer Johan III en heer Gerrit II zich hadden gehouden aan de scheidingsbepaling van 27 mei 1424; overl. tussen 10.2.1460 en 16.3.1466. Tr. 1) Arnolda Oem van Bochoven van Zevender, vrouwe van Renswoude (1417-1423), overl. voor 26 febr. 1423, dr. van Claes Oem van Zevender en Machteld van Isendoorn. Tr. 2)  tussen 1421 en 1438 Gijsberta van Zuylen van Nyevelt, overl. na 16.3.1466, tr. (1) met Gijsbertha van Zuylen van Nijeveld (Zuylen van Nyevelt, van), dr. van Jacob van Zuylen van Nijeveld en Elisabeth van Nijenrode. Uit dit huwelijk een zoon, tr. (2).
 
 

tr. in 1445
met

Margaretha Taets van Amerongen, dr. van Johan Taets van Amerongen (schepen van Utrecht) en Margriet van Colverschoten (vrouwe van Reynesteyn), geb. Utrecht in 1410, ovl. tussen 6 jun 1481 en 13 jun 1493 .

Uit dit huwelijk 2 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Willem  †1516   
Margaretha*1445  †1505  60


Margaretha Taets van Amerongen
Margaretha Taets van Amerongen, geb. Utrecht in 1410, ovl. tussen 6 jun 1481 en 13 jun 1493 .

tr. in 1445
met

Gerrit van Culemburgh, zn. van Gerrit van Culemborg en Arnolda Oem van Zevender, geb. in 1400, heer van Maurik, ovl. voor 27 feb 1459.

 

Uit dit huwelijk 2 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Willem  †1516   
Margaretha*1445  †1505  60


Steven van Lijnden
Steven van Lijnden, heer van Mussenberg, ovl. op 18 sep 1507, begr. Arnhem.

 



Bronnen:
1.Heraldieke Bibliotheek. (HB), J.B. Rietstap, ’s-Gravenhage
2.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Johan von Bylant
Johan von Bylant, ovl. in 1490,
, auf Halt, Johan van den Bilant Ottensoon ontflnck dat lant geheiten Otten lant van den Bilande, dat op die Haeldersche straet schuyt, daer Johans erve van Doirnick baven gelegen is endo met den anderen eynde schiet an erve Jacobs van Aembe, Borre ende Stevens van Doirnick, met der eener sijden langs den dijck ten Wale waert an ende met der anderen sijde gelegen an een stuck lants geheiten die Poylryck, tobehorende Emmelrick Spaen; item een weert ende die wade, daer landt Johans van Doirnick hoven gelegen is, buten ende binnen, met den nedersten eynde schietende an landt Emmelricks
voors.; te verhergewaden met v mercken tot Valkenborgschen
leensrecht, a°. 1447. Op 17 September 1392 werd Johan van Bylant heren Otten soen hiermede beleend, en 13 November 1392 Johan van Bylant met het goed van Johan Hasart (v. Doorninck, Leenacten).


Otto von Bylandt
Otto (Adriaan Otto) von Bylandt, geb. circa 1465, ovl. op 20 jan 1521.

tr. op 1 aug 1499
met

Elisabeth Schenck van Nydeggen, geb. circa 1470, ovl. op 11 dec 1551,
, Elisabet Schenk van Nydeggen, weduwe Otten van BilantHenrickssoon, beleent, 30 Junii 1521


Elisabeth Schenck van Nydeggen
Elisabeth Schenck van Nydeggen, geb. circa 1470, ovl. op 11 dec 1551,
, Elisabet Schenk van Nydeggen, weduwe Otten van BilantHenrickssoon, beleent, 30 Junii 1521.

tr. op 1 aug 1499
met

Otto (Adriaan Otto) von Bylandt, zn. van Hendrik von Bylandt (burggraaf van Nijmegen) en Johann van Arenthal (vrouwe van Well en Loenen), geb. circa 1465, ovl. op 20 jan 1521


Floris I van Haamstede
Floris I van Haamstede, geb. circa 1300, heer van Haemstede, ridder 1328, ovl. tussen 26 sep 1345 en 27 sep 1345 ,
, Heer van Haamstede (onder voogdij) 1321; door zijn huwelijk ook heer van Bergen (Kennemerland); behoort tot de edelen die getuigenissen omtrent de landscheiding tussen Brabant en Holland horen 1326; wordt door graaf Willem III ‘neef’ genoemd 4-3-1326 en 28-7-1327; vermeld als ridder vanaf 27-11-1328; herverdeelt met zijn beide broers de van hun vader geërfde goederen 2-4-1335; beleend met gronden en rechten, de graaf van Klaas van Kortgene aanbestorven in Noord-Beveland 5-7 en (evenals zijn broer Arnoud) met de helft van wat hun broer Jan bij overlijden naliet Valenciennes
8-7-1338; is een der voornaamste raadslieden van graaf Willem IV en is, mede door zijn functie als zegelaar, in de jaren 1338-1341 bij vrijwel alle regeringszaken betrokken; wordt op grond van deze verdiensten verheven tot baanrots en wordt om de daarbij behorende staat te kunnen voeren beleend met Schachtekijnspolder in Zuid-Beveland 9-4-1341; samen met zijn vrouw beleend met al hetgeen zijn schoonmoeder in leen placht te houden 14-9 en vermeld als baljuw van Zierikzee 17-9-1343; neemt deel aan de oorlog tegen de stad Utrecht in de zomer van 1345 en vervolgens aan de krijgstocht met Willem IV tegen de Friezen; gesneuveld bij Stavoren 26-9- 1345.

tr.
met

Goede van Bergen, dr. van Jan Willemsz van Haarlem en Jutte Jans van Persijn,
, Bij haar huwelijk door graaf Willem III erkend als erfdochter (voor de Persijn-goederen welke haar moeder ten huwelijk meebracht) en begiftigd met een jaargeld uit de tienden van ‘s-Gravenzande; door de gravinweduwe Johanna beleend met het huis Aelbrechtsberg (onder Bloemendaal) 1346; ziet haar recht op (de helft van) Waterland erkend door de mede-erfgenaam Gijsbrecht van Nijenrode 4-1-1373; nog vermeld 24-2-1377.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jan II*1320  †1386  66



Bronnen:
1.Genealogie der Graven van Holland (DEK/HOL), Dr. A.W.E. Dek, Europese Bibliotheek, Zaltbommel, 1969 (blz. 20)
2.Graven van Holland (B 021), D.E.H. Boer en E.H.P. Cordfunke, Walburg Pers, 90-6011-915-0, Zutphen, 1995 (blz. 71)
3.De Navorscher (NAV 002), De Navorscher 1866, pag. 318, CD-rom pag. 320
4.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Goede van Bergen
Goede van Bergen,
, Bij haar huwelijk door graaf Willem III erkend als erfdochter (voor de Persijn-goederen welke haar moeder ten huwelijk meebracht) en begiftigd met een jaargeld uit de tienden van ‘s-Gravenzande; door de gravinweduwe Johanna beleend met het huis Aelbrechtsberg (onder Bloemendaal) 1346; ziet haar recht op (de helft van) Waterland erkend door de mede-erfgenaam Gijsbrecht van Nijenrode 4-1-1373; nog vermeld 24-2-1377.

tr.
met

Floris I van Haamstede, zn. van Witte heer van Haamstede en Agnes van der Sluys, geb. circa 1300, heer van Haemstede, ridder 1328, ovl. tussen 26 sep 1345 en 27 sep 1345 ,
, Heer van Haamstede (onder voogdij) 1321; door zijn huwelijk ook heer van Bergen (Kennemerland); behoort tot de edelen die getuigenissen omtrent de landscheiding tussen Brabant en Holland horen 1326; wordt door graaf Willem III ‘neef’ genoemd 4-3-1326 en 28-7-1327; vermeld als ridder vanaf 27-11-1328; herverdeelt met zijn beide broers de van hun vader geërfde goederen 2-4-1335; beleend met gronden en rechten, de graaf van Klaas van Kortgene aanbestorven in Noord-Beveland 5-7 en (evenals zijn broer Arnoud) met de helft van wat hun broer Jan bij overlijden naliet Valenciennes
8-7-1338; is een der voornaamste raadslieden van graaf Willem IV en is, mede door zijn functie als zegelaar, in de jaren 1338-1341 bij vrijwel alle regeringszaken betrokken; wordt op grond van deze verdiensten verheven tot baanrots en wordt om de daarbij behorende staat te kunnen voeren beleend met Schachtekijnspolder in Zuid-Beveland 9-4-1341; samen met zijn vrouw beleend met al hetgeen zijn schoonmoeder in leen placht te houden 14-9 en vermeld als baljuw van Zierikzee 17-9-1343; neemt deel aan de oorlog tegen de stad Utrecht in de zomer van 1345 en vervolgens aan de krijgstocht met Willem IV tegen de Friezen; gesneuveld bij Stavoren 26-9- 1345.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jan II*1320  †1386  66



Bronnen:
1.Genealogie der Graven van Holland (DEK/HOL), Dr. A.W.E. Dek, Europese Bibliotheek, Zaltbommel, 1969 (blz. 20)
2.De Navorscher (NAV 002), De Navorscher 1866, pag. 318, CD-rom pag. 320


Jan Willemsz van Haarlem
Jan Willemsz van Haarlem.

tr.
met

Jutte Jans van Persijn (Persijn), dr. van Jan III Persijn en Jutte van Brederode.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Goede