Website van $boomnaam$
Godschalk van Winssen
Godschalk van Winssen,
, maarschalk van Eemland, burgemeester en schepen van Utrecht.

tr.
met

Elisabeth Mouwer, Vrouwe van Heemstede.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Adelise  †1466   


Elisabeth Mouwer
Elisabeth Mouwer, Vrouwe van Heemstede.

tr.
met

Godschalk van Winssen,
, maarschalk van Eemland, burgemeester en schepen van Utrecht.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Adelise  †1466   


Walburga van Benthem
Walburga van Benthem, ovl. in 1392.

tr.
met

Goossen (Goosen) van Lijnden1, zn. van Dirk van Lijnden en Adelise van Winssen, ovl. in 1455,
, Zijn huwelijksvrienden waren BARTHOLD VAN GENT, Heer van Loenen, WILLEM HUSCKE, JOHAN Heer VAN HOMOET EN WISCH, en JAKOB VAN AMBE. Hij transporteert in 1448 met zijn schoonvader GIJSBERT VAN RANDWYCK, Graaf in Doornick, Thinsen, zu Hofsteden en 50 Vlaamsche ponden aan zijn zwager GIJSBERT VAN RANDWYCK. Hij stierf omstreeks 1455. Zijne weduwe was tegenwoordig bij het huwelijk harer dochter CUNERA VAN LIJNDEN in 1457 met OTTO VAN BYLANDT. Zij hertrouwde omstreeks 1457 JOHAN VAN BEMMEL, Graaf in Doornick. Hij zegelde in 1436 mede het Verbond van de Landschaps en was op den Landdag. Hij kocht met zijn vrouw in 1457 de Heerlijkheid Doornick ten behoeve van hun onmondigen zoon GOOSSEN, was in 1460 op de Riddercedule te Setten, zegelde in 1463 als Graaf in Doornick, overleed in 1472 en was zoon van ALARD VAN BEMMEL en WOLBE VAN WEZE, tr. (1) met Derrica van Randwijck, dr. van Gijsbert van Randwijck (graaf van Doornick) en Lijsbeth Pieck. Uit dit huwelijk een dochter, tr. (3) met Anna van Blitterswijck. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (4) met Catharina van Montfoort. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Bronnen:
1.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883
2.Heraldieke Bibliotheek. (HB), J.B. Rietstap, ’s-Gravenhage


Anna van Blitterswijck
Anna van Blitterswijck.

tr.
met

Goossen (Goosen) van Lijnden1, zn. van Dirk van Lijnden en Adelise van Winssen, ovl. in 1455,
, Zijn huwelijksvrienden waren BARTHOLD VAN GENT, Heer van Loenen, WILLEM HUSCKE, JOHAN Heer VAN HOMOET EN WISCH, en JAKOB VAN AMBE. Hij transporteert in 1448 met zijn schoonvader GIJSBERT VAN RANDWYCK, Graaf in Doornick, Thinsen, zu Hofsteden en 50 Vlaamsche ponden aan zijn zwager GIJSBERT VAN RANDWYCK. Hij stierf omstreeks 1455. Zijne weduwe was tegenwoordig bij het huwelijk harer dochter CUNERA VAN LIJNDEN in 1457 met OTTO VAN BYLANDT. Zij hertrouwde omstreeks 1457 JOHAN VAN BEMMEL, Graaf in Doornick. Hij zegelde in 1436 mede het Verbond van de Landschaps en was op den Landdag. Hij kocht met zijn vrouw in 1457 de Heerlijkheid Doornick ten behoeve van hun onmondigen zoon GOOSSEN, was in 1460 op de Riddercedule te Setten, zegelde in 1463 als Graaf in Doornick, overleed in 1472 en was zoon van ALARD VAN BEMMEL en WOLBE VAN WEZE, tr. (1) in 1436 met Derrica van Randwijck. Uit dit huwelijk een dochter, tr. (2) met Walburga van Benthem. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (4) met Catharina van Montfoort. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Bronnen:
1.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Catharina van Montfoort
Catharina van Montfoort.

tr.
met

Goossen (Goosen) van Lijnden2, zn. van Dirk van Lijnden en Adelise van Winssen, ovl. in 1455,
, Zijn huwelijksvrienden waren BARTHOLD VAN GENT, Heer van Loenen, WILLEM HUSCKE, JOHAN Heer VAN HOMOET EN WISCH, en JAKOB VAN AMBE. Hij transporteert in 1448 met zijn schoonvader GIJSBERT VAN RANDWYCK, Graaf in Doornick, Thinsen, zu Hofsteden en 50 Vlaamsche ponden aan zijn zwager GIJSBERT VAN RANDWYCK. Hij stierf omstreeks 1455. Zijne weduwe was tegenwoordig bij het huwelijk harer dochter CUNERA VAN LIJNDEN in 1457 met OTTO VAN BYLANDT. Zij hertrouwde omstreeks 1457 JOHAN VAN BEMMEL, Graaf in Doornick. Hij zegelde in 1436 mede het Verbond van de Landschaps en was op den Landdag. Hij kocht met zijn vrouw in 1457 de Heerlijkheid Doornick ten behoeve van hun onmondigen zoon GOOSSEN, was in 1460 op de Riddercedule te Setten, zegelde in 1463 als Graaf in Doornick, overleed in 1472 en was zoon van ALARD VAN BEMMEL en WOLBE VAN WEZE, tr. (1) in 1436 met Derrica van Randwijck. Uit dit huwelijk een dochter, tr. (2) met Walburga van Benthem. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (3) met Anna van Blitterswijck. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Bronnen:
1.De heren van Amstel 1105-1378 (AMS/AMS), Th.A.A.M. van Amstel, Verloren, ISBN nummer: 9065502998, Hilversum, 1999 (blz. 239)
2.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Harald Grenske Gudrodsson av Vestfold
Harald Grenske Gudrodsson av Vestfold, geb. circa 947, Onderkoning van Vesfold Agder en Viken, ovl. tussen 986 en 995,
, Harald Grenske (ca. 947 - ca. 995), was onderkoning van Vestfold, Agder en Viken (het gebied rond Oslo). Zijn bijnaam verwijst naar de regio Grenland in Telemark.
Hij was een kleinzoon van Bjørn Farmann. Nadat zijn vader Gudrød was vermoord door Harald II van Noorwegen vluchtte Harald naar Zweden. Na de val van Harald II, keerde Harald terug naar Noorwegen en steunde een Deense invasie. Als dank werd hij beloond met zijn onderkoningschap.
Harald was getrouwd met Åsta Gudbrandsdatter. Hij verstootte haar om te kunnen trouwen met Sigrid de Hoogmoedige. Zij was niet gediend van zijn aanzoek en liet hem vermoorden om andere huwelijkskandidaten af te schrikken.
Harald werd gedood door Sigrid de Hooghartige (ook bekend als Sigrid Storråda, Gunhild van Polen en Sietoslawa van Polen). Hij had zijn vrouw Åsa verstoten om te kunnen trouwen met Sigrid. Toen hij haar ten huwelijk vroeg wees ze hem af. Zij vond hem onwaardig voor haar. Om verdere huwelijksaanzoeken van onwaardige kandidaten af te schrikken, sloot ze Harald op in een huis en liet dat in de brand steken.

tr.
met

Asta Gudbrandsdatter, dr. van Gudbrand Kula Olafsson en Ulfhilde Thorasdottir,
, Åsta Gudbrandsdatter (c. 975/980 – c. 1020/1030) was the mother of two Norwegian kings, King Olaf II of Norway and King Harald III of Norway. The primary source for the life of Åsta Gudbrandsdatter is Snorri Sturluson's saga Heimskringla, a 13 th -century collection of tales about the lives of the Norwegian kings. In the chronicle, Åsta Gudbrandsdatter is described as "generous and high-minded" and as a keen political player and guiding influence on her royal husbands and children. Her parents were Gudbrand Kula and Ulfhild, tr. (2) met Sigurd Syr van Ringerike,
, Åsta hertrouwde met Sigurd Syr, onderkoning van Ringerike en werd moeder van nog vijf kinderen, waaronder Harald III van Noorwegen. Uit dit huwelijk 5 kinderen, waaronder.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Olav II*995 Gvarv [Norway] †1030 Stiklestad [Norway] 35


Asta Gudbrandsdatter
Asta Gudbrandsdatter,
, Åsta Gudbrandsdatter (c. 975/980 – c. 1020/1030) was the mother of two Norwegian kings, King Olaf II of Norway and King Harald III of Norway. The primary source for the life of Åsta Gudbrandsdatter is Snorri Sturluson's saga Heimskringla, a 13 th -century collection of tales about the lives of the Norwegian kings. In the chronicle, Åsta Gudbrandsdatter is described as "generous and high-minded" and as a keen political player and guiding influence on her royal husbands and children. Her parents were Gudbrand Kula and Ulfhild.

tr. (1)
met

Harald Grenske Gudrodsson av Vestfold, zn. van Gudröd Björnsson Yngling en Cecilia , geb. circa 947, Onderkoning van Vesfold Agder en Viken, ovl. tussen 986 en 995,
, Harald Grenske (ca. 947 - ca. 995), was onderkoning van Vestfold, Agder en Viken (het gebied rond Oslo). Zijn bijnaam verwijst naar de regio Grenland in Telemark.
Hij was een kleinzoon van Bjørn Farmann. Nadat zijn vader Gudrød was vermoord door Harald II van Noorwegen vluchtte Harald naar Zweden. Na de val van Harald II, keerde Harald terug naar Noorwegen en steunde een Deense invasie. Als dank werd hij beloond met zijn onderkoningschap.
Harald was getrouwd met Åsta Gudbrandsdatter. Hij verstootte haar om te kunnen trouwen met Sigrid de Hoogmoedige. Zij was niet gediend van zijn aanzoek en liet hem vermoorden om andere huwelijkskandidaten af te schrikken.
Harald werd gedood door Sigrid de Hooghartige (ook bekend als Sigrid Storråda, Gunhild van Polen en Sietoslawa van Polen). Hij had zijn vrouw Åsa verstoten om te kunnen trouwen met Sigrid. Toen hij haar ten huwelijk vroeg wees ze hem af. Zij vond hem onwaardig voor haar. Om verdere huwelijksaanzoeken van onwaardige kandidaten af te schrikken, sloot ze Harald op in een huis en liet dat in de brand steken.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Olav II*995 Gvarv [Norway] †1030 Stiklestad [Norway] 35

tr. (2)
met

Sigurd Syr van Ringerike,
, Åsta hertrouwde met Sigurd Syr, onderkoning van Ringerike en werd moeder van nog vijf kinderen, waaronder Harald III van Noorwegen.

Uit dit huwelijk 5 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Harald III     


Jan van Lijnden
Jan van Lijnden, ovl. op 13 apr 1473,
, ridder, 3e Baron van Hemmen, 2e Heer van Boelenham en Musschenberg, op een Riddercedule van Over-Betuwe circa 1460 ; hij steunde, evenals zijn vader, Hertog ARNOUD bij invallen in het Hertogdom Gulick en werd door den Hertog van Gelder in 1444 tot Ridder geslagen. Hij koos in den strijd tusschen Hertog ARNOUD VAN GELDER en zijn zoon de partij des vaders ; na de gevangenneming van den ouden Hertog vluchtte hij naar den Hertog van Kleef. Hertog ADOLF belegerde en verbrandde toen het kasteel Hemmen. In 1468
viel JAN VAN I,IJNDEN daarop in Gelderland en maakte zich
meester van Doesburgh. Hij werd echter door Hertog ADOLF
weder teruggeslagen. Toen Hertog KAREL VAN BOURGONDIË door den Keizer aangewezen om de oneenigheid tusschen Hertog ARNOUD en zijn zoon te bemiddelen, beiden in 1470 te Doulens liet samenkomen, was JAN VAN LIJNDEN tegenwoordig, en toen Hertog ARNOUD het kasteel te Grave belegerde, werd het door JAN VAN LIJNDEN 28 Juni 1471 bestormd en ingenomen. Hij werd 15 Juli 1472 door den Hertog tot Maarschalk van Gelderland
benoemd.

tr. Kasteel Doornick in 1440
met

Fulswina (Folswijn, Folswina) van Randwijck, dr. van Gijsbert van Randwijck (graaf van Doornick) en Elisabeth van Dornick.

 

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Steven  †1507 Arnhem  



Bronnen:
1.Heraldieke Bibliotheek. (HB), J.B. Rietstap, ’s-Gravenhage
2.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Gijsbert van Lijnden
Gijsbert van Lijnden.

tr.
met

Elisabeth van Wely, dr. van Jan van Wely, tr. (2) met Rutger van Randwijck, zn. van Gijsbert van Randwijck (graaf van Doornick) en Elisabeth van Dornick, ovl. in 1459,
, Rutger van Randwyck, heer van Dornick, zoon van Gijsbert van Randwyck, graaf van Doornick, en Elisabeth Pieck. Hij werd na doode van zijn vader beleend met Doornick en tochtte er zijne vrouw Elisabeth van Wely aan in 1455. Hij verkocht Dornick
aan zijn zuster Derrica van Randwyck en haar man Johan van Bemmel en stierf kinderloos in 1459. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Bronnen:
1.Heraldieke Bibliotheek. (HB), J.B. Rietstap, ’s-Gravenhage
2.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Hillegond van Lijnden
Hillegond van Lijnden.

tr.
met

Jan Heer van Bemmel


Adelise van Lijnden
Adelise van Lijnden.


Elisabeth van Lijnden
Elisabeth van Lijnden.


Jan van Bemmel
Jan Heer van Bemmel.

tr.
met

Hillegond van Lijnden, dr. van Dirk van Lijnden en Adelise van Winssen


Elisabeth van Wely
Elisabeth van Wely.

tr. (1)
met

Gijsbert van Lijnden, zn. van Dirk van Lijnden en Adelise van Winssen.

tr. (2)
met

Rutger van Randwijck, zn. van Gijsbert van Randwijck (graaf van Doornick) en Elisabeth van Dornick, ovl. in 1459,
, Rutger van Randwyck, heer van Dornick, zoon van Gijsbert van Randwyck, graaf van Doornick, en Elisabeth Pieck. Hij werd na doode van zijn vader beleend met Doornick en tochtte er zijne vrouw Elisabeth van Wely aan in 1455. Hij verkocht Dornick
aan zijn zuster Derrica van Randwyck en haar man Johan van Bemmel en stierf kinderloos in 1459.

 


Bronnen:
1.Heraldieke Bibliotheek. (HB), J.B. Rietstap, ’s-Gravenhage
2.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883

Rutger van Randwijck
 
Rutger van Randwijck, ovl. in 1459,
, Rutger van Randwyck, heer van Dornick, zoon van Gijsbert van Randwyck, graaf van Doornick, en Elisabeth Pieck. Hij werd na doode van zijn vader beleend met Doornick en tochtte er zijne vrouw Elisabeth van Wely aan in 1455. Hij verkocht Dornick
aan zijn zuster Derrica van Randwyck en haar man Johan van Bemmel en stierf kinderloos in 1459.

  • Vader:
    Gijsbert van Randwijck1,2, zn. van Rutger van Randwijck en Alvera van Laekmonde, graaf van Doornick, ovl. in 1455,
    , Hij begeeft zich in dienst van Jan van Beieren, Graaf van
    Holland en wordt in den slag van Gorinchem gevangen genomen 1 April 1419. Hij is lid van de Geldersche Ridderschap en voegt zich bij het verbond dat dezelve in 1418 voor den Hertog gemaakt had. 1419. Hij en Elisabeth, zijn vrouw, transporteeren 2 Hofsteden te Randwijck gelegen aan Gijsbert van Randwijck, zijn voorzoon 1436. Hij verschijnt op den Landslag te Nijmegen 1436. Hij is Richter van Overbetuwe en zegelt met het volle wapen van Randwijck, de hond staande op den helm. 1437. Hij koopt de Heerlijkheid Dornick van Johan Heer van Rossem 1437. Hij voert den titel van Greve en Graaf in Dornick in brieven van 1444, 1447, 1448, 1452. Hij tocht zijne vrouw Elisabeth van Dornick aan Huijs, Heerlijkheid
    enz. van Dornick 1437. Ambtman van Overbetuwe 1439-1440.
    Hij bekomt eenige goederen, getransporteerd door de drie broeders van Eede 1440. Met zijn vrouw Lijsbeth en haar zoons Rutger en Arndt  verschrijft hij 20 gld. uit den Roever aan
    Meester Goossen van Lienden 1444. Hij krijgt als Graaf van
    Doornick voor den Thinsheer den Here van Egmont, eenige
    goederen aan hem getransporteerd door Bartha van Laer 1445. Hij verkoopt als Graaf in ‘Dornick met Lijsbeth zijn vrouw
    als Principalen en Rutger en Arndt van Randwijck, Goosen
    van Lienden en Jacob van Ambe als waarborgen, eenige Thinsen, 2 Hofsteden en 50 Vlaamsche ponden aan Gijsbert van Randwijck Gijsbertsz 1448. Hij vernieuwt te Cleef den leeneed wegens Dornick 1449. Hij is dood en wordt zijn zoon Rutgerbeleend met Dornick 1455. Voor zijn dood had hij van Johan van Lijnden eenig land in Hemmen tegen over het Huis in Dornick te leen gehouden en na zijn dood bekende zijn vrouw Lijsbeth en zijn zoon Rutger van Randwijck, dat dit land aan Johan van Lijnden behoorde, St. Urbaansdag 1455.
    12.3.1471
    Ghysbert van Randwyck, dem die Brüder Florys und Johan vanMyerlar, Ailart van
    Ghoir, Johan van Dript und Herman van Zandwyck 105 rhein. Gulden schuldeten, quittiert über deren
    Zahlung.Bitte an die Gebrüder Goert und Rutgher van Randwyck, Bartholomeus van Eck,
    Bartholomeus' Sohn, und Aillart van Bemmel, Wilhelms Sohn, um Mitbesiegelung, tr. (2) met Lijsbeth Pieck. Uit dit huwelijk 2 dochters, tr. (1) in 1437.
 
  • Moeder:
    Elisabeth (Lijsbeth) van Dornick2, ovl. na 1457,
    , Wordt ook vermeld als Elisabeth van Dornick zij was door haar man voor den Leenheer den Hertog van Cleve getocht aan Huis en Heerlijkheid Dornick 1437.
 

tr.
met

Elisabeth van Wely, dr. van Jan van Wely, tr. (1) met Gijsbert van Lijnden. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Bronnen:
1.Heraldieke Bibliotheek. (HB), J.B. Rietstap, ’s-Gravenhage
2.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883

Fulswina van Randwijck
 
Fulswina (Folswijn, Folswina) van Randwijck.

  • Vader:
    Gijsbert van Randwijck1,2, zn. van Rutger van Randwijck en Alvera van Laekmonde, graaf van Doornick, ovl. in 1455,
    , Hij begeeft zich in dienst van Jan van Beieren, Graaf van
    Holland en wordt in den slag van Gorinchem gevangen genomen 1 April 1419. Hij is lid van de Geldersche Ridderschap en voegt zich bij het verbond dat dezelve in 1418 voor den Hertog gemaakt had. 1419. Hij en Elisabeth, zijn vrouw, transporteeren 2 Hofsteden te Randwijck gelegen aan Gijsbert van Randwijck, zijn voorzoon 1436. Hij verschijnt op den Landslag te Nijmegen 1436. Hij is Richter van Overbetuwe en zegelt met het volle wapen van Randwijck, de hond staande op den helm. 1437. Hij koopt de Heerlijkheid Dornick van Johan Heer van Rossem 1437. Hij voert den titel van Greve en Graaf in Dornick in brieven van 1444, 1447, 1448, 1452. Hij tocht zijne vrouw Elisabeth van Dornick aan Huijs, Heerlijkheid
    enz. van Dornick 1437. Ambtman van Overbetuwe 1439-1440.
    Hij bekomt eenige goederen, getransporteerd door de drie broeders van Eede 1440. Met zijn vrouw Lijsbeth en haar zoons Rutger en Arndt  verschrijft hij 20 gld. uit den Roever aan
    Meester Goossen van Lienden 1444. Hij krijgt als Graaf van
    Doornick voor den Thinsheer den Here van Egmont, eenige
    goederen aan hem getransporteerd door Bartha van Laer 1445. Hij verkoopt als Graaf in ‘Dornick met Lijsbeth zijn vrouw
    als Principalen en Rutger en Arndt van Randwijck, Goosen
    van Lienden en Jacob van Ambe als waarborgen, eenige Thinsen, 2 Hofsteden en 50 Vlaamsche ponden aan Gijsbert van Randwijck Gijsbertsz 1448. Hij vernieuwt te Cleef den leeneed wegens Dornick 1449. Hij is dood en wordt zijn zoon Rutgerbeleend met Dornick 1455. Voor zijn dood had hij van Johan van Lijnden eenig land in Hemmen tegen over het Huis in Dornick te leen gehouden en na zijn dood bekende zijn vrouw Lijsbeth en zijn zoon Rutger van Randwijck, dat dit land aan Johan van Lijnden behoorde, St. Urbaansdag 1455.
    12.3.1471
    Ghysbert van Randwyck, dem die Brüder Florys und Johan vanMyerlar, Ailart van
    Ghoir, Johan van Dript und Herman van Zandwyck 105 rhein. Gulden schuldeten, quittiert über deren
    Zahlung.Bitte an die Gebrüder Goert und Rutgher van Randwyck, Bartholomeus van Eck,
    Bartholomeus' Sohn, und Aillart van Bemmel, Wilhelms Sohn, um Mitbesiegelung, tr. (2) met Lijsbeth Pieck. Uit dit huwelijk 2 dochters, tr. (1) in 1437.
 
  • Moeder:
    Elisabeth (Lijsbeth) van Dornick2, ovl. na 1457,
    , Wordt ook vermeld als Elisabeth van Dornick zij was door haar man voor den Leenheer den Hertog van Cleve getocht aan Huis en Heerlijkheid Dornick 1437.
 

tr. Kasteel Doornick in 1440
met

Jan van Lijnden, zn. van Dirk van Lijnden en Adelise van Winssen, ovl. op 13 apr 1473,
, ridder, 3e Baron van Hemmen, 2e Heer van Boelenham en Musschenberg, op een Riddercedule van Over-Betuwe circa 1460 ; hij steunde, evenals zijn vader, Hertog ARNOUD bij invallen in het Hertogdom Gulick en werd door den Hertog van Gelder in 1444 tot Ridder geslagen. Hij koos in den strijd tusschen Hertog ARNOUD VAN GELDER en zijn zoon de partij des vaders ; na de gevangenneming van den ouden Hertog vluchtte hij naar den Hertog van Kleef. Hertog ADOLF belegerde en verbrandde toen het kasteel Hemmen. In 1468
viel JAN VAN I,IJNDEN daarop in Gelderland en maakte zich
meester van Doesburgh. Hij werd echter door Hertog ADOLF
weder teruggeslagen. Toen Hertog KAREL VAN BOURGONDIË door den Keizer aangewezen om de oneenigheid tusschen Hertog ARNOUD en zijn zoon te bemiddelen, beiden in 1470 te Doulens liet samenkomen, was JAN VAN LIJNDEN tegenwoordig, en toen Hertog ARNOUD het kasteel te Grave belegerde, werd het door JAN VAN LIJNDEN 28 Juni 1471 bestormd en ingenomen. Hij werd 15 Juli 1472 door den Hertog tot Maarschalk van Gelderland
benoemd.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Steven  †1507 Arnhem  



Bronnen:
1.Heraldieke Bibliotheek. (HB), J.B. Rietstap, ’s-Gravenhage
2.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Steven van Lijnden
Steven van Lijnden,
, ridder, Heer van Hemmen, werd in 1359 door Keizer Karel IV op den Rijksdag te Maintz Ridder geslagen, bezegelde 1 November 1368 de huwelijksvoorwaarden tusschen Hertog Eduard en Catharina, oudste dochter van Hertog Albrecht van Beieren. Hij bezegelt 1 November 1368 de oorkonde waarbij Hertog Eduard ingeval van kinderloos overlijden de terugbetaling der huwelijksgave zijner bruid Catharina waarborgt. Hij belooft mede 25 Mei 1372 Graaf Jan van Blois schadeloos te zullen houden wegens alle lofnisse die hij gheloeft heeft voer heren Rutgher van Laecmonde, Ridder, voer Rutgher van Renwyc ende voer Dyricke den Roden, Knapen in zake de nalatenschap van Rutger van den Lewenborch. Hij bezegelt 21 Febr. 1375 een oorkonde ten behoeve van de St. Jansheeren te Arnhem. Hij bezegelt met Jan Heer van Lijnden en Goessen van Lijnden, Ridders, den Zoenbrief 2 November 1376 van Jan de Blois en Hertogin Mechteld ten behoeve van een aantal Edelen en helpt 6 Jan. 1377 de landvrede, het verbond tusschen Jan van Blois en Mechtild met de Ridders van Over- en Neder-Betuwe oprichten. Hij verzette zich eerst tegen Willem I als Hertog van Gelre, deed een inval in de Veluwe en bedreigde Arnhem, en van daar verdreven zijnde sloeg hij het beleg voor Wageningen, onder welks, muren Mei 1381 een veldslag werd geleverd. Kort daarna verzoende hij zich met den Hertog.

  • Vader:
    Dirk III heer van Lynden1, zn. van Steven van Lynden (knape, gegoed te Lienden), heer van Lienden, ovl. na 7 feb 1359,
    , Vermeld als knape 1320 -, als ridder 1327-1359, erfschenker van de hertog van Gelre van 1339 tot aan zijn dood, raad van de hertog (1344, 1345, 1358), woonde op het huis Ter Lede (1355,1359), verkocht goederen te Deest e.o. 1327, tr. circa 1312.
 
 

tr. in 1360
met

Elisabeth van Borre van Dornick, dr. van Willem van Borre van Dornick en Margareta van Bylandt.

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Dirk  †1437 Utrecht (Buurkerk)  
Goswin*1382 Valburg  Aalten  



Bronnen:
1.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Elisabeth van Borre van Dornick
Elisabeth van Borre van Dornick.

tr. in 1360
met

Steven van Lijnden, zn. van Dirk III heer van Lynden (heer van Lienden) en Ermgard van Keppel,
, ridder, Heer van Hemmen, werd in 1359 door Keizer Karel IV op den Rijksdag te Maintz Ridder geslagen, bezegelde 1 November 1368 de huwelijksvoorwaarden tusschen Hertog Eduard en Catharina, oudste dochter van Hertog Albrecht van Beieren. Hij bezegelt 1 November 1368 de oorkonde waarbij Hertog Eduard ingeval van kinderloos overlijden de terugbetaling der huwelijksgave zijner bruid Catharina waarborgt. Hij belooft mede 25 Mei 1372 Graaf Jan van Blois schadeloos te zullen houden wegens alle lofnisse die hij gheloeft heeft voer heren Rutgher van Laecmonde, Ridder, voer Rutgher van Renwyc ende voer Dyricke den Roden, Knapen in zake de nalatenschap van Rutger van den Lewenborch. Hij bezegelt 21 Febr. 1375 een oorkonde ten behoeve van de St. Jansheeren te Arnhem. Hij bezegelt met Jan Heer van Lijnden en Goessen van Lijnden, Ridders, den Zoenbrief 2 November 1376 van Jan de Blois en Hertogin Mechteld ten behoeve van een aantal Edelen en helpt 6 Jan. 1377 de landvrede, het verbond tusschen Jan van Blois en Mechtild met de Ridders van Over- en Neder-Betuwe oprichten. Hij verzette zich eerst tegen Willem I als Hertog van Gelre, deed een inval in de Veluwe en bedreigde Arnhem, en van daar verdreven zijnde sloeg hij het beleg voor Wageningen, onder welks, muren Mei 1381 een veldslag werd geleverd. Kort daarna verzoende hij zich met den Hertog.

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Dirk  †1437 Utrecht (Buurkerk)  
Goswin*1382 Valburg  Aalten  



Bronnen:
1.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883


Willem van Borre van Dornick
Willem van Borre van Dornick,
, Heer van Hemmen, Boelenham en Musschenberg, richter van Over Betuwe.

tr.
met

Margareta van Bylandt, dr. van Otto Dirk ridder van Bylant en Ermgard van Lynden, geb. Heumen in 1335, ovl. Heumen op 25 mei 1361, tr. (2) met Seger van Groesbeek. Uit dit huwelijk een dochter.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Elisabeth     


Margareta van Bylandt
Margareta van Bylandt, geb. Heumen in 1335, ovl. Heumen op 25 mei 1361.

tr. (1)
met

Willem van Borre van Dornick,
, Heer van Hemmen, Boelenham en Musschenberg, richter van Over Betuwe.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Elisabeth     

tr. (2)
met

Seger van Groesbeek, geb. Martin [Slovakia] circa 1362, Raad van Kleef en ambtman in Lijmers, ovl. in 1403,
, 1387 mei 17 (des vrydaghes na onss heren Hemelvaertsdach) Zegher van Gruysbeke, heer van Hoemen, ridder, verklaart huwelijkse voorwaarden te maken met Sweder van Rechteren voor het huwelijk van zijn dochter Fije met Van Rechteren, waarbij wordt bepaald dat hij haar 2800 guldens zal meegeven en dat zij daarbij afstand doet van haar rechten op de nalatenschap van wijlen haar moeder, en dat Van Rechteren dit geld zal beleggen in goederen die door Deric van Apeltaren, Henric van der Straten, Wynand van Aernhem en Jan Mompelyer van Overhage voldoende worden geacht, terwijl Van Rechteren haar een jaarlijks levenslang vruchtgebruik zal geven van 280 guldens, waarbij Van Gruysbeke, naast zijn zoon Johan van Gruysbeke als medeverbondene, tot borgen stelt Deric en Henric van Apeltaren, broers, Henric van Straten, ridders, Jorden van Wijlre, scholaster te Zeeflic, Herberen van Gruysbeke, Werenbrecht en Johan van Ubbergen, broers, Rutgher en Deric van Gruysbeke, broers, en Johan van Wijlre. Origineel charter (inv.nr. 32), met de zegels, waarvan enkele geschonden, van Zegher en Johan van Gruysbeke, vader en zoon, en van de tien borgen.
In deze oorkonde is Ridder Henric van Straten waarschijnlijk dezelfde als Henrich von der Straten, de broer van N von der Straten (de moeder van Fije van Groesbeek). Dit is de eerste aanwijzing dat de Ridders "Van Straten" uit het huidige Gelderland dezelfde zijn c.q. gerelateerd zijn aan de Ridders "Von der Straten" uit regio Weeze, Goch. Aan deze acte in het Archief van Huis Almelo moet dus ook het zegel van Heinrich vond der Straten te vinden zijn.
Seger van Groesbeek trouwde na N von der Straten ook nog eens met Margaretha van Bylandt. Het huwelijk met N von der Straten wordt haast nergens genoemd. Echter, de zoon van Seger van Groesbeek voerde later de titel Heer van Hoemen en Calbeck (!), welke laatste titel in de familie kwam via het huwelijk met N von der Straten.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Sophia