GensDataPro persoonskaarten 2380-2399
Margaretha van Vlaanderen-Dampierre

Margaretha van Vlaanderen-Dampierre, geb. circa 1266, ovl. (ongeveer 65 jaar oud) in 1331, begr. te Gravendal.

otr. (1) op 21 apr 1286 huwelijkscontract, tr. (resp. ongeveer 20 en ongeveer 31 jaar oud) te Namen [België] op 3 jul 1286
met

Reinoud I graaf van Gelre, zn. van Otto II 'de Lamme' van Gelre (graaf Gelre en Zutphen) en Philippa van Dammartin en Ponthieu, geb. 1271-1326, jure uxoris hertog van Limburg 1274 maar moest zijn aanspraken na de verloren slag bij Woeringen op 5 juni 1288 opgeven, door Rooms-koning Frederik 'de Schone' verheven tot rijksvorst 1317 circa 1255, graaf van Gelre en Zutphen, ovl. (ongeveer 71 jaar oud) te Montfoort op 9 okt 1326, begr. te Grafental klooster op 21 okt 1326, tr. (2) met Irmgard gravin van Limburg.
Reinald (I) graaf van Gelre geeft in 1307 aan de Orde van het hospitaal van S. Jan van Jeruzalem de kerk te Spankeren en die te Hengelo, voorts uit Nijenbeek eene jaarrente van vijftig pond gelds en uit den hoj en molen te Staveren eene van twintig pond, waarvoor de Orde zoo te Nijenbeek of S. Janswaard als te Staveren twee priesters en eenen leekebroeder zoude houden, belovende voorts, te Godswaard, dat Hattem plagt te heeten, op zijne kosten, twee priesters en eenen leekebroeder te zullen onderhouden ; verder vergunt hij, dat de broeders der Orde alleen voor den grootmeester in Duitschland zouden teregt staan, en dat zij zich mogten bevlijtigen om de kerk te Godswaard in bezit te krijgen; al hetwelk geschiedt met bewilliging van Margaretha gravin van Gelre, Gijsbrecht heer van Bronkhorst, Dirk heer van Batenburg, Dirk heer van Bylant, Steven heer van Wisch en Frederik van Reden, ridders.

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Reinoud*1295  †1343 's-Gravendaal 48
Guido  †1315 Arnhem  
Philipp*1300  †1300  0
Elisabeth  †1354 Keulen [Duitsland]  
Philippa  †1352 Keulen [Duitsland]  
Margaretha*1290  †1333  43


Jan I van Kuyc

Jan I van Kuyc, geb. circa 1230, heer van Kuyc en Grave, ovl. (ongeveer 78 jaar oud) op 13 jul 1308.

tr. (ongeveer 20 jaar oud) circa 1250
met

Jutta van Nassau, dr. van Hendrik II 'de Rijke' graaf van Nassau (graaf, bouwt de Dillenburg) en Machteld van Gelre, geb. voor 1285 (circa 1240, schatting), gravin van Nassau, vermeld 1285-1313, ovl. (minstens 27 jaar oud) na 25 jan 1312.
Vermeld 1260-1308, heer van Kuyc en Grave 1254-1308, heer van Merum en Neerloon, heer van Kuyc en Grave ter opvolging van zijn vader 1254; tevens heer van Merum en Neerloon; verbindt zich met hertog Jan I van Brabant (doch met voorbehoud tegenover Gelre) 31-10-1286 en strijdt, als aanvoerder van een afdeling (conroot) waarin ook de banner-eenheden van Arkel en Heusden waren opgenomen, met hertog Jan I mee bij Woeringen 5-6-1288; organisator van de ontvoering van graaf Floris V van Holland 1296; vermeld t/m 1308; zn. van Hendrik III van Kuyc, ridder, heer van Kuyc en Grave, van Merum en half Asten, en diens eerste echtgenote.
(waarschijnlijk een dochter van Jan van Putten). Het bezit van Katendrecht wordt in leen gegeven door Jan van Cuyk aan Nicolaas van Putten: 8.7.1311 Jan Heer van Kuuc oorkondt, dat hij in leen heeft gegeven aan Heer Niclais van Putten en Striene de goederen en rechten die hij heeft in het ambacht van Katendrecht. Overigens wordt hij pas op 12 april 1260 voor het eerst vermeld als zoon van Hendrick: Jan, heer van Cuijk, bevestigt de gift door zijn vader Hendrik aan de abdij Mariënweerd gedaan, van zijn aandeel in het patronaatsrecht van de kerk te Beesd.
Bij de Nassause deling van 16 december 1255zien we als zegelende getuige graaf Emich van Leiningen. Een eerdere verwantschap tussen Leiningen en Nassau is niet bekend. Het zou dus best mogelijk zijn dat graaf Otto II van Nassau reeds voor 16 december 1255 was gehuwd met Agnes van Leiningen. Opmerkelijke afwezige in dit delingsverdrag was zus Jutta die volgens Coldeweij ca.1260 zou huwen met Jan I van Kuyc. De eerste maal dat Jan I wordt genoemd als getuige voor zijn zwager - de elect Jan van Nassau - was pas in 1274. Het is overigens best mogelijk dat Jutta in december 1255 nog onmondig was en/of haar minimale huwelijkse leeftijd nog niet zou hebben bereikt. Verder door filosoferend zou Jutta dus geboren moeten zijn na december 1243. Haar ouders, graaf Hendrik II van Nassau en Mechteld van Gelre worden voor het laatst genoemd in 1247 zodat dat gegeven haar hypothetische geboortejaar niet in de weg staat. Omdat haar ouders al voor 1221 waren gehuwd zal Jutta het nakomertje in het gezin zijn gewees.
Jan I van Kuyc en Jutta van Nassau
tot Jan en Jutta's oudste kinderen kan een dochter worden gerekend die medio jaren zeventig huwde met Gijsbert van Amstel. Hun zoon Jan van Amstel (de banneling) voerde in zijn wapenschild een Kuycskwartier. Ook de voornaam Jan zal zijn ontleend aan een vernoeming naar grootvader Jan van Kuyc

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Willem*1265  †1303  38
Agnes  †1345   
Aleidis     
Kunigunde*1270  †1329  59
NN     
Hendrick  †1304   
Otto     


Jutta van Nassau

Jutta van Nassau, geb. voor 1285 (circa 1240, schatting), gravin van Nassau, vermeld 1285-1313, ovl. (minstens 27 jaar oud) na 25 jan 1312.

tr. (Jan ongeveer 20 jaar oud) circa 1250
met

Jan I van Kuyc, zn. van Ridder Hendrik III graaf van Kuyc en Aleydis Jansdr Persijn van Putten, geb. circa 1230, heer van Kuyc en Grave, ovl. (ongeveer 78 jaar oud) op 13 jul 1308.
Vermeld 1260-1308, heer van Kuyc en Grave 1254-1308, heer van Merum en Neerloon, heer van Kuyc en Grave ter opvolging van zijn vader 1254; tevens heer van Merum en Neerloon; verbindt zich met hertog Jan I van Brabant (doch met voorbehoud tegenover Gelre) 31-10-1286 en strijdt, als aanvoerder van een afdeling (conroot) waarin ook de banner-eenheden van Arkel en Heusden waren opgenomen, met hertog Jan I mee bij Woeringen 5-6-1288; organisator van de ontvoering van graaf Floris V van Holland 1296; vermeld t/m 1308; zn. van Hendrik III van Kuyc, ridder, heer van Kuyc en Grave, van Merum en half Asten, en diens eerste echtgenote.
(waarschijnlijk een dochter van Jan van Putten). Het bezit van Katendrecht wordt in leen gegeven door Jan van Cuyk aan Nicolaas van Putten: 8.7.1311 Jan Heer van Kuuc oorkondt, dat hij in leen heeft gegeven aan Heer Niclais van Putten en Striene de goederen en rechten die hij heeft in het ambacht van Katendrecht. Overigens wordt hij pas op 12 april 1260 voor het eerst vermeld als zoon van Hendrick: Jan, heer van Cuijk, bevestigt de gift door zijn vader Hendrik aan de abdij Mariënweerd gedaan, van zijn aandeel in het patronaatsrecht van de kerk te Beesd.
Bij de Nassause deling van 16 december 1255zien we als zegelende getuige graaf Emich van Leiningen. Een eerdere verwantschap tussen Leiningen en Nassau is niet bekend. Het zou dus best mogelijk zijn dat graaf Otto II van Nassau reeds voor 16 december 1255 was gehuwd met Agnes van Leiningen. Opmerkelijke afwezige in dit delingsverdrag was zus Jutta die volgens Coldeweij ca.1260 zou huwen met Jan I van Kuyc. De eerste maal dat Jan I wordt genoemd als getuige voor zijn zwager - de elect Jan van Nassau - was pas in 1274. Het is overigens best mogelijk dat Jutta in december 1255 nog onmondig was en/of haar minimale huwelijkse leeftijd nog niet zou hebben bereikt. Verder door filosoferend zou Jutta dus geboren moeten zijn na december 1243. Haar ouders, graaf Hendrik II van Nassau en Mechteld van Gelre worden voor het laatst genoemd in 1247 zodat dat gegeven haar hypothetische geboortejaar niet in de weg staat. Omdat haar ouders al voor 1221 waren gehuwd zal Jutta het nakomertje in het gezin zijn gewees.
Jan I van Kuyc en Jutta van Nassau
tot Jan en Jutta's oudste kinderen kan een dochter worden gerekend die medio jaren zeventig huwde met Gijsbert van Amstel. Hun zoon Jan van Amstel (de banneling) voerde in zijn wapenschild een Kuycskwartier. Ook de voornaam Jan zal zijn ontleend aan een vernoeming naar grootvader Jan van Kuyc

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Willem*1265  †1303  38
Agnes  †1345   
Aleidis     
Kunigunde*1270  †1329  59
NN     
Hendrick  †1304   
Otto     


Willem van Kuyc

Willem van Kuyc, geb. in 1265, ridder vermeld 1295-1303, ovl. (ongeveer 38 jaar oud) op 12 aug 1303.

tr. (hoogstens 30 jaar oud) voor 1295
met

Sofia van Gymnich, dr. van Wenemar I van Gymnich en Johanna van Elsloo (erfgename van Hoogstraten), vrouwe van Hoogstraten, ovl. op 11 feb 1302.

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jan*1295  †1357  62


Wenemar I van Gymnich

Wenemar I van Gymnich.

relatie
met

Johanna van Elsloo, dr. van Arnold van Elsloo en Ida ? , erfgename van Hoogstraten.

Uit deze relatie:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Sofia  †1302   


Johanna van Elsloo

Johanna van Elsloo, erfgename van Hoogstraten.

relatie
met

Wenemar I van Gymnich.

Uit deze relatie:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Sofia  †1302   


Sofia van Gymnich

Sofia van Gymnich, vrouwe van Hoogstraten, ovl. op 11 feb 1302.

tr. (Willem hoogstens 30 jaar oud) voor 1295
met

Willem van Kuyc, zn. van Jan I van Kuyc (heer van Kuyc en Grave) en Jutta van Nassau (gravin van Nassau, vermeld 1285-1313), geb. in 1265, ridder vermeld 1295-1303, ovl. (ongeveer 38 jaar oud) op 12 aug 1303.

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jan*1295  †1357  62


Cornelisz Pietersz van der Wal Kooyman

Cornelisz Pietersz van der Wal Kooyman1, geb. te Polsbroek circa 1625, ovl. (minstens 59 jaar oud) na 3 feb 1684.

tr. (resp. ongeveer 28 en ongeveer 23 jaar oud) te Polsbroek op 2 mrt 1653
met

Aentje Jacobs Buul, dr. van Jacob Bastiaensz Boonstoppel (burgemeester in 1658) en Aaltje Willems, geb. te Polsbroek in 1630.

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Pieter*1654 Polsbroek 1731 Goudriaan 77
Jan~1655 Polsbroek †1699 Goudriaan 44
Aeltje~1657 Polsbroek    
Bastiaan~1659 Polsbroek    
Aert~1661 Goudriaan    
Maria~1663 Noordeloos †1705  41
Aefjen~1665 Goudriaan    
Jacob~1668 Goudriaan    
Aaltjen~1670 Goudriaan    
10 Geertjen~1674 Goudriaan    



Bronnen:
1.Prometheus Kwartierstatenboek (Deel XV), Type: boek, (blz. 85)


Aentje Jacobs Buul

Aentje Jacobs Buul, geb. te Polsbroek in 1630.

tr. (resp. ongeveer 23 en ongeveer 28 jaar oud) te Polsbroek op 2 mrt 1653
met

Cornelisz Pietersz van der Wal Kooyman2, zn. van Pieter Aertsz. (kerkmeester te Goudriaan 1671) en Marijtgen Jansdr Coelen, geb. te Polsbroek circa 1625, ovl. (minstens 59 jaar oud) na 3 feb 1684.

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Pieter*1654 Polsbroek 1731 Goudriaan 77
Jan~1655 Polsbroek †1699 Goudriaan 44
Aeltje~1657 Polsbroek    
Bastiaan~1659 Polsbroek    
Aert~1661 Goudriaan    
Maria~1663 Noordeloos †1705  41
Aefjen~1665 Goudriaan    
Jacob~1668 Goudriaan    
Aaltjen~1670 Goudriaan    
10 Geertjen~1674 Goudriaan    



Bronnen:
1.Prometheus Kwartierstatenboek (Deel XV), Type: boek, (blz. 131)
2.Prometheus Kwartierstatenboek (Deel XV), Type: boek, (blz. 85)


Pieter Cornelisz van der Wal

Pieter Cornelisz van der Wal, geb. te Polsbroek op 18 jan 1654, ged. te Polsbroek op 19 jan 1654 (getuigen: Theunis Pietersz, oom en Fijcke Cornelis moije), begr. te Goudriaan op 24 feb 1731.

tr. (22 jaar oud) te Goudriaan op 14 nov 1676
met

Marighjen Ariens Brouwer, geb. te Noordeloos.

Bronnen:
1.Prometheus Kwartierstatenboek (Deel XV), Type: boek, (blz. 85)


Jan Cornelisz van der Wal

Jan Cornelisz van der Wal, ged. te Polsbroek op 5 sep 1655, ovl. (ongeveer 44 jaar oud) te Goudriaan op 17 sep 1699.

otr. te Goudriaan op 24 aug 1680, tr. (ongeveer 24 jaar oud) te Goudriaan in sep 1680
met

Ariaentje Jans, geb. te Langerak, ovl. op 14 sep 1728, tr. (1) te Goudriaan op 15 jun 1669 met Leendert Cornelisz de Redelijcheit, ovl. voor aug 1680.

Bronnen:
1.Prometheus Kwartierstatenboek (Deel XV), Type: boek, (blz. 85)


Aeltje Pietersz

Aeltje Pietersz, ged. te Polsbroek op 7 okt 1657 (getuige: Merrighje Jacobs de moije).



Bronnen:
1.Prometheus Kwartierstatenboek (Deel XV), Type: boek, (blz. 85)


Margaretha van Bercheyck

Margaretha van Bercheyck1, canonick capitulaer St Jans te Wyck, ovl. in 1673.

tr. (Adrianus ongeveer 21 jaar oud) te Rhenen op 15 mrt 1635
met

Adrianus van Heurn, zn. van Dr Thomas Heurnius (notaris te Utrecht) en Deliana Hessels (wed. Jacob de Joure), ged. op 26 sep 1613, in leven secretaris capittel St. Jans te Utrecht, ovl. (ongeveer 44 jaar oud) op 25 mrt 1658.

Bronnen:
1.Algemeen Nederlandsch Familieblad (ANF 001), Type: Algemene bron, datum: van 1883 tot 1905
2.De Nederlandsche Leeuw (NL), Type: Algemene bron, veld 1: Periodiek, veld 2: Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, plaats: ‘s-Gravenhage, datum: vanaf 1883


Maria van Pallaes

Maria van Pallaes.

tr. (Paulus ongeveer 38 jaar oud) op 16 feb 1660
met

Paulus van Heurn, zn. van Dr Thomas Heurnius (notaris te Utrecht) en Deliana Hessels (wed. Jacob de Joure), ged. te Utrecht op 8 mrt 1621, Raad vroedschap Utrecht, ovl. (ongeveer 52 jaar oud) op 5 mrt 1674.

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Paulus*1659 Utrecht †1702 Oost Indië 42
Deliana     


Johan van Bercheijck

Johan van Bercheijck1,2, procureur te Rhenen, ovl. voor 1648, begr. te Rhenen (Cunerakerk) de hierna volgende tekst is overgenomen uit "Genealogische en Heraldische Gedenkwaardigheden in en uit de Provincie Utrecht", beschreven door P.C. Bloys van Treslon Prins, uitgave A. Oosthoek, anno 1919 te Utrecht.
Deze lijst geeft een beeld van de in 1919 nog aanwezige zerken in de Cunerakerk, waarbij Bloys aantekent dat onder de vaste banken ook nog verscheidene zerken moeten liggen. Dit zal inderdaad het geval zijn geweest, daar thans in de Cunerakerk enige zerken te zien zijn die niet bij Bloys voorkomen. De nummering van de grafstenen is van Bloys afkomstig en correspondeert niet met de door de Cunerakerk gehanteerde nummering der graven.
Grafnummering van de Kerk is 42.
Dese groefstede hoort toe de erfgenamen van Za. Johan Bercheyck anno 1648.
Graf nummer 68
Opschrift: CVO.
Van 1648 af is de advocaat Bergeyck eigenaar. Op de derde lijst is dat diens weduwe. Van de vijfde lijst af is Cornelis van Overmeer eigenaar. Op de zesde lijst is het de huisvrouw van Jan Sterk. Doch op de zevende lijst is Cornelis van Overmeer weer eigenaar "in plaats van Jan Sterk". In 1787 is het graf reeds vervallen aan de kerk.

tr.(1)
met

Elisabeth van Dompselaer1, dr. van Gerrit van Dompselaer (schepen van Utrecht) en Aleida van Amerongen, ovl. op 3 aug 1613.

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Aleid     
Gerard  †1695   
Margaretha  †1673   

relatie(2)
met

Elisabeth Lijster1, dr. van Huijbert Evertsz Lijster, ovl. voor nov 1605, tr. (2) met Johan de Keyser.
Vermoedelijk is haar vader Huijbert Lijster. Hij heeft een graf in de Cunerakerk te Rhenen onder nummer: 55nummer 74.
Graf nummer 21 (=Bloys nummer 74).
Aantal stenen: 6.
Opschrift: Willem Lijster.
Met diens (onbeschreven) wapen.
In 1648 is Willem Lijster eigenaar. Ten tijde van de tweede lijst is hij reeds overleden, want dan wordt dit graf aangeboden aan diens weduwe. Deze laatste wordt blijkbaar opgevolgd door de weduwe van de deurwaarder Evert Lijster. Deze weduwe wordt opgevolgd door de schepen Gerrit Lijster. Als zodanig komt deze laatste nog voor op de lijst van 1787.
Graf nummer 35.
Een halve groefstede.
Pas op de zevende lijst wordt er een andere eigenaar dan de kerk genoemd: schepen Gerrit Lijster, als hebbende nummer 36 daarvoor aan de kerk over­gege­ven. In 1787 is hij reeds overleden en zijn z'n kinderen eigenaar.
Graf nummer 36.
Van 1648 af zijn de weduwe of erfgenamen van Jerephaes Lijster eigenaar. Op de lijst van 1787 is het graf reeds vervallen aan de kerk. (Door overgave van schepen Gerrit Lijster; zie graf nummer 35.).
Graf nummer 67.
Aantal stenen: 6.
Opschrift: Mattheus Lijster.
Met diens (onbeschreven) wapen.
Van 1648 af is de slootmeester Jerephaes Lijster eigenaar. Op de derde lijst is dat de weduwe van Willem Lijster. Op de zesde lijst wordt Hendrik Meessen als eigenaar genoemd. Door de schriftelijke overgave van Hendrik Meessen wordt Woutertje van Prattenburg, weduwe van Cornelis van Manen, eigenaar.
Rhenen, Not. A. van Wijck.
17-11-1605.
Johan Vonck, als man en voocht van Claesken Lijsters als mede-erfgenaam van zal. Janne Lijsters, mitsgaders als speciaal procuratie hebbend van Johan van Wijck, Jan Vonck en Hillebrant Vonck Dircxz, gebroeders, en Hillebrant Vonck Roeloffsz, als erfgenamen van haar za. moeije Marie Vonck, weduwe van wijlen Dirck Lijster, en voorn. Johan Vonck Dircxz, hem sterk makende voor Jan Berntsz als man en voocht van (open), ook mede-erfgenaam van voorss. Marie Vonck, mitsgaders Guert Lijster als genomineerde momber van de kinderen van Gerrit Keijsers geprocreert bij Claesken Lijsters voornt. voor welcke kinderen de voorss. Johan Vonck, burgemeester, hem sterk makende en hij met Dirck Kreijvangers als mombers van de onmondige kinderen van za. Elisabeth Lijsters geprocreert bij Johan de Keijser, en Jan Berch als vader en voocht van zijn kind geprocreert bij zijn za. huijsfrouw Elisabeth Lijsters, hebben getransporteert.

Uit deze relatie:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Bartholomeus Rhenen †1659 Rhenen  



Bronnen:
1.Algemeen Nederlandsch Familieblad (ANF 001), Type: Algemene bron, datum: van 1883 tot 1905
2.De Nederlandsche Leeuw (NL), Type: Algemene bron, veld 1: Periodiek, veld 2: Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, plaats: ‘s-Gravenhage, datum: vanaf 1883


Elisabeth van Dompselaer

Elisabeth van Dompselaer1, ovl. op 3 aug 1613.

tr.
met

Johan van Bercheijck1,2, zn. van Bartholomeus van Berch Eyck en Aleid Momme, procureur te Rhenen, ovl. voor 1648, begr. te Rhenen (Cunerakerk) de hierna volgende tekst is overgenomen uit "Genealogische en Heraldische Gedenkwaardigheden in en uit de Provincie Utrecht", beschreven door P.C. Bloys van Treslon Prins, uitgave A. Oosthoek, anno 1919 te Utrecht.
Deze lijst geeft een beeld van de in 1919 nog aanwezige zerken in de Cunerakerk, waarbij Bloys aantekent dat onder de vaste banken ook nog verscheidene zerken moeten liggen. Dit zal inderdaad het geval zijn geweest, daar thans in de Cunerakerk enige zerken te zien zijn die niet bij Bloys voorkomen. De nummering van de grafstenen is van Bloys afkomstig en correspondeert niet met de door de Cunerakerk gehanteerde nummering der graven.
Grafnummering van de Kerk is 42.
Dese groefstede hoort toe de erfgenamen van Za. Johan Bercheyck anno 1648.
Graf nummer 68
Opschrift: CVO.
Van 1648 af is de advocaat Bergeyck eigenaar. Op de derde lijst is dat diens weduwe. Van de vijfde lijst af is Cornelis van Overmeer eigenaar. Op de zesde lijst is het de huisvrouw van Jan Sterk. Doch op de zevende lijst is Cornelis van Overmeer weer eigenaar "in plaats van Jan Sterk". In 1787 is het graf reeds vervallen aan de kerk, relatie (2) met Elisabeth Lijster1, (Elisabeth tr. (2) met Johan de Keyser.).

Uit dit huwelijk:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Aleid     
Gerard  †1695   
Margaretha  †1673   



Bronnen:
1.Algemeen Nederlandsch Familieblad (ANF 001), Type: Algemene bron, datum: van 1883 tot 1905
2.De Nederlandsche Leeuw (NL), Type: Algemene bron, veld 1: Periodiek, veld 2: Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, plaats: ‘s-Gravenhage, datum: vanaf 1883


Gerrit van Dompselaer

Gerrit van Dompselaer, schepen van Utrecht.

relatie
met

Aleida van Amerongen.

Uit deze relatie:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Adriaena     
Maria     
Elisabeth  †1613   


Aleida van Amerongen

Aleida van Amerongen.

relatie
met

Gerrit van Dompselaer, schepen van Utrecht.

Uit deze relatie:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Adriaena     
Maria     
Elisabeth  †1613   


Adriaena van Dompselaer

Adriaena van Dompselaer.

relatie
met

Diderik de Ridder.

Uit deze relatie:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Aeltge     
Margaretha     
Willem     
NN     


Maria van Dompselaer

Maria van Dompselaer.

relatie
met

Cornelis van Pallaes.

Uit deze relatie:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Maria