Genealogische website van Cees Hagenbeek
Bastiaan van der Blom
Bastiaan van der Blom, ged. Rijswijk op 22 apr 1764.


Jacoba van der Blom
Jacoba van der Blom, ged. Rijswijk op 6 dec 1772.


Gerrit van der Blom
Gerrit van der Blom, ged. Rijswijk op 11 dec 1774.


Jacoba van der Blom
Jacoba van der Blom, ged. Rijswijk op 8 dec 1776.


Elisabeth van der Blom
Elisabeth van der Blom, ged. Rijswijk op 6 feb 1780.


Sara Johanna van der Blom
Sara Johanna van der Blom, ged. op 10 nov 1782.


Cornelis van der Blom
Cornelis van der Blom, ged. Rijswijk op 10 apr 1785.


Jacobus van der Blom
Jacobus van der Blom, geb. Rijswijk op 26 jan 1791, ged. Rijswijk op 30 jan 1791, ovl. voor mei 1794.


Jacobus van der Blom
Jacobus van der Blom, geb. Rijswijk op 7 mei 1794, ged. Rijswijk op 11 mei 1794.


Francijna van Vliet
Francijna van Vliet, ged. Rijswijk op 3 mei 1693 (getuige: Maartje Simons Overvliet).


Gerlach van den Bosch
Gerlach van den Bosch,
, de aanduiding nepos komt in 1304 voor bij ridder Gerlach van den Bosch, nepos (neef) van heer Willem II van Horne, + 1300. Omdat de Van Hornes middels het testament van Willem I van Horne uit 1264 goed gedocumenteerd zijn kan niets anders geconcludeerd worden dat ridder Gerlach een oomzegger moet zijn geweest van Willem I van Horne, een zoon van diens dochter Margareta (in of kort voor 1264 hertrouwd met een Albert van Voorne sr). Nepos dus als 'incidentele' aanduiding voor een zusterszoon.


Johannes de Geest
Jan (Johannes) de Geest, geb. circa 1578.


Jacoba van Heerdt
Jacoba van Heerdt, geb. Barneveld circa 1826.

tr. Rhenen op 4 jan 1860
met

Johannes Martinus de Geest, zn. van Derk de Geest (timmerman) en Berendina Nijmans, geb. Arnhem op 25 sep 1811, tr. (1) met Aartje van Heerdt, dr. van Aardt van Heerdt en Trijntje van den Heuvel. Uit dit huwelijk geen kinderen


Woutertje van Heerdt
Woutertje van Heerdt.

een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jacoba*1826 Barneveld    


Arnold II von Arnstein
Arnold II von Arnstein.

tr.
met

Sophie de Bar-Mousson, dr. van Ludwig van Mousson en Sophie van Opper-Lotharingen, geb. circa 1025, ovl. na 8 mrt 1105.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ludwig I*1040  †1074  34


Sophie de Bar-Mousson
Sophie de Bar-Mousson, geb. circa 1025, ovl. na 8 mrt 1105.

tr.
met

Arnold II von Arnstein.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ludwig I*1040  †1074  34


Everart Hendricksz van Doerne
Everart Hendricksz van Doerne, hoogschout van den Bosch, ovl. voor 10 nov 1527,
, ridder, heer van Vlierden (1505), heer van Deurne (1519), drossaard van Oyen en Dieden, schepen en raad van ‘s-Hertogenbosch, hoogschout van de Meierij.
10 nov. 1527, ‘s-Bosch. In hun huis in de Hinthamerstraat wordt ten overstaan van een notaris op verzoek van o.a. Jan van Vladeracken en joffrouw Margareta weduwe van Everard zoon van wijlen Henrick van Doeren het testament d.d. 5 april 1524 geopend van Everard zoon van wijlen Henrick van Doerne, ridder, heer van Doirn, Vlierden en Bakel, hoofdschout van ‘s-Hertogenbosch, en joffrouw Margareta zijn echtgenote, wettige dochter van wijlen Jan van Vladeracken, heer van Geffen en Nuland. Als getuigen zijn aanwezig Philip natuurlijke zoon van Everard van Doerne en Dirck Jan Peters (kleinzoon van Gevard van Doerne Willemsz). Testateuren hebben samen vier zoons en enige dochters. De leengoederen gaan naar de wettige zoons. De wettige dochters, die niet in een klooster verblijven, moeten door de zoons worden uitgekocht met een lijfrente van 100 Rijnsgulden ‘s jaars. De oudste zoon Henrick krijgt de heerlijkheid Doem met het Oud Kasteel en de tienden van Liessel. Everard, de derde zoon en Henrick, de vierde, delen de rest. De tweede zoon Jan, kanunnik, krijgt zijn deel van zijn broers. Tot executeurs worden benoemd heer Jan van
Doern, kanunnik in Luik, vrouwe Elisabeth van Doern, abdis van Binderen, Mr. Dirck de Borchgreve en broeder Jan van Baerle. Bij overlijden van de eerste twee komen in hun plaats Gevart van Doerne, rentmeester van Antwerpen95 en Goyaert Symons. Bij codicil d.d. 15 april 1524 heeft Everard nog
bepaald, dat Philips, zijn natuurlijke zoon, na de dood van de koster van Doerne zal hebben het beneficie van de kosterij, dat hij zal laten bedienen door zijn zwager (Gerrit Peter Nouts), wettige man van zijn zuster Christina. Christina, zijn natuurlijke dochter, en haar man zullen het schrijfambt of secretarisschap van Doern hebben hun leven lang.

een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Philips*1525  †1586  61

tr. (2)
met

Margaretha van Vladeracken, dr. van Jan van Vladeracken (heer van Geffen en Nuland) en Anna van der Aa, vrouwe van Milheeze, ovl. na 1557.

Uit dit huwelijk 6 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Margaretha     
Henrick   Maaseik  
Maria     
Everard     
Henrick  †1604   
Anna     


Margaretha van Vladeracken
Margaretha van Vladeracken, vrouwe van Milheeze, ovl. na 1557.

tr.
met

Everart Hendricksz van Doerne, zn. van Henrick Everardssz van Doerne en Christina van Hemert, hoogschout van den Bosch, ovl. voor 10 nov 1527,
, ridder, heer van Vlierden (1505), heer van Deurne (1519), drossaard van Oyen en Dieden, schepen en raad van ‘s-Hertogenbosch, hoogschout van de Meierij.
10 nov. 1527, ‘s-Bosch. In hun huis in de Hinthamerstraat wordt ten overstaan van een notaris op verzoek van o.a. Jan van Vladeracken en joffrouw Margareta weduwe van Everard zoon van wijlen Henrick van Doeren het testament d.d. 5 april 1524 geopend van Everard zoon van wijlen Henrick van Doerne, ridder, heer van Doirn, Vlierden en Bakel, hoofdschout van ‘s-Hertogenbosch, en joffrouw Margareta zijn echtgenote, wettige dochter van wijlen Jan van Vladeracken, heer van Geffen en Nuland. Als getuigen zijn aanwezig Philip natuurlijke zoon van Everard van Doerne en Dirck Jan Peters (kleinzoon van Gevard van Doerne Willemsz). Testateuren hebben samen vier zoons en enige dochters. De leengoederen gaan naar de wettige zoons. De wettige dochters, die niet in een klooster verblijven, moeten door de zoons worden uitgekocht met een lijfrente van 100 Rijnsgulden ‘s jaars. De oudste zoon Henrick krijgt de heerlijkheid Doem met het Oud Kasteel en de tienden van Liessel. Everard, de derde zoon en Henrick, de vierde, delen de rest. De tweede zoon Jan, kanunnik, krijgt zijn deel van zijn broers. Tot executeurs worden benoemd heer Jan van
Doern, kanunnik in Luik, vrouwe Elisabeth van Doern, abdis van Binderen, Mr. Dirck de Borchgreve en broeder Jan van Baerle. Bij overlijden van de eerste twee komen in hun plaats Gevart van Doerne, rentmeester van Antwerpen95 en Goyaert Symons. Bij codicil d.d. 15 april 1524 heeft Everard nog
bepaald, dat Philips, zijn natuurlijke zoon, na de dood van de koster van Doerne zal hebben het beneficie van de kosterij, dat hij zal laten bedienen door zijn zwager (Gerrit Peter Nouts), wettige man van zijn zuster Christina. Christina, zijn natuurlijke dochter, en haar man zullen het schrijfambt of secretarisschap van Doern hebben hun leven lang, een zoon.

Uit dit huwelijk 6 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Margaretha     
Henrick   Maaseik  
Maria     
Everard     
Henrick  †1604   
Anna     


Henrick Everardssz van Doerne
Henrick Everardssz van Doerne,
, bezit het Nieuw Kasteel in leen, vermeld 1455-1498.

tr.
met

Christina van Hemert, dr. van Jan Hemicksz van Hemert, ovl. Deurne op 26 jul 1499.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Everart  †1527   


Christina van Hemert
Christina van Hemert, ovl. Deurne op 26 jul 1499.

tr.
met

Henrick Everardssz van Doerne, zn. van Everart van Doerne en Joffr. Margriet Henricksdr van Amersoyen,
, bezit het Nieuw Kasteel in leen, vermeld 1455-1498.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Everart  †1527