Genealogische website van Cees Hagenbeek
Anicii
Anicii .

een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ruricus     


Bathilde
Bathilde , geb. circa 625, koningin van Frankrijk in 648?, ovl. circa 30 jan 680.

tr.
met

Clovis II dit le Fainéant der Franken, zn. van Dagobert I koning van Neustrië (koning der Franken) en Nantilde (koningin der Franken), geb. in 634, Koning van Frankrijk vanaf eind October 640, ovl. tussen 11 sep 657 en 16 nov 657 .

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Thierry III*654  †690 St Waast [Frankrijk] 36
Childeric II*651  †675  24


Sisoigne van Acainië
Sisoigne van Acainië, geb. circa 600.

een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Bathilde*625  †680  55


Baudgise II van Aquitanië
Bodegisel (Baudgise II) van Aquitanië, hertog van Aquitanië, ovl. Carthago [Libya] in 589,
, Bodegisel (Bodegeisel Bodogisel) van Aquitainie; Ambassadeur van Byzantium
Wetende dat de vader van St. Arnulf Bodogisel heet blijft de kwestie om deze nader te identificeren. Er waren verschillende edelen van die naam bekend in de VIe eeuw:
1) Bodogisel, patriciër in de Provence, vervolgens hertog in Austrasië, trouwde voor 566 met Palatina, dochter van de bisschop van Troyes Gallomagnus, stierf oud geworden in 585, vermaakte zijn nalatenschap aan zijn zoons,
2) Bodogisel, een austrasische edelman, broer van hertog Babon, zoon van Mummolin van Soissons, ambassadeur te Byzantium in 589, maakte een stop in Carthago en werd daar door de bevolking omgebracht,
3) Bodogisel, hofmeier, hij werd in 581 door Childebert aangezocht als opvolger van Domnole voor het diocees Mans, trouwde Magnatrude van wie hij een dochter had, had eveneens verschillende broers waaronder Nectaire echtgenoot van Domnola, dochter van Victor, bisschop van Rennes, hij was misschien identiek of een nauwe bloedverwant van de Bodogisel die diaken was in 576 te Tours en later bisschop van Angers,
4) Bodogisel, echtgenoot van Sancia, gaf aan St. Bertrand, bisschop van Mans (586-632) zijn landgoederen in Fontaines en Sarthe, hij leefde nog in 616.
De eerste valt af wegens de leeftijd, gestorven in 585 op een zeer geavanceerde leeftijd en had een zoon die kon erven, dus was die zoon niet geboren in 580/5 zoals St. Arnulf. De derde Bogisel valt af aangezien hij alleen maar een dochter had, de vierde Bodogisel lijkt weinig waarschijnlijk aangezien Bertrand een deel van zijn goederen vermaakte aan St. Arnulf en volgens gebruik in die tijd, zeker opgemerkt zou hebben dat deze een zoon van Bodogisel was. Wat de tweede Bodogisel betreft, de naam Mummolin kwam in vele, hoewel vaak foute, genealogiën van St. Arnulf voor. Zijn sterfjaar past goed bij het geboortejaar van St. Arnulf, terwijl bovendien bekend was dat de moeder van St. Arnulf jong weduwe werd. De tweede Bodogisel is daarom Settipani's aanbeveling.
Even though in the Wies book I used and in Luke Steven's "Line of Adam", Baudgise's father is listed as St. Gondolfus, other publications by Weis list his father as Baudgise I.

tr.
met

Chroadare (Oda) van Savoye, dr. van Bodegisel van Schwaben (hertog van Zwaben) en Palatina de Troyes, geb. circa 562, abdes d'Amay (België), ovl. voor 634,
, Chrodaire (Chrodoare) the SUEVE; Dua de SUABIA; Ode of SAXONS
Abdes van Amay na 589- voor 634. Er waren veel twijfels zowel rond haar naam als het bestaan van het klooster van Amay. Er bestond echter het testament van Adalgisel Grimon, diaken te Verdun, waarvan de echtheid boven twijfel verheven was, waarin hij beschreef dat zijn zuster Ermentrude, zijn broer Adon, zijn neef hertog Babon en zijn tante van vaderszijde begraven waren in Amay. In 1977 werd bij opgravingen in Amay een graf gevonden van "de nobele Chrodoare, abdes van Amay". Dit betreft zeker Ste. Ode en de tante van Adalgisel.
Het eerste gegeven omtrent de moeder van St. Arnulf kwam van Ummon, schrijver uit de IXe eeuw, die preciseerde dat ze uit Suavië (=van de stam der Alemanen) afkomstig was. "Het leven van Ste. Ode", uit de XIIIe eeuw, bevatte een tekst dat Bodogisel als vader van St. Arnulf noemde en tevens Bodogisel als echtgenoot van Ste Ode. In een ander geschrift uit de XIe/XIIe eeuw werd Ode van Suavië als moeder van de bisschop van Metz genoemd. Dit bevestigde enigszins de hypothese, maar helaas ontbrak een referentie aan Amay.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Arnulf*582  †641 Habend 58


Oda van Savoye
Chroadare (Oda) van Savoye, geb. circa 562, abdes d'Amay (België), ovl. voor 634,
, Chrodaire (Chrodoare) the SUEVE; Dua de SUABIA; Ode of SAXONS
Abdes van Amay na 589- voor 634. Er waren veel twijfels zowel rond haar naam als het bestaan van het klooster van Amay. Er bestond echter het testament van Adalgisel Grimon, diaken te Verdun, waarvan de echtheid boven twijfel verheven was, waarin hij beschreef dat zijn zuster Ermentrude, zijn broer Adon, zijn neef hertog Babon en zijn tante van vaderszijde begraven waren in Amay. In 1977 werd bij opgravingen in Amay een graf gevonden van "de nobele Chrodoare, abdes van Amay". Dit betreft zeker Ste. Ode en de tante van Adalgisel.
Het eerste gegeven omtrent de moeder van St. Arnulf kwam van Ummon, schrijver uit de IXe eeuw, die preciseerde dat ze uit Suavië (=van de stam der Alemanen) afkomstig was. "Het leven van Ste. Ode", uit de XIIIe eeuw, bevatte een tekst dat Bodogisel als vader van St. Arnulf noemde en tevens Bodogisel als echtgenoot van Ste Ode. In een ander geschrift uit de XIe/XIIe eeuw werd Ode van Suavië als moeder van de bisschop van Metz genoemd. Dit bevestigde enigszins de hypothese, maar helaas ontbrak een referentie aan Amay.

tr.
met

Bodegisel (Baudgise II) van Aquitanië, zn. van Mummolin van Soissons en Palatina van van Angouleme (van Troje), hertog van Aquitanië, ovl. Carthago [Libya] in 589,
, Bodegisel (Bodegeisel Bodogisel) van Aquitainie; Ambassadeur van Byzantium
Wetende dat de vader van St. Arnulf Bodogisel heet blijft de kwestie om deze nader te identificeren. Er waren verschillende edelen van die naam bekend in de VIe eeuw:
1) Bodogisel, patriciër in de Provence, vervolgens hertog in Austrasië, trouwde voor 566 met Palatina, dochter van de bisschop van Troyes Gallomagnus, stierf oud geworden in 585, vermaakte zijn nalatenschap aan zijn zoons,
2) Bodogisel, een austrasische edelman, broer van hertog Babon, zoon van Mummolin van Soissons, ambassadeur te Byzantium in 589, maakte een stop in Carthago en werd daar door de bevolking omgebracht,
3) Bodogisel, hofmeier, hij werd in 581 door Childebert aangezocht als opvolger van Domnole voor het diocees Mans, trouwde Magnatrude van wie hij een dochter had, had eveneens verschillende broers waaronder Nectaire echtgenoot van Domnola, dochter van Victor, bisschop van Rennes, hij was misschien identiek of een nauwe bloedverwant van de Bodogisel die diaken was in 576 te Tours en later bisschop van Angers,
4) Bodogisel, echtgenoot van Sancia, gaf aan St. Bertrand, bisschop van Mans (586-632) zijn landgoederen in Fontaines en Sarthe, hij leefde nog in 616.
De eerste valt af wegens de leeftijd, gestorven in 585 op een zeer geavanceerde leeftijd en had een zoon die kon erven, dus was die zoon niet geboren in 580/5 zoals St. Arnulf. De derde Bogisel valt af aangezien hij alleen maar een dochter had, de vierde Bodogisel lijkt weinig waarschijnlijk aangezien Bertrand een deel van zijn goederen vermaakte aan St. Arnulf en volgens gebruik in die tijd, zeker opgemerkt zou hebben dat deze een zoon van Bodogisel was. Wat de tweede Bodogisel betreft, de naam Mummolin kwam in vele, hoewel vaak foute, genealogiën van St. Arnulf voor. Zijn sterfjaar past goed bij het geboortejaar van St. Arnulf, terwijl bovendien bekend was dat de moeder van St. Arnulf jong weduwe werd. De tweede Bodogisel is daarom Settipani's aanbeveling.
Even though in the Wies book I used and in Luke Steven's "Line of Adam", Baudgise's father is listed as St. Gondolfus, other publications by Weis list his father as Baudgise I.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Arnulf*582  †641 Habend 58


Bodegisel van Schwaben
Bodegisel van Schwaben, geb. circa 509, hertog van Zwaben, ovl. circa 581.

tr.
met

Palatina de Troyes.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Chroadare*562  †634  72


Palatina de Troyes
Palatina de Troyes.

tr.
met

Bodegisel van Schwaben, geb. circa 509, hertog van Zwaben, ovl. circa 581.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Chroadare*562  †634  72


Mummolin van Soissons
Mummolin van Soissons, geb. circa 530, ovl. na 566,
, Mummolin, hofmeier ? in Neustrië, ….566 …. Hij werd genoemd in een gedicht van zijn tijdgenoot Fortunat, die vertelde dat hij iemand was van hoge geboorte en tot de hoogste rangen van het hof behoorde. Hij werd geïdentificeerd als Mummolin de Soissons, vader van de hertog Babon en Bodogisel, beiden ambassadeur te Byzantium in respectievelijk 584 en 589. Dit kan betekenen dat hij (of een naamgenoot) ambassadeur was in Byzantium in 539.
De naam Mummolin is van Gallo-Romeinse oorsprong, niet abnormaal in de periode waarin hij leefde. Hier wordt tevens opgemerkt dat de Carolingers in de mannelijke lijn afstammen van prinsen en edelen die onder Clovis I hun invloed verloren. Of dit nu afstammelingen waren van Thüringse, Suavische, Bourgondische of Frankische koningen, zij verloren hun invloed maar bleven min of meer lid van de locale adel, of waren zelfs Gallo-Romeinse notabelen of legeraanvoerders. Hun dood kon een reden van vermelden kon zijn, (b.v.: Mundéric, Sigibald, Sigulf bij de Franken, de zoon van Bertaire bij de Thüringers, Willibald en Alethée bij de Bourgondiërs). De verdere familie werd dan niet meer genoemd en verdwenen uit de geschiedenis om soms in de VIIe eeuw weer op de voorgrond te treden.

relatie
met

Palatina van van Angouleme (van Troje), dr. van Maurillon van Angouleme en Zuster van Ingeltrude , geb. Angouleme [Frankrijk] in 537, ovl. Neustrie, Normandy, France in 600,
, Ne...(zuster van Arnulf, hertog van Angoulème), haar grootvader zou een prins uit Thüringen zijn geweest, tevens de vader van Arnegonde en Ingonde, beide echtgenotes van Clotaire I, koning der Franken (vgl Clotaire I).

Uit deze relatie 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Bodegisel  †589 Carthago [Libya]  
Babon*562  †589 Carthago [Libya] 27


Palatina van van Angouleme (van Troje)
Palatina van van Angouleme (van Troje), geb. Angouleme [Frankrijk] in 537, ovl. Neustrie, Normandy, France in 600,
, Ne...(zuster van Arnulf, hertog van Angoulème), haar grootvader zou een prins uit Thüringen zijn geweest, tevens de vader van Arnegonde en Ingonde, beide echtgenotes van Clotaire I, koning der Franken (vgl Clotaire I).

relatie
met

Mummolin van Soissons, zn. van Mundéric de Cologne en Zuster van Gondulf , geb. circa 530, ovl. na 566,
, Mummolin, hofmeier ? in Neustrië, ….566 …. Hij werd genoemd in een gedicht van zijn tijdgenoot Fortunat, die vertelde dat hij iemand was van hoge geboorte en tot de hoogste rangen van het hof behoorde. Hij werd geïdentificeerd als Mummolin de Soissons, vader van de hertog Babon en Bodogisel, beiden ambassadeur te Byzantium in respectievelijk 584 en 589. Dit kan betekenen dat hij (of een naamgenoot) ambassadeur was in Byzantium in 539.
De naam Mummolin is van Gallo-Romeinse oorsprong, niet abnormaal in de periode waarin hij leefde. Hier wordt tevens opgemerkt dat de Carolingers in de mannelijke lijn afstammen van prinsen en edelen die onder Clovis I hun invloed verloren. Of dit nu afstammelingen waren van Thüringse, Suavische, Bourgondische of Frankische koningen, zij verloren hun invloed maar bleven min of meer lid van de locale adel, of waren zelfs Gallo-Romeinse notabelen of legeraanvoerders. Hun dood kon een reden van vermelden kon zijn, (b.v.: Mundéric, Sigibald, Sigulf bij de Franken, de zoon van Bertaire bij de Thüringers, Willibald en Alethée bij de Bourgondiërs). De verdere familie werd dan niet meer genoemd en verdwenen uit de geschiedenis om soms in de VIIe eeuw weer op de voorgrond te treden.

Uit deze relatie 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Bodegisel  †589 Carthago [Libya]  
Babon*562  †589 Carthago [Libya] 27


Mundéric de Cologne
Mundéric de Cologne, geb. circa 505, ovl. in 532,
, Munderic, pretendent voor de austrasische troon ca. 532. Gregorius van Tours geeft ons veel informatie over Munderic en met veel details. Hij toont aan dat Munderic deel van de merovingische familie wuitmaakte, mede omdat Thierry hem de helft van zijn koninkrijk kon beloven. Dit maakt Cloderic als zijn vader waarschijnlijker. In de twaalfde eeuw werd de biografie van St. Gondulf, bisschop van Tongeren, geschreven die liet weten dat Munderic een broer was van hertog Bodegisel, zoon van de betreurde Munderic, oom van St. Arnulf, hetgeen de positie van Munderic bevestigde. In de "Préhistoire" vinden we op pag 60 een enkele verwijzing naar Prins Munderic, zonder twijfel van de Keulse dynastie. Op een dag gedurende de regering van Thierry I verhief Munderic zich en verklaarde voortaan de koning niet meer te dienen aangezien hij zelf net zo veel recht op die troon had. Hij verzamelde een aantal mensen om zich heen die hem trouw zwoeren. Thierry probeerde vervolgens met valse beloften hem te paaien en bezwoer hem zelfs een deel van het koninkrijk te geven indien hij zijn claim waar kon maken. Munderic wilde zich echter niet overgeven en Thierry had geen andere keus dan een leger bijeen te roepen en Munderic aan te vallen. Deze had niet de middelen om hetzelfde te doen en verschanste zich in Vitry-le-Brûlé (Marne), weerstond gedurende zeven dagen een beleg. Uiteindelijk zond Thierry Aregisel als afgezant die hem een vrijgeleide beloofde als hij zich overgaf. Munderic stemde hier in toe en werd prompt gedood maar niet nadat hij zelf velen omgebracht had, waaronder de verrader. Het is jammer dat we in de "Préhistoire" niets gewaar worden omtrent de voorouders van St. Arnulf, immers de merkwaardige omstandigheid doet zich nu voor dat althans in de gegeven versie, de serie vader van Munderic, Clodéric, Munderics' zoon en kleinzoon enz. aantoont dat Karel de Grote in de rechte lijn van Ripuarische franken afstamt.

tr.
met

Zuster van Gondulf , dr. van Florentin (bisschop van Genève in 513) en Artémie , geb. circa 505,
, zuster van Gondulf, bisschop van Metz.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Mummolin*530  †566  36


Zuster van Gondulf
Zuster van Gondulf , geb. circa 505,
, zuster van Gondulf, bisschop van Metz.

tr.
met

Mundéric de Cologne, zn. van Chlodéric de Cologne (koning van Cologne) en Agilofinginne Blood, geb. circa 505, ovl. in 532,
, Munderic, pretendent voor de austrasische troon ca. 532. Gregorius van Tours geeft ons veel informatie over Munderic en met veel details. Hij toont aan dat Munderic deel van de merovingische familie wuitmaakte, mede omdat Thierry hem de helft van zijn koninkrijk kon beloven. Dit maakt Cloderic als zijn vader waarschijnlijker. In de twaalfde eeuw werd de biografie van St. Gondulf, bisschop van Tongeren, geschreven die liet weten dat Munderic een broer was van hertog Bodegisel, zoon van de betreurde Munderic, oom van St. Arnulf, hetgeen de positie van Munderic bevestigde. In de "Préhistoire" vinden we op pag 60 een enkele verwijzing naar Prins Munderic, zonder twijfel van de Keulse dynastie. Op een dag gedurende de regering van Thierry I verhief Munderic zich en verklaarde voortaan de koning niet meer te dienen aangezien hij zelf net zo veel recht op die troon had. Hij verzamelde een aantal mensen om zich heen die hem trouw zwoeren. Thierry probeerde vervolgens met valse beloften hem te paaien en bezwoer hem zelfs een deel van het koninkrijk te geven indien hij zijn claim waar kon maken. Munderic wilde zich echter niet overgeven en Thierry had geen andere keus dan een leger bijeen te roepen en Munderic aan te vallen. Deze had niet de middelen om hetzelfde te doen en verschanste zich in Vitry-le-Brûlé (Marne), weerstond gedurende zeven dagen een beleg. Uiteindelijk zond Thierry Aregisel als afgezant die hem een vrijgeleide beloofde als hij zich overgaf. Munderic stemde hier in toe en werd prompt gedood maar niet nadat hij zelf velen omgebracht had, waaronder de verrader. Het is jammer dat we in de "Préhistoire" niets gewaar worden omtrent de voorouders van St. Arnulf, immers de merkwaardige omstandigheid doet zich nu voor dat althans in de gegeven versie, de serie vader van Munderic, Clodéric, Munderics' zoon en kleinzoon enz. aantoont dat Karel de Grote in de rechte lijn van Ripuarische franken afstamt.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Mummolin*530  †566  36


Arnould van Schelde
Arnould van Schelde, geb. circa 550, ovl. in 601.

tr.
met

Oda van Schwaben, geb. circa 565.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ida*592  †652 Nivelles [Frankrijk] 60


Oda van Schwaben
Oda van Schwaben, geb. circa 565.

tr.
met

Arnould van Schelde, zn. van Ansbert van Schelde (senator) en Bilichilde , geb. circa 550, ovl. in 601.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ida*592  †652 Nivelles [Frankrijk] 60


Ansbert van Schelde
Ansbert van Schelde, geb. circa 532, senator, ovl. in 570.

tr.
met

Bilichilde , dr. van Robert (Chrotbert) (paltsgraaf van Arras) en Théodrada , geb. circa 525,
, Bilichilde ?, als Ansbert, oude genealogiën noemen haar als echtgenote van Ansbert en zelfs als dochter van Clotaire I. Meer dan dat ze bestaan heeft is er niet en in bloedverwantschap stond tot de Merovingers blijft onzeker, tr. (2) met Ansbert . Uit dit huwelijk een zoon.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Arnould*550  †601  51


Bilichilde
Bilichilde , geb. circa 525,
, Bilichilde ?, als Ansbert, oude genealogiën noemen haar als echtgenote van Ansbert en zelfs als dochter van Clotaire I. Meer dan dat ze bestaan heeft is er niet en in bloedverwantschap stond tot de Merovingers blijft onzeker.

tr. (1)
met

Ansbert van Schelde, zn. van Ferréol van Narbonne (senator van Narbonne) en Dodo de Cologne des Francs Ripuaires (abdis van St. Pierre-de-Rheims), geb. circa 532, senator, ovl. in 570.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Arnould*550  †601  51

tr. (2)
met

Ansbert , zn. van Ferréol van Narbonne (senator van Narbonne) en Dodo de Cologne des Francs Ripuaires (abdis van St. Pierre-de-Rheims), senator,
, ook voor hem gold dat hij nergens door tijdgenoten genoemd wordt en het waren slechts stambomen gemaakt in de Carolingische tijd die ons zijn naam geven. Er is echter aangetoond dat sommige van deze bronnen gecopieerd zijn van oude kronieken van Metz. Ook andere, onomastische (uit oogpunt van de naamkunde) argumenten, ondersteunen Ansbert als vader van Arnoald.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Arnoald     


Dodo de Cologne des Francs Ripuaires
Dodo de Cologne des Francs Ripuaires, geb. circa 505, abdis van St. Pierre-de-Rheims.

tr.
met

Ferréol van Narbonne, zn. van Tonance Ferréol (senator te Narbonne) en Industrie , geb. circa 490, senator van Narbonne.

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ansbert*532  †570  38
Ansbert     


Agilulf
Agilulf ,
, zwager van Clodéric. Deze figuur, waarvan de naam misschien Agilulf was, stamde in de vrouwelijke lijn af van een koning Agilulf der Suaven, gestorven in 458. We veronderstellen dat hij een broer was van één van de vrouwen van Clodéric, koning te Keulen.

tr.
met

Ne , dr. van Godogisel (koning) en Theodelinde (koningin),
, een Bourgondische prinses, mogelijk een dochter van Godegisel en Theodelinde, die zeker geen mannelijke nakomelingen hadden. Zij moest dan wel de slachtpartij te Vienne overleefd hebben (vgl. Godogisel), want Settipani geeft aan dat zowel Godegisel als Theodelinde daarbij omgebracht werden. Chronologisch zou een dochter van Godegisel en Théodelinde de grootmoeder van Garibald, hertog van Beieren 555-590 moeten zijn. Dat beide echtelieden omkwamen in 500 baseert zich op de beschrijving van Settipani die achter de beide namen schrijft "morts vers 500".

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Agivald     


Chlodéric de Cologne
Chlodéric de Cologne, geb. circa 480, koning van Cologne, ovl. in 509,
, vadermoordenaar, Clodéric, koning van Keulen 508-509. Toen Clovis I met medewerking van zijn bloedverwant Cloderic de Visigothen onder Theodric bij Vouille verslagen had (507), schreef hij Cloderic een geheime brief waarin hij voorstelde zijn vader om te brengen, aangezien deze te oud en ongeschikt was om te regeren. Hij kon dan niet alleen een koninkrijk verwerven, maar tevens op de vriendschap van Clovis rekenen. Cloderic, verleid door zijn hebzucht, nam dit aan, liet zijn vader vermoorden terwijl deze zijn middagslaapje hield in het bos van Buchau, en besteeg de troon en meldde het heugelijke feit aan Clovis. Deze stuurde als antwoord een aantal van zijn mannen om de schatkist van Cloderic te controleren. Toen deze laatste zelf zijn bezittingen aanschouwde werd hij met een bijlslag van één van de aanwezigen gedood. Clovis breidde op deze wijze zijn rijk ten oosten van de Rijn uit.
Het betrof hier het rijk der Ripuarische Franken, in tegenstelling tot de Salische franken. De eerste waren arianen, de tweede katholiek. Clovis streefde naar een groot Frankisch rijk en gebruikte o.a. het geloofsargument om bovenbeschreven actie te ondernemen, volledig gesteund door de bisschoppen van zijn rijk
Roi de Cologne en 508-509, surnommé le sanguinaire.
Sigebert le Boiteux, roi des Francs Ripuaires, revenu sur les rives du Rhin, est victime d'un attentat alors que son fils, Chlodéric, est en campagne en Aquitaine. Il semblerait que celui-ci, revenant dans son royaume, est aussi été assassiné alors qu'il rentrait succéder à son père. Clovis se prétend "candidat au trône" et est élu par les Francs Ripuaires. Il annexe le royaume des Francs Ripuaires dont son fils, Thierry 1er, héritera à sa mort. Selon Grégoire de Tours, c'est Clovis qui incita Chlodéric à assassiner son père Sigebert le Boiteux. Il le fit ensuite tuer par ses agents.

tr.
met

Agilofinginne Blood, ovl. in 509,
, zij is verwant aan de Algilolfingers. De bisschop Agilulf van Metz (ca. 601) beschreef dat zij van Gallo-Romeinse afkomst was. Ook was bekend dat hij een oom was van Arnoald, bisschop van Metz in 611 (vgl. 66). Deze afkomst kan slechts via de mannelijke lijn, aangezien de Agilofingers Franken waren. Dit leidde Settipani tot de conclusie dat de grootmoeder van Arnoald een dochter was Cloderic, wiens Agilolfingerse afkomst dan loopt via haar grootvader van moederszijde, die als nazaat Garibald I van Beieren had, de eerste bekende Agilolfinger. Agilulf is dan als broer van Ansbert eveneens een oom van Arnoald. Dit brengt ons bij de Frankische prinses die we zochten als vrouw van Cloderic en moeder van Dode. De Gallo-Romeinse afkomst van de bisschop is dan afkomstig van Ferreol, echtgenoot van Dodo.

Uit dit huwelijk 2 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Dodo*505     
Mundéric*505  †532  27


Agilofinginne Blood
Agilofinginne Blood, ovl. in 509,
, zij is verwant aan de Algilolfingers. De bisschop Agilulf van Metz (ca. 601) beschreef dat zij van Gallo-Romeinse afkomst was. Ook was bekend dat hij een oom was van Arnoald, bisschop van Metz in 611 (vgl. 66). Deze afkomst kan slechts via de mannelijke lijn, aangezien de Agilofingers Franken waren. Dit leidde Settipani tot de conclusie dat de grootmoeder van Arnoald een dochter was Cloderic, wiens Agilolfingerse afkomst dan loopt via haar grootvader van moederszijde, die als nazaat Garibald I van Beieren had, de eerste bekende Agilolfinger. Agilulf is dan als broer van Ansbert eveneens een oom van Arnoald. Dit brengt ons bij de Frankische prinses die we zochten als vrouw van Cloderic en moeder van Dode. De Gallo-Romeinse afkomst van de bisschop is dan afkomstig van Ferreol, echtgenoot van Dodo.

tr.
met

Chlodéric de Cologne, zn. van Sigisbert I de Cologne des Francs Ripuaires (koning van Keulen), geb. circa 480, koning van Cologne, ovl. in 509,
, vadermoordenaar, Clodéric, koning van Keulen 508-509. Toen Clovis I met medewerking van zijn bloedverwant Cloderic de Visigothen onder Theodric bij Vouille verslagen had (507), schreef hij Cloderic een geheime brief waarin hij voorstelde zijn vader om te brengen, aangezien deze te oud en ongeschikt was om te regeren. Hij kon dan niet alleen een koninkrijk verwerven, maar tevens op de vriendschap van Clovis rekenen. Cloderic, verleid door zijn hebzucht, nam dit aan, liet zijn vader vermoorden terwijl deze zijn middagslaapje hield in het bos van Buchau, en besteeg de troon en meldde het heugelijke feit aan Clovis. Deze stuurde als antwoord een aantal van zijn mannen om de schatkist van Cloderic te controleren. Toen deze laatste zelf zijn bezittingen aanschouwde werd hij met een bijlslag van één van de aanwezigen gedood. Clovis breidde op deze wijze zijn rijk ten oosten van de Rijn uit.
Het betrof hier het rijk der Ripuarische Franken, in tegenstelling tot de Salische franken. De eerste waren arianen, de tweede katholiek. Clovis streefde naar een groot Frankisch rijk en gebruikte o.a. het geloofsargument om bovenbeschreven actie te ondernemen, volledig gesteund door de bisschoppen van zijn rijk
Roi de Cologne en 508-509, surnommé le sanguinaire.
Sigebert le Boiteux, roi des Francs Ripuaires, revenu sur les rives du Rhin, est victime d'un attentat alors que son fils, Chlodéric, est en campagne en Aquitaine. Il semblerait que celui-ci, revenant dans son royaume, est aussi été assassiné alors qu'il rentrait succéder à son père. Clovis se prétend "candidat au trône" et est élu par les Francs Ripuaires. Il annexe le royaume des Francs Ripuaires dont son fils, Thierry 1er, héritera à sa mort. Selon Grégoire de Tours, c'est Clovis qui incita Chlodéric à assassiner son père Sigebert le Boiteux. Il le fit ensuite tuer par ses agents.

Uit dit huwelijk 2 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Dodo*505     
Mundéric*505  †532  27


Sigisbert I de Cologne des Francs Ripuaires
Sigisbert I de Cologne des Francs Ripuaires, geb. circa 455, koning van Keulen, ovl. in 508,
, koning van Keulen, beter koning der Oostfranken.. 496-508. Gewond in 496 aan zijn knie in de strijd tegen de Alemanen in de bossen van Zülpich. Droeg sindsdien de bijnaam "de manke". Vermoord door zijn zoon Chlodéric.
Legend says that he was murdered by his son, Cloderic, at the instigation of Clovis I, King of the Salic Franks.
Boiteux suite à une blessure reçue en 496 lors de la défense de l'ancien camp romain de Zulpich contre les Alamans. Par la suite, avec l'aide de Clovis et de son armée, il écrasa ces mêmes Alamans à la bataille de Tolbiac non loin de Zulpich cité précédemment ( ces 2 événements sont parfois confondus mais la plupart des historiens estiment aujourd'hui qu'ils sont distincts..)
Selon Grégoire de Tours, c'est pendant cette bataille, longtemps incertaine, que Clovis s'engagea à se faire baptiser si la victoire lui souria.

een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Chlodéric*480  †509  29