Website van Cees Hagenbeek
Anneken Luls
Anneken Luls, ged. Amsterdam (Nieuwe Kerk) op 7 dec 1604, ovl. voor 1671.

Anneken Luls.
vermoedelijk zijn Anneke Luls en Tanneke Luls dezelfde persoon.

tr. Amsterdam op 21 mei 1632
met

Pieter Arentsz, geb. Vollenhove circa 1602, wijnverlater, ovl. voor 1671, tr. (2) met Belijtgen Baerents. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Uit dit huwelijk 7 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Susanna~1648 Amsterdam †1711 Amsterdam 63


Belijtgen Baerents
Belijtgen Baerents, geb. Amsterdam circa 1606, ovl. voor 21 aug 1632.

otr. Amsterdam op 13 mei 1628, tr. Vollenhove op 1 jun 1628
met

Pieter Arentsz, geb. Vollenhove circa 1602, wijnverlater, ovl. voor 1671, tr. (1) met Anneken Luls, dr. van Lenaert Luls (laeckencooper.) en Magdalena van Gansepoel. Uit dit huwelijk 7 kinderen.


Tobias Jansz de Haze
Tobias Jansz de Haze.

tr.
met

Margrita Boots.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Susanna*1585 Antwerpen [België] †1661 Amsterdam 76


Margrita Boots
Margrita Boots.

tr.
met

Tobias Jansz de Haze.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Susanna*1585 Antwerpen [België] †1661 Amsterdam 76


Maycken
Maycken , geb. 1 1560, ovl. na 1608.

Maycken .
woont in Leiden.

tr.
met

Pieter Claas Veeckens, geb. Poperingen [België] circa 1550, lakendrapier.

Pieter Claas Veeckens.
Poorter te Leiden op 6 dec 1582.

Uit dit huwelijk 5 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jan*1575 Poperingen [België] †1661  86


Lenaert Luls
Lenaert Luls, geb. in 1561 in Limburg, laeckencooper, ovl. waarschijnlijk aan de pest, begr. Amsterdam op 19 jul 1617.

Lenaert Luls.
in juli 1617 moet er zich een ramp hebben voltrokken aan de familie Luls-van Gansenpoel, die woonde op de hoek van het Schoutensteegje.
Op de 19e wordt Lenaert Luls begraven; ook op de 19e wordt Catharina Luls begraven, zijn dochtertje; op de 21e wordt Susanna Luls begraven;.
ook op de 21e wordt Magdalena van Gansenpoel, zijn echtgenote, begraven.

otr. Amsterdam op 21 mrt 1598, tr. Amsterdam op 8 apr 1598
met

Magdalena van Gansepoel (Madeleentien Ghansepoe), dr. van Jacob van Gansepoel (graanhandelaar.) en Anna "Tanneken" Commelin, geb. Emden [Duitsland] in 1573, begr. Amsterdam (Zuiderkerk) op 21 jul 1617.

Magdalena van Gansepoel.
overleed waarschijnlijk aan de de pest.

Uit dit huwelijk 6 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anneken~1604 Amsterdam (Nieuwe Kerk) †1671  66


Magdalena van Gansepoel
Magdalena van Gansepoel (Madeleentien Ghansepoe), geb. Emden [Duitsland] in 1573, begr. Amsterdam (Zuiderkerk) op 21 jul 1617.

Magdalena van Gansepoel.
overleed waarschijnlijk aan de de pest.

otr. Amsterdam op 21 mrt 1598, tr. Amsterdam op 8 apr 1598
met

Lenaert Luls, geb. in 1561 in Limburg, laeckencooper, ovl. waarschijnlijk aan de pest, begr. Amsterdam op 19 jul 1617.

Lenaert Luls.
in juli 1617 moet er zich een ramp hebben voltrokken aan de familie Luls-van Gansenpoel, die woonde op de hoek van het Schoutensteegje.
Op de 19e wordt Lenaert Luls begraven; ook op de 19e wordt Catharina Luls begraven, zijn dochtertje; op de 21e wordt Susanna Luls begraven;.
ook op de 21e wordt Magdalena van Gansenpoel, zijn echtgenote, begraven.

Uit dit huwelijk 6 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anneken~1604 Amsterdam (Nieuwe Kerk) †1671  66



Bronnen:
1.De Nederlandsche Leeuw, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883 (NL)

Jacob van Gansepoel
Jacob van Gansepoel1, graanhandelaar, ovl. Emden [Duitsland] in 1582.

  • Vader:
    Jacob van Gansepoel1, geb. Antwerpen [België], koopman in Antwerpen, ovl. Emden [Duitsland] voor 27 mrt 1576, tr. met

tr. Emden [Duitsland] in 1573
met

Anna "Tanneken" Commelin1, dr. van Jerome Commelin (grossier en koopman in zijde) en Jacqueline d'Ablaing, geb. in 1539, ovl. Emden [Duitsland] in 1582.

Uit dit huwelijk 5 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Magdalena*1573 Emden [Duitsland] 1617 Amsterdam (Zuiderkerk) 44



Bronnen:
1.De Nederlandsche Leeuw, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883 (NL)

Anna "Tanneken" Commelin
Anna "Tanneken" Commelin1, geb. in 1539, ovl. Emden [Duitsland] in 1582.

tr. Emden [Duitsland] in 1573
met

Jacob van Gansepoel1, zn. van Jacob van Gansepoel (koopman in Antwerpen) en Maria Robrechtsdr Stokvisch, graanhandelaar, ovl. Emden [Duitsland] in 1582.

Uit dit huwelijk 5 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Magdalena*1573 Emden [Duitsland] 1617 Amsterdam (Zuiderkerk) 44



Bronnen:
1.De Nederlandsche Leeuw, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883 (NL)

Jerome Commelin
Jerome Commelin1, geb. circa 1510, grossier en koopman in zijde, ovl. Antwerpen [België].

tr. Douay [Frankrijk] op 4 okt 1539
met

Jacqueline d'Ablaing1, dr. van Judes d'Ablaing en Maurande Planchon, geb. circa 1514.

Uit dit huwelijk 3 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anna*1539  †1582 Emden [Duitsland] 43



Bronnen:
1.De Nederlandsche Leeuw, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883 (NL)

Jacqueline d'Ablaing
Jacqueline d'Ablaing1, geb. circa 1514.

  • Vader:
    Judes d'Ablaing, geb. Douay [Frankrijk] in 1490, ovl. in 1539, tr. Douay [Frankrijk] in 1511 met

tr. Douay [Frankrijk] op 4 okt 1539
met

Jerome Commelin1, zn. van Toussain Aimerys Commelin (koopman) en Gillemine Sauvaige, geb. circa 1510, grossier en koopman in zijde, ovl. Antwerpen [België].

Uit dit huwelijk 3 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anna*1539  †1582 Emden [Duitsland] 43



Bronnen:
1.De Nederlandsche Leeuw, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883 (NL)

Judes d'Ablaing
Judes d'Ablaing, geb. Douay [Frankrijk] in 1490, ovl. in 1539.

tr. Douay [Frankrijk] in 1511
met

Maurande Planchon, dr. van Thomas Planchon, geb. circa 1490.

Uit dit huwelijk 2 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jacqueline*1514     


Maurande Planchon
in
Kwartierstaat van Marinus Pannevis

Maurande Planchon, geb. circa 1490.

tr. Douay [Frankrijk] in 1511
met

Judes d'Ablaing, geb. Douay [Frankrijk] in 1490, ovl. in 1539.

Uit dit huwelijk 2 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jacqueline*1514     


Thomas Planchon
in
Kwartierstaat van Marinus Pannevis

Thomas Planchon.

Thomas Planchon.
geslacht uit Doornik e.o, vanaf begin der 15e eeuw daar bekend onder de gezeten burgerij, over Antwerpen en Keulen uitgeweken naar Utrecht en daar tot aanzien gekomen door huwelijk 1633 met Maria Strick van Linschoten. Daar werd de naam Dablain ook‘ vervormd. Het huwelijk, juist eene eeuw later, met C. Ph. de Boodt, vrouwe van Giessenburg, zette nog meer luister bij. Hoewel de benoeming in de Hollandsche ridderschap van 1814 terecht plaats had met acte van bewijs, die aan adellijke afkomst derogeerde, werd 2 jaren later gunstig beschikt op verzoek om den titel van baron op alle, waarvoor recht noch reden was. De familie is op één afstammelinge na, h.t.1. uitgestorven en bestaat nog slechts in de V. S. v. A. uit het nakroost van een lid, dat in 0-Indië met eene Chineesche huwde.


Hij krijgt een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Maurande*1490     


Toussain Aimerys Commelin
in
Kwartierstaat van Marinus Pannevis

Toussain Aimerys Commelin, geb. Douay [Frankrijk] circa 1486, koopman.

Toussain Aimerys Commelin.
testeert op 12 februari 1537.

Den veertienden Januari 1560 werd Antoinette, dochter van Toussaint Commelin, weduwe van Jehan de St. Andre, in de kerk te Genève in den echt verbonden met een broeder van den beroemden Jean Calvin:.

“ Le Dimanche 14 au sermon de cinq heures du matin ont été espousez Antoine Calvin et Antonette Commelin vefve de feu Mr Jehan de St. Andre, ministre de l’Evangile en cest Eglise. (Genève, Archives d’état. Mariages de St. Pierre vol. 2”.

Haar eerste man Jean de St. Anadre, geboren te Besançon, was predikant geweest te Moens 1546, te Jus y 1548 en vervolgens te Genève sedert 1552. Den 3 Jan 1556 was hij in het Burgerboek ingeschreven: “Spectable Jehan de St. Andre. fils de feu Etienne de Bezanson” Den 15 Mei 1557 was hij overleden. Van de zes kinderen, wier namen uit doopboeken en testamenten bekend zijn, heeft er een zooals gezegd, voor ons onderwerp belang, nl. Pierre, gedoopt in de Madeleine-kerk 1 Juni 1555, dien we later als drukker en uitgever aantreffen, deels zelfstandig, deels eng verbonden met den bekenden Hieronymus Commelinus.

Uit het tweede huwelijk van Antoinette zijn ook weer kinderen gesproten, drie dochters die in 1571 aan de pest stiever, en een zoon Jean Calvin die 11 Juli 1590 overleed, na zijn testament gemaakt te hebben ten bate van zijne moeder, voor wie zijn broeder Pierre de St. Andre bij plaatsvervanging zou mogen optreden.

Eene notarieele akte van 1565 vermeldt den zooeven genoemden broeder van Antoinette, Jerome Commelin en wel als reeds overleden, terwijl zijn gelijknamige neef nog niet ouder was dan 15 jaar. Den 5 Augustus 1565 erkent nl. Anttoine Calvin ontvangen te hebben van zijne vrouw Antoinette  Commelin een bedrag van 385 livres 18 sols 9 deniers tournois monnaie de France. “laquelle somme…. est provenue de la vente et alienation de certains biens et rentes apartenants à la dite Commelin, en la ville de Douay et pays de Flandres, faicte par feu Nobie Hierome Commelin frére de la dite Antoinette et comme procureur d’icelle ou aultre au nom d’icelle”….(Genève, Arch. D’état, minut de Jean Ragueau notaire, vol. 7 fol. 35I).

Den anderen broeder Jan ontmoeten we enkele jaren later, als slachtoffer van den Bloedraad. In de Vlaamsche Kronijk van Ph. de Kempenaere (uitgeg. Door Ph. Blommaert, Gent 1839, p. 42, 45, 48, 56, 57 en 121) vinden we hierover het een en ander. Onder degenen die “om der religie wille” den 10 Febr. 1568 werden ingedaagd, wordt daar vermeld “Jan Commelin van Valencijn (lees Douai), koopman in granen” te Gent; den 3 Maart volgt de gevangenneming van een aantal der ingedaagden waaronder “Jan Commelin met zijnen zone”, en den 9 April te Brussel wordt hunne terechtstelling vermeld. Voorts vernemen we dat “het huis van Jan Commelin in de Burchstraat te Gent op 30 Juli ter verpachting aangeplakt, en op 4 Aug. 1568 verpacht is: drie jaren later werd openlijk verkondigd dat men met eenige andere huizen “het huis van den koopman Jan Commelin van Douai die te Brussel onthoofd was” zou verkoopen.

Weer andere bijzonderheden geeft Commelin’s achterkleinzoon CASPARUS in zijne ‘Beschrijvinge van Amsterdam (2e dr. 2e dl. 1726, p. 1023 noot), wiens meedeeling hier in haar geheel volgt. Van een zoon van Commelin vindt men daar geene melding, wel van Jude Bonnenuict die zijn schoonzoon was.

Den Hertog van Alva nam kennis van veel Persoonen door alle de Nederlanden en die wel gegoed waren, deed weynig nadat de Graven van Egmont en Hoorn waren gevangen genomen, die voor den Bloedraad roepen, wel ten getale van in de tachtig: doch de meeste koosen de vlucht. In de veertig compareerden, vertrouwende op haar Vryheden, en meenden haar wel te zullen verdeedigen. Zeven-en-dertig wierden door den Provoost Spelle , door de eene Kamer in de andere gevoert, en voorts op den 27 Februari 1567 (lees 1568) uyt last des Bloedraads, zonder eens gehoor bekomen te hebben, gevangen genomen; wilkers Naamen. Om dat noch heden ten dage van de Nakomelingen in dese Stad gevonden worden hier stellen.

Pieter van de Cruce, Francois Heulblocq, Frederik de Buck, Jan Commelin, Jude Bonnenuict, Jacob Weytens…..

Van de laatste raakten drie a vier, terwijle de andere ter Kamer ingelaten wierden, weg, en ontvluchtent: maar de andere wierden in zware en stinkende Kerkers geworpen, daar in ongehoort gelaten tot dat de Vasten gepasseerd was: men velde, zonder ondersocht te worden, haar Dood-vonnis, en voerdense in ’t begin van April 1568. buyten de Vlaamsche Poort. Daar waren Schavotten en Galgen opgerecht. En die ten deele aan Beeldestormerye schuldit verklaart. Wierden gehangen, eenige geworgt, en andere met den zwaarde gerecht. Gelijk dese onderstaande Sententie des Doods van mijn Over-Grootvader Jean Commelin, die een van die ongelukkige is geweest. Duydelijk te kennen geeft.

De Provoost van ’t Hof zijner Majesteyt, gesien hebbende ’t Proces en redenen tegens Jan Commelin. By welke blijkt, dat gedagte Commelin heeft doen collecteeren en ontfangen, door ordre van de Consistorie, een zeer notabele somme. Om daar mede door der zelver ordre, te onderhouden en op te bouwen een nieuwe Kerk, daar hy als Fondateur, altijd present in de Predicatie is geweest, en heeft ook tegenwoordig geweest bij het te Doop houden van zijn Dochters kind op de nieuwe maniere. In die nieuwe Kerk, heeft hem ook gedurig laten vinden in de Preke, zoo tot Gent, als tot Antwerpen: Verwerpende also het oude Catholijke Geloove, omhelsende de Pauye van de nieuwe Religie, coatrarie de Placcaten van gedagte zijne Majesteyt, schendende der zeiver Authoriteyt ende gesag: ende na dat alles is gesien. Zoo heeft gedagte Provoost , met advijs van den Raad van geseyde Majesteyt, gesamentlijk in ’t Hof vergadert. Gecondemneert by dese over de voorsz. Misdaan. Jan Commelin te werden geëxcuteerd aan den lijve, met den zwaarde, datter de dood na volgt, en alle zijne goederen gecontisqueert, ten profijte van zijne Majesteyt. Gepronucieert tot Brussel den 6 April 1568.

Van dezen Jan Commelin, in 1568 terechtgesteld, kennen we verscheidene kinderen bij naam. Twee er van hebben voor ons onderwerp belang; Margaretha, getrouwd met Jude Bonnenuicts die tegelijk met zijn schoonvader den marteldood stier, moeder van Ester Bonnenuicts die we na eenige jaren als bruid van Hieronymus Commelin zullen ontmoeten, en van Jude en Nicolaas die na Hieronymus dood zijne zaak bestuurd hebben; en Jan die te Amsterdam een boekhandel heeft gedreven, ook met de Bonnenuicts de Heidelbergsche zaak heeft bestuurd, en wiens zonen en kleinzoon later in het boekenbedrijf naam hebben gemaakt.

Veel eerder dan al de genoemden heeft hun neef Hieronymus zich aan het drukkers- en uitgeversbedrijf gewijd. Deze was, zooals gezegd is, geen zoon van Toussaint Commelin, maar van diens waarschijnlijk veel jongeren broeder Hugues. Over zijne jonge jaren is ons weinig bekend: het eerste vinden we hem in een contract van 1575, toen hij ongeveer 25 jaar oud was, aangeduid als “koopman, wonende te Genève”. Het contract zelf toont dat hij zich bepaaldelijk aan den boekhandel wijdde; het is belangrijk genoeg om het hier in zijn geheel te laten volgen.

tr. Douay [Frankrijk] op 22 jun 1509
met

Gillemine Sauvaige, dr. van Hugues Sauvaige en Marie Ruffin, ovl. op 3 feb 1537.

Uit dit huwelijk 8 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jerome*1510   Antwerpen [België]  


Gillemine Sauvaige
Gillemine Sauvaige, ovl. op 3 feb 1537.

tr. Douay [Frankrijk] op 22 jun 1509
met

Toussain Aimerys Commelin, zn. van Aimery Jehans Commelin en Jehenne le Maire, geb. Douay [Frankrijk] circa 1486, koopman.

Toussain Aimerys Commelin.
testeert op 12 februari 1537.

Den veertienden Januari 1560 werd Antoinette, dochter van Toussaint Commelin, weduwe van Jehan de St. Andre, in de kerk te Genève in den echt verbonden met een broeder van den beroemden Jean Calvin:.

“ Le Dimanche 14 au sermon de cinq heures du matin ont été espousez Antoine Calvin et Antonette Commelin vefve de feu Mr Jehan de St. Andre, ministre de l’Evangile en cest Eglise. (Genève, Archives d’état. Mariages de St. Pierre vol. 2”.

Haar eerste man Jean de St. Anadre, geboren te Besançon, was predikant geweest te Moens 1546, te Jus y 1548 en vervolgens te Genève sedert 1552. Den 3 Jan 1556 was hij in het Burgerboek ingeschreven: “Spectable Jehan de St. Andre. fils de feu Etienne de Bezanson” Den 15 Mei 1557 was hij overleden. Van de zes kinderen, wier namen uit doopboeken en testamenten bekend zijn, heeft er een zooals gezegd, voor ons onderwerp belang, nl. Pierre, gedoopt in de Madeleine-kerk 1 Juni 1555, dien we later als drukker en uitgever aantreffen, deels zelfstandig, deels eng verbonden met den bekenden Hieronymus Commelinus.

Uit het tweede huwelijk van Antoinette zijn ook weer kinderen gesproten, drie dochters die in 1571 aan de pest stiever, en een zoon Jean Calvin die 11 Juli 1590 overleed, na zijn testament gemaakt te hebben ten bate van zijne moeder, voor wie zijn broeder Pierre de St. Andre bij plaatsvervanging zou mogen optreden.

Eene notarieele akte van 1565 vermeldt den zooeven genoemden broeder van Antoinette, Jerome Commelin en wel als reeds overleden, terwijl zijn gelijknamige neef nog niet ouder was dan 15 jaar. Den 5 Augustus 1565 erkent nl. Anttoine Calvin ontvangen te hebben van zijne vrouw Antoinette  Commelin een bedrag van 385 livres 18 sols 9 deniers tournois monnaie de France. “laquelle somme…. est provenue de la vente et alienation de certains biens et rentes apartenants à la dite Commelin, en la ville de Douay et pays de Flandres, faicte par feu Nobie Hierome Commelin frére de la dite Antoinette et comme procureur d’icelle ou aultre au nom d’icelle”….(Genève, Arch. D’état, minut de Jean Ragueau notaire, vol. 7 fol. 35I).

Den anderen broeder Jan ontmoeten we enkele jaren later, als slachtoffer van den Bloedraad. In de Vlaamsche Kronijk van Ph. de Kempenaere (uitgeg. Door Ph. Blommaert, Gent 1839, p. 42, 45, 48, 56, 57 en 121) vinden we hierover het een en ander. Onder degenen die “om der religie wille” den 10 Febr. 1568 werden ingedaagd, wordt daar vermeld “Jan Commelin van Valencijn (lees Douai), koopman in granen” te Gent; den 3 Maart volgt de gevangenneming van een aantal der ingedaagden waaronder “Jan Commelin met zijnen zone”, en den 9 April te Brussel wordt hunne terechtstelling vermeld. Voorts vernemen we dat “het huis van Jan Commelin in de Burchstraat te Gent op 30 Juli ter verpachting aangeplakt, en op 4 Aug. 1568 verpacht is: drie jaren later werd openlijk verkondigd dat men met eenige andere huizen “het huis van den koopman Jan Commelin van Douai die te Brussel onthoofd was” zou verkoopen.

Weer andere bijzonderheden geeft Commelin’s achterkleinzoon CASPARUS in zijne ‘Beschrijvinge van Amsterdam (2e dr. 2e dl. 1726, p. 1023 noot), wiens meedeeling hier in haar geheel volgt. Van een zoon van Commelin vindt men daar geene melding, wel van Jude Bonnenuict die zijn schoonzoon was.

Den Hertog van Alva nam kennis van veel Persoonen door alle de Nederlanden en die wel gegoed waren, deed weynig nadat de Graven van Egmont en Hoorn waren gevangen genomen, die voor den Bloedraad roepen, wel ten getale van in de tachtig: doch de meeste koosen de vlucht. In de veertig compareerden, vertrouwende op haar Vryheden, en meenden haar wel te zullen verdeedigen. Zeven-en-dertig wierden door den Provoost Spelle , door de eene Kamer in de andere gevoert, en voorts op den 27 Februari 1567 (lees 1568) uyt last des Bloedraads, zonder eens gehoor bekomen te hebben, gevangen genomen; wilkers Naamen. Om dat noch heden ten dage van de Nakomelingen in dese Stad gevonden worden hier stellen.

Pieter van de Cruce, Francois Heulblocq, Frederik de Buck, Jan Commelin, Jude Bonnenuict, Jacob Weytens…..

Van de laatste raakten drie a vier, terwijle de andere ter Kamer ingelaten wierden, weg, en ontvluchtent: maar de andere wierden in zware en stinkende Kerkers geworpen, daar in ongehoort gelaten tot dat de Vasten gepasseerd was: men velde, zonder ondersocht te worden, haar Dood-vonnis, en voerdense in ’t begin van April 1568. buyten de Vlaamsche Poort. Daar waren Schavotten en Galgen opgerecht. En die ten deele aan Beeldestormerye schuldit verklaart. Wierden gehangen, eenige geworgt, en andere met den zwaarde gerecht. Gelijk dese onderstaande Sententie des Doods van mijn Over-Grootvader Jean Commelin, die een van die ongelukkige is geweest. Duydelijk te kennen geeft.

De Provoost van ’t Hof zijner Majesteyt, gesien hebbende ’t Proces en redenen tegens Jan Commelin. By welke blijkt, dat gedagte Commelin heeft doen collecteeren en ontfangen, door ordre van de Consistorie, een zeer notabele somme. Om daar mede door der zelver ordre, te onderhouden en op te bouwen een nieuwe Kerk, daar hy als Fondateur, altijd present in de Predicatie is geweest, en heeft ook tegenwoordig geweest bij het te Doop houden van zijn Dochters kind op de nieuwe maniere. In die nieuwe Kerk, heeft hem ook gedurig laten vinden in de Preke, zoo tot Gent, als tot Antwerpen: Verwerpende also het oude Catholijke Geloove, omhelsende de Pauye van de nieuwe Religie, coatrarie de Placcaten van gedagte zijne Majesteyt, schendende der zeiver Authoriteyt ende gesag: ende na dat alles is gesien. Zoo heeft gedagte Provoost , met advijs van den Raad van geseyde Majesteyt, gesamentlijk in ’t Hof vergadert. Gecondemneert by dese over de voorsz. Misdaan. Jan Commelin te werden geëxcuteerd aan den lijve, met den zwaarde, datter de dood na volgt, en alle zijne goederen gecontisqueert, ten profijte van zijne Majesteyt. Gepronucieert tot Brussel den 6 April 1568.

Van dezen Jan Commelin, in 1568 terechtgesteld, kennen we verscheidene kinderen bij naam. Twee er van hebben voor ons onderwerp belang; Margaretha, getrouwd met Jude Bonnenuicts die tegelijk met zijn schoonvader den marteldood stier, moeder van Ester Bonnenuicts die we na eenige jaren als bruid van Hieronymus Commelin zullen ontmoeten, en van Jude en Nicolaas die na Hieronymus dood zijne zaak bestuurd hebben; en Jan die te Amsterdam een boekhandel heeft gedreven, ook met de Bonnenuicts de Heidelbergsche zaak heeft bestuurd, en wiens zonen en kleinzoon later in het boekenbedrijf naam hebben gemaakt.

Veel eerder dan al de genoemden heeft hun neef Hieronymus zich aan het drukkers- en uitgeversbedrijf gewijd. Deze was, zooals gezegd is, geen zoon van Toussaint Commelin, maar van diens waarschijnlijk veel jongeren broeder Hugues. Over zijne jonge jaren is ons weinig bekend: het eerste vinden we hem in een contract van 1575, toen hij ongeveer 25 jaar oud was, aangeduid als “koopman, wonende te Genève”. Het contract zelf toont dat hij zich bepaaldelijk aan den boekhandel wijdde; het is belangrijk genoeg om het hier in zijn geheel te laten volgen.

Uit dit huwelijk 8 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Jerome*1510   Antwerpen [België]  


Hugues Sauvaige
Hugues Sauvaige.

tr.
met

Marie Ruffin.

Uit dit huwelijk 2 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gillemine  †1537   


Marie Ruffin
Marie Ruffin.

tr.
met

Hugues Sauvaige.

Uit dit huwelijk 2 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gillemine  †1537   


Aimery Jehans Commelin
Aimery Jehans Commelin, geb. circa 1460.

  • Vader:
    Jehan Colards Commelin, geb. Douay [Frankrijk] circa 1437, ovl. aldaar in 1486, tr. Douay [Frankrijk] op 24 mei 1460 met

tr.
met

Jehenne le Maire, dr. van Jehan le Maire en Maria Ruffin le Maire, geb. circa 1469.

Uit dit huwelijk 8 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Toussain*1486 Douay [Frankrijk]    


Jehenne le Maire
Jehenne le Maire, geb. circa 1469.

  • Vader:
    Jehan le Maire, geb. circa 1445, tr. Douay [Frankrijk] op 13 jun 1486 met

tr.
met

Aimery Jehans Commelin, zn. van Jehan Colards Commelin en Marie Robault, geb. circa 1460.

Uit dit huwelijk 8 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Toussain*1486 Douay [Frankrijk]