Cees Hagenbeek
Beroaldus Godwulf Folcwalda Sunu van Friesland
Beroaldus Godwulf Folcwalda Sunu van Friesland, geb. Wijk bij Duurstede Dorestad circa 318, ovl. aldaar Dorestad in 372.

tr.
met

Zwin van Sincfala.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Richoldus I*370 Friesland †435 Wijk bij Duurstede 64


Adolf Odif Odibaldus Haron
Adolf Odif Odibaldus Haron, geb. circa 340.


Hij krijgt een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Odilba*380  †450  70


Odibald
Odibald , geb. circa 297, ovl. in 359.


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Adolf*340     


Haron
Haron , geb. circa 238, ovl. in 335.


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Odibald*297  †359  62


Ubbo
Ubbo .


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Haron*238  †335  97


Richoldus I Titus Biocalus van Friesland
Richoldus I Titus Biocalus van Friesland, geb. circa 154, ovl. in 240.


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ubbo     


Ascon van Friesland
Ascon van Friesland, geb. circa 129, ovl. in 173.


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Richoldus I*154  †240  86


Tabbo Malorix van Friesland
Tabbo Malorix van Friesland, geb. circa 70, ovl. in 130.

Tabbo Malorix van Friesland.
laatste prins der Friezen, 3e hertog van Frieslan.


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ascon*129  †173  44


Dibbaldus Segon van Friesland
Dibbaldus Segon prins van Friesland, geb. in 34, ovl. in 85, begr. Starum.


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Tabbo*70  †130  60


Diocarus Segon van Friesland
Diocarus Segon prins van Friesland, ovl. in 38 of 43, begr. Starum.


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Dibbaldus*34  †85 Starum 51


Asinga Ascon van Friesland
Asinga Ascon (Adel IV, Asega Askar) van Friesland, ovl. Starum in 11 BC.


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Diocarus  †38 Starum  


Ubbo (Adel III) van Friesland
Ubbo (Adel III) van Friesland, geb. in 151 BC, ovl. in 71 BC.


Hij krijgt een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Asinga  †-11 Starum  


Adel II Atharik van Friesland
Adel II Atharik prins van Friesland, ovl. in 151 BC.

tr.
met

Ifkja (Suobene) van Saxenmarken, dr. van Berthold van Saxenmarken, geb. Texland Texland, Suobene, Saxenmarken, ovl. Friesland.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ubbo*-151  †-71  80


Ifkja (Suobene) van Saxenmarken
Ifkja (Suobene) van Saxenmarken, geb. Texland Texland, Suobene, Saxenmarken, ovl. Friesland.

tr.
met

Adel II Atharik prins van Friesland, zn. van Adel I koning van Friesland en Swethirte , ovl. in 151 BC.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ubbo*-151  †-71  80


Berthold van Saxenmarken
Berthold van Saxenmarken.


Hij krijgt een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ifkja Texland  Friesland  


Adel I van Friesland
Adel I koning van Friesland.

tr.
met

Swethirte .

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Adel  †-151   



Bronnen:
1.Stamboom Zandstra / Agama, Stamboom Zandstra / Agama, Abele Jan Zandstra, 7 feb 2022 (WWW 002)
2.La Grande Chronique.De Hollande, Zelande, Westfrise, Utrecht, Frise, Overyssel &, La Grande Chronique.de Hollande, Zelande, W, De l'Impression de Jacob Canin chez Guillau, Dordrecht, 1601 (B 030) (blz. 28)

Frizo van Friesland
Frizo van Friesland1,2, geb. Fresia-Prasia-Phavrasia, stad Palibothra, Indie. / Punjab, Indië in 313 BC, ovl. Stavoren in 264 BC.

Frizo van Friesland.
In 321 v.Chr. migreerde een lijn van prinsen via India naar het gebied van Noord-Holland en noordwestelijk Duitsland onder hun leider Friso. Friso stamde af van Ragan of Reu (Genesis 11:19) volgens "La Grande Chronique ... de Hollande, Zelande" enz, p. 28. Friso was een avonturier in dienst van Alexander de Grote. Na ontslag uit dienst kwam hij met een groep kolonisten van de rivier de Indus naar Europa. Daar kreeg hij in 313 macht over de lokale graven door middel van intriges. Een afstammeling, Friso, werd koning in 287 en begon een secundaire lijn van heersers. .

Friso wordt beschouwd als een legendarische koning van de Friezen die zou hebben geregeerd rond 300 v.Chr. Volgens Martinus Hamconius in zijn 17e-eeuwse kroniek Frisia seu de viris rebusque illustribus en ook het 19e-eeuwse Oera Linda Boek, was Friso een leider van een groep Friese kolonisten die al meer dan een millennium in de Punjab waren gevestigd toen ze door Alexander de Grote werden ontdekt. In dienst van Alexander vonden Friso en de kolonisten uiteindelijk hun weg terug naar hun voorouderlijk thuisland Friesland, waar Friso een dynastie van koningen stichtte. .

Een andere legende zegt dat een rode banier, die eigendom was van Friso en Magnusvaan werd genoemd, verborgen is in de kerk van Almenum. Almenum is een historische locatie in het gebied van het dorp Midlum, Friesland, dat in de gemeente Harlingen ligt. Het bevindt zich op de kruising van de Zuidwalweg en Haulewei. Volgens de legende is Almenum de locatie van de eerste christelijke kerk in Friesland, gebouwd in 777 na Christus door Gustavus Forteman. De kerk was de Kathedraal Almenum.

Dus had Friso zijn moeilijke taak glorieus volbracht, terwijl zijn zonen onder zijn leiding de rijke staatszaken beheerden, zowel op geestelijk als civiel gebied, ten bate van de welvaart en vrede van zijn land. Hij besloot zijn loopbaan met schriftelijke vermaningen aan zijn volk over eenheid en liefde voor vrijheid. Na een regering van achtenzestig jaar overleed hij in zijn hoofdstad Stavoren, waar zijn begrafenis plaatsvond volgens de gebruiken van de Perzen. Zijn zoon Adel volgde hem op in het staatsbestuur.

De afkomst of oorsprong der Friezen schuilt zóó diep in den nacht der eeuwen en gaat het historische tijdperk, of de met zekerheid bekende geschiedenis van ons vaderland, zóó lang vooraf, dat niemand daaromtrent bepaalde berigten kan mededeelen. Het ontbreekt echter niet aan gissingen, vermoedens en volksverhalen deswege. Dat zij uit het noorden, uit Scandinavië of Zweden en Noorwegen afstammen, wordt evenzeer beweerd, als dat zij uit Azië of het oosten afkomstig en dóór Germanië getrokken zouden zijn, vóór zij zich hier op deze kustlanden vestigden. Anderen houden hen voor een stam der Kimbren; doch volgens de jongste onderzoekingen der geleerden, zouden zij afstammen van de Celten of Kelten, wier voorgangers (door hen Vóór-Kelten of Vóór-Germanen genoemd) in een gedeelte van Friesland, het hooggelegene Drenthe, de stichters waren van de reusachtige Hunebedden of opeengestapelde steenbrokken, welke gedurende zoo vele eeuwen voorwerpen van bewondering zijn geweest. Ook in Gaasterland is in 1849 een dergelijk Hunebed, steengraf of kelder beneden den hoogen boschgrond ontdekt, bestaande uit eene massa zware steenbrokken, waar tusschen vuursteenen wiggen, urnscherven, houtskool enz. werden gevonden; een gedenkstuk der oudheid uit den vóór-historischen tijd, toen de bewoners dezer landen het gebruik van de metalen nog niet kenden.

Meer geloof verwierf echter het volksverhaal, dat friso, eens Konings zoon uit Indië, na den dood van alexander den groote uit zijn vaderland verdreven, zich met zijne broeders saxo en bruno en vele anderen te scheep begeven hebbende, 313 jaren vóór onze tijdrekening met eene vloot in Friesland zou aangeland zijn.Hij wordt gehouden voor den stichter van Stavoren, voor den bevolker van dit land en alzoo voor den stamvader der Friezen, die van hem hun naam ontleenden, gelijk de Saksers en Brunswijkers den hunnen van zijne broeders zouden ontvangen hebben.

Het valt zeer moeilijk te beslissen, in hoeverre dit aloude volksverhaal waarheid bevat. Toen het omstreeks veertien eeuwen later in de landskronyken werd opgenomen, werd het blijkbaar in den vorm en naar de denkwijze van dien tijd voorgesteld, versierd en uitgebreid, en daaraan eene gansche rij van Vorsten verbonden, die Prins friso in het bestuur van Friesland zouden opgevolgd zijn. Bestendig is dit verhaal het voorwerp geweest van geschil tusschen vele geleerden, die het bestreden en verdedigd hebben. De dichter willem van haren heeft het zelfs tot onderwerp gekozen van een voortreffelijk heldendicht.

Er bestaan nog meerdere verhalen en meningen omtrent den oorsprong der Friezen, doch allen zijn even twijfelachtig, als de verklaringen van den naams-oorsprong. Waarom zouden wij niet liever bekennen,dat de hooge oudheid ons verhindert deswege eenige zekerheid te bekomen, en dat er weinige trekken bekend zijn uit de eerste kindschheid der levensgeschiedenis onzer natie? Meer zeker is het echter, dat zij een der talrijke volksstammen waren van het uitgestrekte Duitschland of Germanië. Doch volkomen zeker is het, dat zij hier reeds gevestigd waren, deze lage landen zich reeds tot eene bewoonbare plek gemaakt- en zich over eene groote landstreek uitgebreid hadden, toen de Romeinen, 11 jaren vóór onze tijdrekening, voor het eerst in deze landen kwamen. De geschiedschrijvers van dat volk, wier werken wij bezitten als de eerste bronnen der geschiedenis van Nederland, maken melding van hen. Hoe lang zij toen reeds hier gewoond hadden, is onzeker, en, wegens gebrek aan kennis van de tijdrekenkunde en schrijfkunst bij dit volk, ook nimmer na te sporen.

In 1157 stichtte Eilwardus Ludinga een klooster genaamd Ludingakerke. De monniken groeven kanalen om toegang te bieden aan handelsvaartuigen. Ludingakerk werd een van de rijkste kloosters in Friesland. Het gebied ten westen van Almenum werd belangrijker en groeide uit tot de stad Harlingen.

tr.
met

Hilla van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus1, dr. van Agathocles prins van Thracië en Lysandra Nicea van Egypte, geb. Thracië, ovl. Stavoren in 245 BC.

Hilla van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus.
Prinses van Jeruzalem en Cyprus.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Adel I     



Bronnen:
1.Stamboom Zandstra / Agama, Stamboom Zandstra / Agama, Abele Jan Zandstra, 7 feb 2022 (WWW 002)
2.La Grande Chronique.De Hollande, Zelande, Westfrise, Utrecht, Frise, Overyssel &, La Grande Chronique.de Hollande, Zelande, W, De l'Impression de Jacob Canin chez Guillau, Dordrecht, 1601 (B 030) (blz. 28)
3.Stamboom van de Friese familie Agama, Coen Vogelaar, Geneanet, 7 feb 2022 (WWW 001)

Hilla van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus
Hilla van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus1, geb. Thracië, ovl. Stavoren in 245 BC.

Hilla van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus van Thracië Prinses van Jeruzalem en Cyprus.
Prinses van Jeruzalem en Cyprus.

tr.
met

Frizo van Friesland1,3, zn. van Adel I van India van Punjab, geb. Fresia-Prasia-Phavrasia, stad Palibothra, Indie. / Punjab, Indië in 313 BC, ovl. Stavoren in 264 BC.

Frizo van Friesland.
In 321 v.Chr. migreerde een lijn van prinsen via India naar het gebied van Noord-Holland en noordwestelijk Duitsland onder hun leider Friso. Friso stamde af van Ragan of Reu (Genesis 11:19) volgens "La Grande Chronique ... de Hollande, Zelande" enz, p. 28. Friso was een avonturier in dienst van Alexander de Grote. Na ontslag uit dienst kwam hij met een groep kolonisten van de rivier de Indus naar Europa. Daar kreeg hij in 313 macht over de lokale graven door middel van intriges. Een afstammeling, Friso, werd koning in 287 en begon een secundaire lijn van heersers. .

Friso wordt beschouwd als een legendarische koning van de Friezen die zou hebben geregeerd rond 300 v.Chr. Volgens Martinus Hamconius in zijn 17e-eeuwse kroniek Frisia seu de viris rebusque illustribus en ook het 19e-eeuwse Oera Linda Boek, was Friso een leider van een groep Friese kolonisten die al meer dan een millennium in de Punjab waren gevestigd toen ze door Alexander de Grote werden ontdekt. In dienst van Alexander vonden Friso en de kolonisten uiteindelijk hun weg terug naar hun voorouderlijk thuisland Friesland, waar Friso een dynastie van koningen stichtte. .

Een andere legende zegt dat een rode banier, die eigendom was van Friso en Magnusvaan werd genoemd, verborgen is in de kerk van Almenum. Almenum is een historische locatie in het gebied van het dorp Midlum, Friesland, dat in de gemeente Harlingen ligt. Het bevindt zich op de kruising van de Zuidwalweg en Haulewei. Volgens de legende is Almenum de locatie van de eerste christelijke kerk in Friesland, gebouwd in 777 na Christus door Gustavus Forteman. De kerk was de Kathedraal Almenum.

Dus had Friso zijn moeilijke taak glorieus volbracht, terwijl zijn zonen onder zijn leiding de rijke staatszaken beheerden, zowel op geestelijk als civiel gebied, ten bate van de welvaart en vrede van zijn land. Hij besloot zijn loopbaan met schriftelijke vermaningen aan zijn volk over eenheid en liefde voor vrijheid. Na een regering van achtenzestig jaar overleed hij in zijn hoofdstad Stavoren, waar zijn begrafenis plaatsvond volgens de gebruiken van de Perzen. Zijn zoon Adel volgde hem op in het staatsbestuur.

De afkomst of oorsprong der Friezen schuilt zóó diep in den nacht der eeuwen en gaat het historische tijdperk, of de met zekerheid bekende geschiedenis van ons vaderland, zóó lang vooraf, dat niemand daaromtrent bepaalde berigten kan mededeelen. Het ontbreekt echter niet aan gissingen, vermoedens en volksverhalen deswege. Dat zij uit het noorden, uit Scandinavië of Zweden en Noorwegen afstammen, wordt evenzeer beweerd, als dat zij uit Azië of het oosten afkomstig en dóór Germanië getrokken zouden zijn, vóór zij zich hier op deze kustlanden vestigden. Anderen houden hen voor een stam der Kimbren; doch volgens de jongste onderzoekingen der geleerden, zouden zij afstammen van de Celten of Kelten, wier voorgangers (door hen Vóór-Kelten of Vóór-Germanen genoemd) in een gedeelte van Friesland, het hooggelegene Drenthe, de stichters waren van de reusachtige Hunebedden of opeengestapelde steenbrokken, welke gedurende zoo vele eeuwen voorwerpen van bewondering zijn geweest. Ook in Gaasterland is in 1849 een dergelijk Hunebed, steengraf of kelder beneden den hoogen boschgrond ontdekt, bestaande uit eene massa zware steenbrokken, waar tusschen vuursteenen wiggen, urnscherven, houtskool enz. werden gevonden; een gedenkstuk der oudheid uit den vóór-historischen tijd, toen de bewoners dezer landen het gebruik van de metalen nog niet kenden.

Meer geloof verwierf echter het volksverhaal, dat friso, eens Konings zoon uit Indië, na den dood van alexander den groote uit zijn vaderland verdreven, zich met zijne broeders saxo en bruno en vele anderen te scheep begeven hebbende, 313 jaren vóór onze tijdrekening met eene vloot in Friesland zou aangeland zijn.Hij wordt gehouden voor den stichter van Stavoren, voor den bevolker van dit land en alzoo voor den stamvader der Friezen, die van hem hun naam ontleenden, gelijk de Saksers en Brunswijkers den hunnen van zijne broeders zouden ontvangen hebben.

Het valt zeer moeilijk te beslissen, in hoeverre dit aloude volksverhaal waarheid bevat. Toen het omstreeks veertien eeuwen later in de landskronyken werd opgenomen, werd het blijkbaar in den vorm en naar de denkwijze van dien tijd voorgesteld, versierd en uitgebreid, en daaraan eene gansche rij van Vorsten verbonden, die Prins friso in het bestuur van Friesland zouden opgevolgd zijn. Bestendig is dit verhaal het voorwerp geweest van geschil tusschen vele geleerden, die het bestreden en verdedigd hebben. De dichter willem van haren heeft het zelfs tot onderwerp gekozen van een voortreffelijk heldendicht.

Er bestaan nog meerdere verhalen en meningen omtrent den oorsprong der Friezen, doch allen zijn even twijfelachtig, als de verklaringen van den naams-oorsprong. Waarom zouden wij niet liever bekennen,dat de hooge oudheid ons verhindert deswege eenige zekerheid te bekomen, en dat er weinige trekken bekend zijn uit de eerste kindschheid der levensgeschiedenis onzer natie? Meer zeker is het echter, dat zij een der talrijke volksstammen waren van het uitgestrekte Duitschland of Germanië. Doch volkomen zeker is het, dat zij hier reeds gevestigd waren, deze lage landen zich reeds tot eene bewoonbare plek gemaakt- en zich over eene groote landstreek uitgebreid hadden, toen de Romeinen, 11 jaren vóór onze tijdrekening, voor het eerst in deze landen kwamen. De geschiedschrijvers van dat volk, wier werken wij bezitten als de eerste bronnen der geschiedenis van Nederland, maken melding van hen. Hoe lang zij toen reeds hier gewoond hadden, is onzeker, en, wegens gebrek aan kennis van de tijdrekenkunde en schrijfkunst bij dit volk, ook nimmer na te sporen.

In 1157 stichtte Eilwardus Ludinga een klooster genaamd Ludingakerke. De monniken groeven kanalen om toegang te bieden aan handelsvaartuigen. Ludingakerk werd een van de rijkste kloosters in Friesland. Het gebied ten westen van Almenum werd belangrijker en groeide uit tot de stad Harlingen.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Adel I     



Bronnen:
1.Stamboom Zandstra / Agama, Stamboom Zandstra / Agama, Abele Jan Zandstra, 7 feb 2022 (WWW 002)
2.Stamboom van de Friese familie Agama, Coen Vogelaar, Geneanet, 7 feb 2022 (WWW 001)
3.La Grande Chronique.De Hollande, Zelande, Westfrise, Utrecht, Frise, Overyssel &, La Grande Chronique.de Hollande, Zelande, W, De l'Impression de Jacob Canin chez Guillau, Dordrecht, 1601 (B 030) (blz. 28)

Agathocles van Thracië
Agathocles prins van Thracië1,2, geb. in 312 BC, ovl. in 283 BC.

tr.
met

Lysandra Nicea van Egypte2.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Hilla  †-245 Stavoren  



Bronnen:
1.Stamboom van de Friese familie Agama, Coen Vogelaar, Geneanet, 7 feb 2022 (WWW 001)
2.Stamboom Zandstra / Agama, Stamboom Zandstra / Agama, Abele Jan Zandstra, 7 feb 2022 (WWW 002)

Ptolemaios I Soter van Egypte
Ptolemaios I Soter koning van Egypte1, geb. in 367 BC, ovl. in 283 BC.

Ptolemaios I Soter koning van Egypte.
Over zijn exacte afkomst bestond reeds in de oudheid veel onduidelijkheid. Officieel was hij de zoon van een zekere Lagos, een verder onbekende Macedonische edelman, maar er waren ook geruchten dat hij een zoon van Philippos II (en zijn bijvrouw Arsinoë) was, de vader van Alexander de Grote (356-323 v.Chr.) en koning van Macedonië; in dat geval zou hij een halfbroer van Alexander zijn. Ook over zijn jeugd is weinig bekend. Hij was waarschijnlijk bevriend met Alexander en zou met hem verbannen geweest zijn door Philippos II, maar keerde in 336 v.Chr. bij de dood van Philippos naar Macedonië terug.

tr.
met

Berenike I van Macedonië1, geb. in 340 BC, ovl. in 279 BC.

Berenike I van Macedonië.
Berenice I, dochter van Lagus (ca. 340 v.Chr. – tussen 279 en 268 v.Chr.), was eerst de vrouw van Philip, een obscure Macedonische edelman, aan wie ze het kind Magas van Cyrene schonk. Toen Philip stierf, kwam ze naar Egypte als hofdame voor Eurydice, de vrouw van Ptolemaeus I Soter I, Alexander de Grotes generaal en koninklijk opvolger. Berenice was zeer geliefd bij de koning, haar zoon Ptolemaeus II Philadelphus, werd eerder aangemerkt als erfgenaam dan Euridyces kinderen.

Berenice I lapte alle regels die aan vrouwen werden gesteld aan haar laars en vocht naast haar man op het slagveld. Haar zoons werden vermoord in een oorlog tegen haar zwager. Ze koesterde wrok en vermoordde hem persoonlijk. Toen ze dat had gedaan, reed ze met haar strijdwagen over zijn lichaam. Ze is ook de moeder van Arsinoë II.

Ptolemaeus I vernoemde de havenstad Berenike, die hij in 275 v.Chr. bouwde, naar zijn moeder. De koning Pyrrhus van Epirus gaf de naam Berenicis aan een nieuwe stad.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Agathocles*-312  †-283  29



Bronnen:
1.Stamboom van de Friese familie Agama, Coen Vogelaar, Geneanet, 7 feb 2022 (WWW 001)