Genealogische website van Cees Hagenbeek
Anicia
Anicia .

tr.
met

Pontius .

Uit dit huwelijk 4 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anicii     
Pontius     
Hermogenianus     
Adelphius     


Quintus Clodius Hermogenianus Olybrius
Quintus Clodius Hermogenianus Olybrius, consul van Noles in 431.

tr.
met

Turrenia Anicia Iulina, dr. van Anicius Auchenius Bassus (prefect van Rome in 382) en Turrenia Honorata.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anicia     


Turrenia Anicia Iulina
Turrenia Anicia Iulina.

tr.
met

Quintus Clodius Hermogenianus Olybrius, consul van Noles in 431.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anicia     


Anicius Auchenius Bassus
Anicius Auchenius Bassus, prefect van Rome in 382.

tr.
met

Turrenia Honorata.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Turrenia     


Turrenia Honorata
Turrenia Honorata.

tr.
met

Anicius Auchenius Bassus, zn. van Amnius Manius Ceasonicus Nicomachus Anisius Paulinus (consul in 334), prefect van Rome in 382.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Turrenia     


Pontius Proserius Paulinus Iunior
Pontius Proserius Paulinus Iunior, bisschop van Noles in 431.


Hermogenianus
Hermogenianus , bisschop van Limoges.


Adelphius
Adelphius , bisschop van Limoges.


Amnius Manius Ceasonicus Nicomachus Anisius Paulinus
Amnius Manius Ceasonicus Nicomachus Anisius Paulinus, consul in 334.

een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anicius     


Amnius Anicius Iulianus
Amnius Anicius Iulianus, consul in 322.

een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Amnius     


Anisius Faustus
Sextus (Anisius) Faustus, consul in 298,
, zijn onbekende vader was zeer waarschijnlijk een Quintus Ancius Paulinus, zoon van (Quintus) Anicius Faustus Paulinus, legaat van een landstreek op de Balkan aan de Donau in 229-230, en zijn moeder zou een dochter van Caius Asinius Nicomachus Iulianus kunnen zijn, die proconsul was van Azië ca 225/250. Deze was op zijn beurt een zoon van Caius Asinius Quadratus Protimus, proconsul van Griekenland in het begin der IIIe eeuw, broer van Caius Asinius Rufus. Zij waren in ieder geval allen afstammelingen van de beroemde geschiedschrijver aan het begin der IIIe eeuw, Caius Asinius Quadratus, die als tante Asinia Quadratilla had, dochter (?) van Caius Julius Quadratus Bassus, consul in 105 en Asinia Marcella. Caius Julius Quadratus Bassus stamde af van Oosterse koningen, afgezien van de details valt aannemelijk te maken dat hij afstamde van koning Deiotaros (Deiotarix), getrouwd met Berniké, die waarschijnlijk een kleindochter was van Attalos II, koning van Pergamos, waarvan de afstamming van Antiochus II bekend was. Deze laatste was een kleinzoon van Apama van Bactrië, hetgeen ons brengt bij het Perzische koningshuis der Achemeniden, dat regeerde van 550-330 v. Chr. (Dit zou dan het koningshuis moeten zijn waar Alexander de Grote een einde aan maakte, JJS) Het is niet uitgesloten, maar niet aantoonbaar, dat deze Achemeniden verwant waren aan de pharao's, de achtergrond van de gedachte dat de oorsprong van Karel de Grote bij de Ramsesiden te leggen valt.

een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Amnius     


Adelheid von Ravensberg von Brunswijk
Adelheid Herzögin von Ravensberg von Brunswijk (von Braunschweig, van Brunswijk), ovl. op 12 jun 1274.

tr. in 1263
met

Heinrich Landgraf von Hessen, zn. van Hendrik II hertog van Brabant van Lotharingen (ridder 1226, hertog van Lotharingen en Brabant, markgraaf van Antwerpen 1235) en Sophie van Thuringen, geb. op 24 jun 1244, landgraaf van Hessen, ovl. Marburg [Duitsland] op 21 dec 1308,
, tweede echtgenoot, das Kind, 1247 Belehnung mit Thüringen, kann 1256-1263 nur Hessen aus diesen Gütern dem Margkrafen Heinrich dem Erlauchten entreissen, tr. (2) met Mechthild van Kleef. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Uit dit huwelijk 3 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Otto*1272  †1328  56
Sophie  †1331   
Hendrik*1264  †1298  34


Georg Wilhelm von Walterskirchen zu Wolfsthal
Georg Wilhelm Freiherr von Walterskirchen zu Wolfsthal, geb. Wolfsthal [Oostenrijk] op 26 sep 1796, ovl. Pressburg [Duitsland] op 25 mei 1865.

tr.
met

Ida Reichsgräfin von Fries, dr. van Moritz Christian Reichsgraf von Fries en Marie Therese Prinzessin zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst, geb. Vöslau [Oostenrijk] op 13 jul 1811, ovl. Pressburg [Duitsland] op 29 nov 1868.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ernst*1829 Pressburg [Duitsland] †1891 Pressburg [Duitsland] 61


Ida von Fries
Ida Reichsgräfin von Fries, geb. Vöslau [Oostenrijk] op 13 jul 1811, ovl. Pressburg [Duitsland] op 29 nov 1868.

tr.
met

Georg Wilhelm Freiherr von Walterskirchen zu Wolfsthal, zn. van Johann Georg Wilhelm Edler Herr von Walterskichen Reichsfreiherr zu Wolfstal Freiherr (Hungarian indigenat 22.11.1802) en Eleonora Baronin Perenyi, geb. Wolfsthal [Oostenrijk] op 26 sep 1796, ovl. Pressburg [Duitsland] op 25 mei 1865.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ernst*1829 Pressburg [Duitsland] †1891 Pressburg [Duitsland] 61


Moritz Christian von Fries
Moritz Christian Reichsgraf von Fries, geb. Wenen [Oostenrijk] op 6 mei 1777, ovl. Parijs [Frankrijk] op 26 dec 1826,
, Moritz Christian Graf Fries (1777 - 1826) gilt als Urbild des "Verschwenders". Er war der Sohn eines reich gewordenen Elsässers, der Fabriken und Banken besaß und für seine Leistungen als Kriegslieferant erst in den Freiherren-, dann in den Reichsgrafenstand erhoben wurde. Sohn Moritz, der ein Millionenvermögen erbte, studierte in Leipzig Jus. Seine Verschwendungssucht zeigte sich früh, als er für die von seinem verstorbenen Bruder gegründete Bildergalerie die teuersten Werke kaufte, aber als Besitzer von Spinnereien und eines Großhandelshauses konnte er es sich lange Zeit leisten. Wie Raimunds Flottwell galt auch Fries nicht nur als leichtfertiger, sondern auch als großzügiger Mann.
In seiner Sammlung fanden sich Raffaels, Rembrandts und Dürers, er besaß an die 400.000 graphische Blätter, Münzen, Skulpturen und Mineralien sowie eine Bibliothek mit 16.000 Bänden. Damals, um 1800, als er die Prinzessin Therese Hohenlohe-Waldenburg-Schillingfürst heiratete, galt Fries als der reichste Mann Österreichs.
In einem Vierteljahrhundert allerdings verschwendete Fries, dem nicht zuletzt auch seine Großzügigkeit und mangelnde Menschenkenntnis zum Verhängnis wurde, das unerschöpflich scheinende Vermögen. Seine Gattin starb 1819 an den ewigen Sorgen über seine Haltlosigkeit, 1824 "entfernte" man ihn aus dem Bankgeschäft, das allerdings auch sein Sohn nicht mehr retten konnte. Das ganze Besitztum musste versteigert werden. Herr auf Vöslau, Orth, Neulengbach, Plankenberg, Deutschlandsberg, Feilhofen, Frauenthal, Harrachegg, Czernahora, Dehnenlohe und Oberschwanningen, Besitzer eines Palais am Josephsplatze zu Wien, 2.4.1792 nieder-österr.Herrenstand, 11.6.1811 steiermärkisches Herrenstands-Consortium.

tr.
met

Marie Therese Prinzessin zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst, dr. van Carl II Philipp Ludwig Franz De Paula Fürst zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst en Juditha Baronin Reviczky von Revisnye, geb. Wenen [Oostenrijk] op 28 jan 1779, ovl. Vöslau [Oostenrijk] op 25 aug 1819.

Uit dit huwelijk 2 dochters:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ida*1811 Vöslau [Oostenrijk] †1868 Pressburg [Duitsland] 57
Adelheid*1810  †1865  55


Marie Therese zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst
Marie Therese Prinzessin zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst, geb. Wenen [Oostenrijk] op 28 jan 1779, ovl. Vöslau [Oostenrijk] op 25 aug 1819.

tr.
met

Moritz Christian Reichsgraf von Fries, geb. Wenen [Oostenrijk] op 6 mei 1777, ovl. Parijs [Frankrijk] op 26 dec 1826,
, Moritz Christian Graf Fries (1777 - 1826) gilt als Urbild des "Verschwenders". Er war der Sohn eines reich gewordenen Elsässers, der Fabriken und Banken besaß und für seine Leistungen als Kriegslieferant erst in den Freiherren-, dann in den Reichsgrafenstand erhoben wurde. Sohn Moritz, der ein Millionenvermögen erbte, studierte in Leipzig Jus. Seine Verschwendungssucht zeigte sich früh, als er für die von seinem verstorbenen Bruder gegründete Bildergalerie die teuersten Werke kaufte, aber als Besitzer von Spinnereien und eines Großhandelshauses konnte er es sich lange Zeit leisten. Wie Raimunds Flottwell galt auch Fries nicht nur als leichtfertiger, sondern auch als großzügiger Mann.
In seiner Sammlung fanden sich Raffaels, Rembrandts und Dürers, er besaß an die 400.000 graphische Blätter, Münzen, Skulpturen und Mineralien sowie eine Bibliothek mit 16.000 Bänden. Damals, um 1800, als er die Prinzessin Therese Hohenlohe-Waldenburg-Schillingfürst heiratete, galt Fries als der reichste Mann Österreichs.
In einem Vierteljahrhundert allerdings verschwendete Fries, dem nicht zuletzt auch seine Großzügigkeit und mangelnde Menschenkenntnis zum Verhängnis wurde, das unerschöpflich scheinende Vermögen. Seine Gattin starb 1819 an den ewigen Sorgen über seine Haltlosigkeit, 1824 "entfernte" man ihn aus dem Bankgeschäft, das allerdings auch sein Sohn nicht mehr retten konnte. Das ganze Besitztum musste versteigert werden. Herr auf Vöslau, Orth, Neulengbach, Plankenberg, Deutschlandsberg, Feilhofen, Frauenthal, Harrachegg, Czernahora, Dehnenlohe und Oberschwanningen, Besitzer eines Palais am Josephsplatze zu Wien, 2.4.1792 nieder-österr.Herrenstand, 11.6.1811 steiermärkisches Herrenstands-Consortium.

Uit dit huwelijk 2 dochters:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Ida*1811 Vöslau [Oostenrijk] †1868 Pressburg [Duitsland] 57
Adelheid*1810  †1865  55


Carl II Philipp Ludwig Franz De Paula zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst
Carl II Philipp Ludwig Franz De Paula Fürst zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst, geb. Schillingsfürst [Duitsland] op 21 feb 1742, ovl. Kupferzell [Duitsland] tussen 14 jan 1796 en 14 jun 1796 .

tr.
met

Juditha Baronin Reviczky von Revisnye (Revisnyei Gróf Reviczky), geb. op 8 sep 1753, ovl. op 16 nov 1836.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Marie*1779 Wenen [Oostenrijk] †1819 Vöslau [Oostenrijk] 40


Juditha Reviczky von Revisnye
Juditha Baronin Reviczky von Revisnye (Revisnyei Gróf Reviczky), geb. op 8 sep 1753, ovl. op 16 nov 1836.

tr.
met

Carl II Philipp Ludwig Franz De Paula Fürst zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst, zn. van Carl Albert I Friedrich Ignatius Franz Fürst zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst en Sophie Wilhelmina Prinzessin zu Löwenstein-Wertheim-Rochefort, geb. Schillingsfürst [Duitsland] op 21 feb 1742, ovl. Kupferzell [Duitsland] tussen 14 jan 1796 en 14 jun 1796 .

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Marie*1779 Wenen [Oostenrijk] †1819 Vöslau [Oostenrijk] 40


Carl Albert I Friedrich Ignatius Franz zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst
Carl Albert I Friedrich Ignatius Franz Fürst zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst, geb. Schillingsfürst [Duitsland] op 22 sep 1719, ovl. Wenen [Oostenrijk] op 25 jan 1793.

tr.
met

Sophie Wilhelmina Prinzessin zu Löwenstein-Wertheim-Rochefort, dr. van Dominicus Marquardt Fürst von Löwenstein-Wertheim-Rochefort en Christina Franziska Polyxena Prinzessin von Hessen-Rheinfels, geb. Kleinheubach op 7 aug 1721, ovl. Schillingsfürst [Duitsland] op 29 sep 1749.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Carl II*1742 Schillingsfürst [Duitsland] †1796 Kupferzell [Duitsland] 53


Sophie Wilhelmina zu Löwenstein-Wertheim-Rochefort
Sophie Wilhelmina Prinzessin zu Löwenstein-Wertheim-Rochefort, geb. Kleinheubach op 7 aug 1721, ovl. Schillingsfürst [Duitsland] op 29 sep 1749.

tr.
met

Carl Albert I Friedrich Ignatius Franz Fürst zu Hohenlohe-Waldenburg-Schillingsfürst, geb. Schillingsfürst [Duitsland] op 22 sep 1719, ovl. Wenen [Oostenrijk] op 25 jan 1793.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Carl II*1742 Schillingsfürst [Duitsland] †1796 Kupferzell [Duitsland] 53